RECHTBANK Rotterdam
Team handel en haven
Zaaknummer: C/10/712599 / KG ZA 25-1290
Vonnis in kort geding van 26 januari 2026
in de zaak van
EUROLINE HANDELSONDERNEMING EN LOGISTIEK B.V.,
gevestigd te Zwaagdijk,
eisende partij,
hierna te noemen: Euroline,
advocaat: mr. M. Bonefaas,
tegen
1. CHEAP KEUKENS B.V.,
gevestigd te Westland,
hierna te noemen: Cheap Keukens,
2. KEUKEN STUDIO SCHIEDAM B.V.,
gevestigd te Schiedam,
hierna te noemen: Keuken Studio,
beide verschenen (vertegenwoordigd door hun statutair bestuurder),
gedaagde partijen,
hierna samen te noemen: Cheap Keukens c.s.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaardingen van 31 december 2025, met producties 1 tot en met 13;
- de voorafgaand aan de mondelinge behandeling door Euroline toegestuurde productie 14;- de mondelinge behandeling van 19 januari 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt;- de pleitnota van Euroline.
2. Het geschil
Euroline vordert bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
I. Cheap Keukens te veroordelen tot betaling aan Euroline van een bedrag van
€ 35.233,57 te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW, te rekenen vanaf de vervaldatum van de respectieve facturen tot aan de dag der algehele voldoening;
II. Keuken Studio te veroordelen tot betaling aan Euroline van een bedrag van € 30.911,08, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente ex artikel 6:119a BW, te rekenen vanaf de vervaldatum van de respectieve facturen tot aan de dag der algehele voldoening;
III. Cheap Keukens te veroordelen tot betaling aan Euroline van de buitengerechtelijke incassokosten zijnde € 1.127,34;
IV. Keuken Studio te veroordelen tot betaling aan Euroline van de buitengerechtelijke incassokosten zijnde € 1.084,11;
V. Cheap Keukens en Keuken Studio ieder afzonderlijk te veroordelen in de kosten voor het leggen van de conservatoire beslagen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag der dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening;
VI. Cheap Keukens en Keuken Studio ieder afzonderlijk te veroordelen tot betaling aan Euroline van de kosten van deze procedure, waaronder begrepen de nakosten, te voldoen binnen veertien dagen na dagtekening van het vonnis en - voor het geval voldoening binnen de gestelde termijn niet plaatsvindt - te vermeerderen met de wettelijke rente te rekenen vanaf bedoelde termijn voor voldoening tot aan de dag der algehele voldoening.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
3. De beoordeling
Met deze procedure wil Euroline bewerkstelligen dat Cheap Keukens en Keuken Studio worden veroordeeld tot betaling van verschillende geldbedragen aan Euroline. Daaraan heeft Euroline ten grondslag gelegd dat zij op basis van tussen partijen gesloten overeenkomsten montage- en logistieke diensten heeft verricht voor Cheap Keukens en Keuken Studio, waarvoor Cheap Keukens en Keuken Studio slechts ten dele hebben betaald.
Bij de toewijzing van een voorziening in kort geding tot betaling van een geldsom is terughoudendheid op zijn plaats. De voorzieningenrechter moet bij een dergelijke vordering niet alleen onderzoeken of het bestaan van de vordering voldoende aannemelijk is, maar ook of sprake is van zodanige spoedeisendheid dat een onmiddellijke voorziening vereist is en of er een restitutierisico is.
Euroline voert in dit kader aan dat zij geen tijd heeft een bodemprocedure af te wachten. Zij wijst er op dat de marges in de branche laag zijn en dat de niet betaalde facturen een zware wissel trekken op haar liquiditeit, terwijl zijn binnen enkele dagen de lonen van haar werknemers dient te betalen. Bij beslagleggingen die enkele dagen voor de mondelinge behandeling plaatsvonden, is volgens Euroline geconstateerd dat twee showrooms van Cheap Keukens c.s. niet open waren op het gebruikelijke tijdstip en dat enkele showroomkeukens daaruit waren verwijderd. Dat wijst er volgens Euroline op dat Cheap Keukens c.s. in een financieel problematische situatie verkeren, hetgeen strookt met door de vrouw van de bestuurder van Cheap Keukens c.s. gedane mededelingen. Verder wijst Euroline er op dat het conservatoire bankbeslag slechts een zeer beperkt bedrag van ongeveer € 4.500,- heeft getroffen.
