ECLI:NL:RBZWB:2023:8723

ECLI:NL:RBZWB:2023:8723, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 14-12-2023, BRE - 22 _ 4304

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 14-12-2023
Datum publicatie 21-12-2023
Zaaknummer BRE - 22 _ 4304
Rechtsgebied Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Breda
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:GHSHE:2025:2586
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 2 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537 BWBR0011353

Samenvatting

IB/PVV 2019, Belgische gemeentebelasting

Uitspraak

[belanghebbende] , uit [plaats] (België), belanghebbende,

en

de inspecteur van de Belastingdienst, de inspecteur.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur van 3 augustus 2022.

De inspecteur heeft aan belanghebbende voor het jaar 2019 een aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) opgelegd naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 35.931 waarbij gelijktijdig € 213 belastingrente in rekening is gebracht (de belastingrentebeschikking).

De inspecteur heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard.

De inspecteur heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft het beroep op 2 november 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: belanghebbende en namens de inspecteur, mr. [inspecteur 1] en mr. [inspecteur 2] .

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank beoordeelt of de aanslag IB/PVV 2019 naar het juiste bedrag is opgelegd. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van belanghebbende.

3. De rechtbank is van oordeel dat de aanslag IB/PVV 2019 naar het juiste bedrag is opgelegd. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Feiten

4. Belanghebbende is inwoner van België.

Belanghebbende is het gehele jaar 2019 in Nederland in dienstbetrekking werkzaam geweest bij [b.v.]

België heeft over het loon uit dienstbetrekking geen personenbelasting maar wel gemeentelijke belasting geheven.

Overwegingen

Toewijzing van het heffingsrecht over het loon uit dienstbetrekking / Nieuw standpunt van belanghebbende ter zitting

5. Belanghebbende heeft ter zitting het standpunt ingenomen dat het heffingsrecht over zijn loon uit dienstbetrekking terecht aan Nederland toegewezen is en de aanslag IB/PVV 2019 daarom naar het juiste bedrag is opgelegd. Heffing van Belgische gemeentebelasting

Belanghebbende stelt dat België ten onrechte gemeentebelasting heft over zijn aan de Nederlandse inkomstenbelasting onderworpen loon uit dienstbetrekking.

De rechtbank overweegt dat het belastingverdrag met België op grond van artikel 2, derde lid, letter a, niet van toepassing is op Belgische gemeentelijke belastingen. Dit is bevestigd in artikel 24 van Protocol I behorende bij het belastingverdrag.

De rechtbank overweegt dat zij daarom niet bevoegd is om te oordelen over de heffing van Belgische gemeentelijke belastingen. De rechtbank heeft belanghebbende ter zitting voorgehouden dat hij kan nagaan of tegen de aanslag Belgische gemeentebelasting eventueel bezwaar of beroep in België mogelijk is. Is terecht belastingrente in rekening gebracht?

Het beroep wordt geacht mede betrekking te hebben op de belastingrente. Belanghebbende heeft geen zelfstandige gronden tegen de in rekening gebrachte belastingrente aangevoerd. De rechtbank ziet geen aanleiding af te wijken van de belastingrentebeschikking. Hierbij wijst de rechtbank belanghebbende erop dat het bedrag van de belastingrente het bedrag van de aanslag volgt.

Conclusie en gevolgen

6. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat de aanslag IB/PVV 2019 in stand blijft. Belanghebbende krijgt daarom het griffierecht niet terug.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan op 14 december 2023 door mr. A.H.W. Steijn, rechter, in aanwezigheid van mr. F.E.M. Houben, griffier. De uitspraak is openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.

Digitaal beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch (belastingkamer), Postbus 70583, 5201 CZ 's-Hertogenbosch.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. A.H.W. Steijn

Griffier

  • mr. F.E.M. Houben

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl V-N Vandaag 2023/3121 Viditax (FutD) 2023122109 FutD 2024-0025
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?