ECLI:NL:RBZWB:2023:4137

ECLI:NL:RBZWB:2023:4137, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 20-06-2023, AWB- 22_3016

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 20-06-2023
Datum publicatie 23-06-2023
Zaaknummer AWB- 22_3016
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Middelburg
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:RVS:2025:2291
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 7 zaken
Aangehaald door 1 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537 BWBR0006358

Samenvatting

BRP

Uitspraak

[naam eiseres] , uit [plaatsnaam] , eiseres

(gemachtigde: [naam gemachtigde 1] ),

en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veere, het college

(gemachtigden: mr. L.A. Kaan en [naam gemachtigde 2] ).

Als derde-belanghebbende heeft aan het geding deelgenomen: de Staat der Nederlanden (de minister van Justitie en Veiligheid).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres over het geen gevolg geven aan de aangifte adreswijziging van eiseres.

Het college heeft deze aanvraag met het besluit van 14 juli 2020 afgewezen. Met het bestreden besluit van 11 november 2020 op het bezwaar van eiseres is het college daarbij gebleven.

De rechtbank heeft bij uitspraak van 25 maart 2022 (ECLI:NL:RBZWB:2022:1470) het beroep daartegen gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het college opgedragen binnen 8 weken na de dag van verzending van die uitspraak een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met inachtneming van die uitspraak.

Het college heeft op 17 mei 2022 een nieuw besluit genomen.

De rechtbank heeft het beroep op 24 mei 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van eiseres en de gemachtigden van het college.

Feiten

2. Op 27 mei 2020 heeft eiseres aangifte gedaan van een verhuizing per 1 juni 2020 naar de [adres 1] 2 te [plaatsnaam] .

Op 22 juni 2020 en 23 juni 2020 hebben controles plaatsgevonden bij de woning aan de [adres 1] 2 te [plaatsnaam] .

Bij besluit van 14 juli 2020 heeft het college besloten om geen gevolg te geven aan de aangifte adreswijziging.

Eiseres heeft daartegen bezwaar gemaakt.

Op 29 september 2020 heeft opnieuw een controle plaatsgevonden.

Het college heeft het bezwaar van eiseres bij besluit van 11 november 2020 ongegrond verklaard.

Op 12 april 2022, 15 april 2022, en 20 april 2022 hebben controles plaatsgevonden bij de woningen aan de [adres 1] 2 te [plaatsnaam] en [adres 2] 4 te [plaatsnaam] .

In de herziene beslissing op bezwaar heeft het college het besluit van 11 november 2020 in stand gelaten. Hieraan heeft het college ten grondslag gelegd dat uit de in 2.6 genoemde controles, het telefonisch contact dat nadien heeft plaatsgevonden met eiseres en een verklaring van de gemachtigde ter zitting bij deze rechtbank op 1 maart 2022 blijkt dat eiseres woont op het adres [adres 2] 4 te [plaatsnaam] .

Beoordeling door de rechtbank

3. De rechtbank beoordeelt of het college terecht geen gevolg heeft kunnen geven aan de aangifte adreswijziging van eiseres. Daarnaast beoordeelt de rechtbank het verzoek van eiseres om vergoeding van immateriële schade. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiseres.

Heeft het college geen gevolg kunnen geven aan de aangifte adreswijziging van eiseres?

4. Eiseres voert aan dat het college het nieuwe besluit niet heeft genomen met inachtneming van de uitspraak van de rechtbank van 25 maart 2022 (ECLI:NL:RBZWB:2022:1470). Met de in 2.6 genoemde controles is niet aannemelijk geworden dat eiseres ook ten tijde van haar aangifte adreswijziging haar woonplaats had op het adres [adres 2] 4 te [plaatsnaam] . Het college heeft dan ook ten onrechte besloten om aan de aangifte adreswijziging van eiseres geen gevolg te geven. Eiseres stelt belang te hebben bij een herroeping van dat besluit. Dat belang bestaat enerzijds uit de kwalificatie als eigen woning voor de inkomstenbelasting en daarmee ook het recht op gesubsidieerde rechtsbijstand en anderzijds uit de aan haar te vergoeden kosten voor de bezwaarfase.

De rechtbank overweegt als volgt. Het college heeft geen hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank van 25 maart 2022 (ECLI:NL:RBZWB:2022:1470). Die onherroepelijke uitspraak vormt dan ook - zoals partijen ter zitting is voorgehouden - het vertrekpunt voor de beoordeling van de onderhavige zaak. De rechtbank heeft in die uitspraak geoordeeld dat het college onvoldoende met objectieve en verifieerbare gegevens heeft onderbouwd dat eiseres vanaf 1 juni 2020 dan wel op 11 november 2020 niet haar woonplaats had op het adres aan de [adres 1] 2.