Uit het voorgaande volgt naar het oordeel van de rechtbank op zichzelf wel dat Euroline er spoedeisend belang bij heeft dat de hier bedoelde facturen op korte termijn worden voldaan. Dat betekent evenwel niet dat de vordering ook kan worden toegewezen.
Cheap Keukens c.s. hebben op de zitting onder verwijzing naar een concreet voorbeeld aangevoerd dat de door Euroline in rekening gebrachte factuurbedragen niet zijn terug te voeren op de prijslijsten die Euroline hanteert. Volgens Cheap Keukens c.s. zijn (en worden) er over de door Euroline uitgevoerde werkzaamheden veel klachten van klanten ontvangen en is sprake van schadeclaims van die klanten. Een aantal werkzaamheden is niet of verkeerd uitgevoerd door Euroline en creditfacturen hiervoor ontbreken, aldus Cheap Keukens c.s.. Volgens Cheap Keukens c.s. is er over deze klachten meerdere keren contact geweest met Euroline, zowel telefonisch als per mail. Volgens Cheap Keukens c.s. is niet duidelijk welke algemene voorwaarden gelden op de rechtsbetrekkingen tussen partijen en heeft Euroline in strijd met de daarvoor geldende regels bepaalde facturen geïnd met een sepa-machtiging. De vele facturen zijn bovendien onvoldoende gespecificeerd en zijn niet altijd aan de juiste vennootschap gestuurd. Partijen hebben maar een relatief korte periode van ongeveer acht weken zaken met elkaar gedaan, in de laatste maanden van 2025. Mogelijk is er per saldo zelfs een tegenvordering. In elk geval is nog veel feitenonderzoek nodig, zo stelt Cheap Keuken c.s.
Volgens Euroline is het een en ander onjuist. Volgens haar is wel de prijslijst gehanteerd bij de berekening van de door Cheap Keukens c.s. verschuldigde bedragen. Zij wijst er in dat kader op dat zij een aantal facturen heeft besproken met en toegelicht aan twee medewerkers van Cheap Keukens c.s. Volgens Euroline is geen sprake van door haar veroorzaakte schades bij klanten. Euroline benadrukt dat zij al maanden tevergeefs betaling van de facturen probeert te verkrijgen, zonder enige reactie van Cheap Keukens c.s.
Met hetgeen onder 3.5 is weergegeven, hebben Cheap Keukens c.s. de vorderingen van Euroline gemotiveerd betwist. Ter onderbouwing van dat verweer hebben zij op de zitting (als voorbeelden) een tweetal e-mailberichten laten zien met klachten van klanten over de werkzaamheden van Euroline, die (ook) aan Euroline zijn gestuurd. Daarvan zijn er volgens Cheap Keukens c.s. nog veel meer. Volgens Euroline deugt deze betwisting van Cheap Keukens c.s. niet, maar hoe dan ook is bij deze stand van zaken nader onderzoek naar de gegrondheid van de vordering van Euroline nodig. Daarvoor is in dit kort geding geen plaats. Dat maakt dat het bestaan van de geldvorderingen in het kader van dit kort geding onvoldoende aannemelijk is geworden. Dat staat aan toewijzing van de geldvorderingen in de weg. Dat Euroline de factuurbedragen dringend nodig heeft en vraagtekens plaatst bij de huidige vermogenspositie van Cheap Keukens, maakt dat niet anders.
Het voorgaande betekent dat de vorderingen van Euroline worden afgewezen.
Cheap Keukens c.s. hebben, ondanks herhaalde betalingsverzoeken en ingebrekestellingen door Euroline, pas op de zitting toegelicht waarom zij de facturen niet betalen. Zij hebben niet eerder – vóórdat Euroline tot dagvaarding overging – een reactie gegeven, laat staan een gemotiveerde reactie. Daarin wordt aanleiding gezien de proceskosten te compenseren in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. Als Cheap Keukens c.s. die toelichting eerder hadden gegeven, had Euroline kunnen afzien van het instellen van een kort geding. De stelling van Cheap Keukens c.s. dat het een ingewikkelde kwestie is en dat zij vanwege een verblijf van de bestuurder in het buitenland eerder geen tijd of gelegenheid hadden om te reageren op de betaalverzoeken van Euroline, verandert dat niet. Dat zijn omstandigheden die voor hun risico komen.
4. De beslissing
De voorzieningenrechter,
wijst de vorderingen van Euroline af;
compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.J.A.M. Cooijmans en in het openbaar uitgesproken op 26 januari 2026.
1861/1694