ECLI:NL:RBZWB:2025:228

ECLI:NL:RBZWB:2025:228, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 09-01-2025, C/02/430505 / FA RK 25-56

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 09-01-2025
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer C/02/430505 / FA RK 25-56
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Rekestprocedure
Zittingsplaats Breda
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 4 zaken
30 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Wettelijke verwijzingen

BWBR0008587 BWBR0008659 BWBR0020413 BWBR0020420 BWBR0020421 BWBR0020871 BWBR0022748 BWBR0026204 BWBR0037533 BWBR0045051 BWBR0047530 BWBR0047761 BWBR0049497 BWBR0049942 BWBR0050592 BWBR0050661 BWBR0050667 BWBR0050670 BWBR0050673 BWBR0050675 BWBR0050678 CELEX:31973L0239 CELEX:31978L0660 CELEX:31979L0267 CELEX:31982L0891 CELEX:31983L0349 CELEX:31992L0049 CELEX:31992L0096 CELEX:31993L0006 CELEX:31993L0022

Samenvatting

Voortzetting IBS

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Breda

Zaaknummer: C/02/430505 / FA RK 25-56

Datum uitspraak: 9 januari 2025

Beschikking voortzetting inbewaringstelling

op het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedag] 1942 in [geboorteplaats] ,

hierna te noemen betrokkene,

wonend in [plaats] ,

advocaat mr. H. van der Sluis-Westerlaan te Oosterhout .

1. Het verloop van de procedure

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in haar beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 7 januari 2025.

De mondelinge behandeling met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 9 januari 2025. Daarbij zijn gehoord:

betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat, mr. H. van der Sluis-Westerlaan;

mevrouw [naam 1] , specialist ouderengeneeskunde, behandelaar;

mevrouw [naam 2] , verpleegkundige;

mevrouw [naam 3] , dochter van betrokkene;

de heer [naam 4] , schoonzoon van betrokkene.

2. Wat vaststaat

Betrokkene verblijft met een inbewaringstelling in [stichting]. De burgemeester van Oosterhout heeft de inbewaringstelling op 6 januari 2025 genomen.

3. Het verzoek

Het CIZ verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling voor de duur van zes weken te verlenen.

4. De standpunten

Betrokkene geeft aan niet in het verzorgingstehuis te willen blijven, maar dat hij dat wel moet van zijn dochter. Volgens betrokkene heeft hij voorlopig nog nergens last van. Hij stelt niet op de weg te hebben gestaan, maar enkel over het fietspad te hebben gelopen.

De behandelaar van betrokkene geeft aan dat ze de medische verklaring summier vindt en dat ze betrokkene pas sinds de dag voorafgaand aan de mondelinge behandeling kent. Betrokkene maakt op de behandelaar een vriendelijke indruk. Betrokkene wil wel weg van de afdeling omdat hij volgens hem geen klachten heeft met betrekking tot zijn gezondheid. Betrokkene geeft meestal adequate antwoorden, maar met momenten kan hij zijn eigen situatie niet meer overzien. De behandelaar heeft zich verdiept in het dossier van de huisarts en maakt daaruit op dat er de afgelopen maanden gevaarlijke situaties hebben plaatsgevonden. Zo zorgde betrokkene voor overlast bij de buren, ging hij voor rijdende auto’s staan, laat hij de deur van zijn huis open en is er sprake van wegloopgedrag. Hij ziet het gevaar van die handelingen niet meer in. Daarnaast eet en drinkt betrokkene niet goed en verwaarloost hij zichzelf. In de thuissituatie is betrokkene een gevaar voor zichzelf en ligt verwaarlozing op de loer.

De verpleegkundige stelt dat ze betrokkene proberen te begeleiden als hij weg wil en dat hij dan voor een aantal minuten te corrigeren is, maar dat het daarna weer hetzelfde is. Tevens bevestigt zij dat betrokkene niet meer voor zijn eigen voeding kan zorgen en dat hij zijn persoonlijke hygiëne niet zelf kan waarborgen.

Volgens de advocaat van betrokkene staat er in het dossier niet meer vermeld dan in het dossier stond bij een eerder verzoek tot een rechterlijke machtiging. Daarnaast wil betrokkene graag naar huis en bepleit de advocaat derhalve afwijzing van het verzoek. Daarbij vermeldt ze wel dat ze kan begrijpen dat de situatie van betrokkene het afgelopen jaar verslechterd is en dat ze na het verhaal van de behandelaar voor kan stellen dat het niet meer verantwoord is om betrokkene thuis te laten wonen.

De dochter en schoonzoon van betrokkene reageren hevig geëmotioneerd en geagiteerd tijdens de mondelinge behandeling. Zij zijn van mening dat er een machtiging moet worden verleend voor een veel langere periode en dat dat ook al veel eerder had moeten gebeuren.

5. De beoordeling

De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.

Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:

- levensgevaar;

- bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat betrokkene onder invloed van een ander raakt;

- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.

Uit de overgelegde stukken blijkt dat betrokkene op de autoweg voor auto’s gaat staan om ze aan te houden. Hij loopt daarbij roekeloos de weg op en stapt hij bij vreemden in de auto. Tijdens de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene in de thuissituatie overlast veroorzaakt en dat hij de mogelijke gevaren van zijn handelen niet meer overziet.

Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychogeriatrische aandoening.

Het ernstig nadeel is zodanig onmiddellijk dreigend dat een rechterlijke machtiging niet kan worden afgewacht.

Voortzetting van de inbewaringstelling is noodzakelijk en geschikt om het onmiddellijk dreigend ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Betrokkene verzet zich hiertegen.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.

6. De beslissing

De rechtbank:

verleent een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1942 in [geboorteplaats] ;

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 20 februari 2025.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 9 januari 2025 door mr. Willemsen, rechter, in aanwezigheid van mr. Brok, griffier, en op schrift gesteld op 17 januari 2025.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. Willemsen

Griffier

  • mr. Brok

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?