RECHTBANK ROTTERDAM
locatie Rotterdam
zaaknummer: 11818068 CV EXPL 25-16507
datum uitspraak: 2 januari 2026
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
bol.com B.V.,
vestigingsplaats: Amsterdam,
eiseres,
gemachtigde: GGN Mastering Credit B.V.,
tegen
[gedaagde] ,
woonplaats: [woonplaats] ,
gedaagde,
die zelf procedeert.
De partijen worden hierna ‘bol.com’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.
1. De procedure
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
2. De beoordeling
Waar gaat deze zaak over?
[gedaagde] heeft bij bol.com bestellingen geplaatst in de periode van mei tot en met juli 2023. De facturen voor de bestellingen heeft ze onbetaald gelaten. Het gaat om een totaalbedrag van € 296,63. Bol.com eist in deze procedure betaling van die facturen, met incassokosten en rente.
[gedaagde] wil het bedrag van de facturen betalen en heeft daarvoor met (de gemachtigde van) bol.com een betalingsregeling getroffen. Ze vindt dat de kosten van deze procedure onnodig zijn en wil die daarom niet betalen.
De kantonrechter wijst een bedrag van € 237,30 toe. Dit is 80% van het totaal van de factuurbedragen, plus € 40,- incassokosten en € 31,78 rente. Die beslissing licht de kantonrechter hieronder toe.
Ambtshalve toetsing informatieverplichtingen
Omdat bol.com een handelaar is en [gedaagde] een consument en de overeenkomsten op afstand zijn gesloten, moet de kantonrechter ambtshalve toetsen of bol.com heeft voldaan aan haar informatieverplichtingen. De kantonrechter oordeelt dat bol.com aan één verplichting niet heeft voldaan. Dit gaat om de verplichting van artikel 6:230m lid 1 onder g BW. Het moet de consument voorafgaand aan het voltooien van de bestelling duidelijk zijn hoe en wanneer moet worden betaald. Dat blijkt niet uit de voorbeeldbestelling die bol.com heeft overgelegd.
Omdat sprake is van schending van één informatieverplichting, zal de kantonrechter de overeenkomst(en) met toepassing van de sanctierichtlijn gedeeltelijk vernietigen. Dit houdt in dat de betalingsverplichting van [gedaagde] wordt verminderd met 20%. Dit betekent dat van de factuurbedragen € 237,30 toewijsbaar is (80%).
[gedaagde] moet incassokosten van € 40,- betalen
Als vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten wordt € 40,- toegewezen. Aan alle voorwaarden om een vergoeding voor deze kosten te krijgen is voldaan (artikel 6:96 BW). [gedaagde] heeft namelijk niet betaald binnen de termijn die in de brief van 22 april 2025 is gegeven. Wel zijn de buitengerechtelijke incassokosten alleen berekend over het bedrag dat is toegewezen.
[gedaagde] moet rente betalen
De rente wordt toegewezen, omdat bol.com genoeg heeft gesteld waaruit volgt dat deze moet worden betaald en [gedaagde] dat niet heeft betwist. Ook bij het treffen van een betalingsregeling moet rente worden betaald, omdat de betalingstermijnen van de facturen al verstreken zijn. De vervallen rente tot en met 17 juli 2025 bedraagt – rekening houdend met het afgewezen deel van de hoofdsom – € 31,78.
[gedaagde] moet de proceskosten betalen
De proceskosten komen voor rekening van [gedaagde] , omdat zij voor het grootste deel ongelijk krijgt (artikel 237 Rv). Bol.com mocht deze procedure starten, omdat [gedaagde] niet op tijd heeft betaald. De betalingsregeling is pas getroffen nadat de dagvaarding al was uitgebracht. De kosten voor de dagvaarding en voor het aanbrengen van de zaak bij de rechtbank (griffierecht) waren toen al gemaakt. [gedaagde] moet ook betalen voor het werk van de gemachtigde van bol.com. Bol.com was niet verplicht om de procedure stop te zetten vanwege de betalingsregeling, zeker niet nu [gedaagde] niet bereid was om de proceskosten te betalen.
De kantonrechter begroot de kosten die [gedaagde] aan bol.com moet betalen op € 120,78 aan dagvaardingskosten, € 135,- aan griffierecht, € 164,- aan salaris voor de gemachtigde (2 punten × € 82,-) en € 41,- aan nakosten. Dat is in totaal € 460,78. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend.
Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat bol.com dat eist en [gedaagde] geen bezwaar tegen heeft gemaakt (artikel 233 Rv). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.
3. De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt [gedaagde] om aan bol.com te betalen € 309,08 met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW over een bedrag van € 237,30 vanaf 18 juli 2025 tot de dag dat volledig is betaald;
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, die aan de kant van bol.com worden begroot op € 460,78;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door mr. I.W.M. Laurijssens en in het openbaar uitgesproken.
51909