Het college heeft ten opzichte van zijn eerdere besluit geen nieuwe feiten en/of omstandigheden aangedragen op grond waarvan aannemelijk is geworden dat eiseres vanaf 1 juni 2020 dan wel op 11 november 2020 niet haar woonplaats had op het adres aan de [adres 1] 2. De door het college in 2.6 uitgevoerde controles dragen daar niet aan bij, omdat tussen partijen niet in geschil dat het woonadres van eiseres op dié momenten aan de [adres 2] 4 te [plaatsnaam] was. Aangezien het overige door het college aangevoerde bewijs door de rechtbank eerder ontoereikend is geacht, kan daar - gelet op de onherroepelijkheid van die uitspraak - niet op worden teruggekomen. Dat het vergaren van bewijs voor de nieuw te nemen beslissing veel tijd en inspanning kost en daarnaast belastend is voor de betrokkenen, leidt niet tot een ander oordeel. De rechtbank ziet in dat het college in retrospectief in een lastige(r) bewijspositie verkeert, maar acht het in het onderhavige geval ook weer niet onmogelijk om - binnen de bestaande controlebevoegdheden waarover het college beschikt bij adresonderzoek - aanvullend onderzoek te doen, bijvoorbeeld aan de hand van waterverbruik, abonnementen en lidmaatschappen die op een adres staan of stonden geregistreerd.

Heeft eiseres recht op vergoeding van immateriële schade?

5. Eiseres heeft de rechtbank verzocht om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden.

Op grond van vaste rechtspraak is een redelijke termijn voor de afhandeling van bezwaar en beroep als uitgangspunt twee jaar. Daarbij mag de behandeling van het bezwaar ten hoogste een half jaar en de behandeling van het beroep ten hoogste anderhalf jaar duren. Dit is behoudens factoren die onder omstandigheden aanleiding kunnen geven overschrijding van deze behandelingsduren gerechtvaardigd te achten. Daarvan is in dit geval niet gebleken.

Bij de beoordeling of, en zo ja, in hoeverre sprake is van overschrijding van de redelijke termijn dient de duur van de procedure als geheel in aanmerking te worden genomen. Dit geldt ook indien na bezwaar en een eerdere vernietiging in beroep de herziene beslissing op bezwaar aan de rechter wordt voorgelegd. De termijn vangt aan op het moment dat eiseres het bezwaarschrift heeft ingediend. Gerekend van (de ontvangst van) het bezwaarschrift van 26 augustus 2020 tot de datum van deze uitspraak van 5 juli 2023 zijn afgerond 2 jaar en 11 maanden verstreken. De rechtbank stelt vast dat de redelijke termijn met circa 11 maanden is overschreden. Eiseres heeft daarom recht op een schadevergoeding van € 1.000,- (uitgaande van € 500,- per overschrijding per half jaar).

De overschrijding van de redelijke termijn wordt volledig toegerekend aan de beroepsfase, omdat de bezwaarfase niet langer dan een halfjaar heeft geduurd. De Staat der Nederlanden (de minister van Justitie en Veiligheid) dient daarom € 1.000,-. te betalen. De rechtbank merkt de Staat (de minister van Justitie en Veiligheid) in zoverre mede aan als partij in dit geding.

Conclusie en gevolgen

6. Gelet op het voorgaande zal de rechtbank het beroep gegrond verklaren en het bestreden besluit vanwege een zorgvuldigheids- en motiveringsgebrek wederom vernietigen.

Omdat het beroep gegrond is, moet het college het griffierecht aan eiseres vergoeden en krijgt eiseres ook een vergoeding van haar proceskosten. De vergoeding is met toepassing van het Besluit proceskosten bestuursrecht als volgt berekend. Deze vergoeding bedraagt € 1.674,- omdat de gemachtigde van eiseres een beroepschrift heeft ingediend en aan de zitting heeft deelgenomen.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart het beroep gegrond;

- vernietigt het bestreden besluit van 17 mei 2022;

- draagt het college op binnen 8 weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met inachtneming van deze uitspraak;

- bepaalt dat het college het griffierecht van € 184,- aan eiseres moet vergoeden;

- veroordeelt het college tot het betalen van € 1.674,- aan proceskosten aan eiseres;

- veroordeelt de Staat tot betaling van € 1.000,- aan eiseres wegens de geleden immateriële schade.

Deze uitspraak is gedaan door mr. E.J. Govaers, rechter, in aanwezigheid van mr. L.M. de Leeuw van Weenen, griffier, op 20 juni 2023 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. E.J. Govaers

Griffier

  • mr. L.M. de Leeuw van Weenen

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?