ECLI:NL:RBZWB:2025:4677

ECLI:NL:RBZWB:2025:4677, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 15-07-2025, C/02/411977 / FA RK 23-3406

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 15-07-2025
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer C/02/411977 / FA RK 23-3406
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Middelburg
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827 BWBR0002656

Samenvatting

Aankondiging prejudiciële vragen HR t.a.v. gecombineerde geslachtsnaam.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team Familie- en Jeugdrecht

Middelburg

Zaaknummer: C/02/411977 / FA RK 23-3406

datum uitspraak: 15 juli 2025

(nadere) beschikking betreffende gecombineerde geslachtsnaam

in de zaak van

[de man] ,

wonende te [woonplaats 1] ,

hierna te noemen de man,

advocaat: mr. K.T.J.M. Pijls-olde Scheper te Roosendaal,

tegen

[de vrouw] ,

wonende te [woonplaats 2] ,

hierna te noemen de vrouw,

advocaat: mr. J.A. Scanlan te Roosendaal,

betreffende de minderjarige:

- [minderjarige] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2023, hierna te noemen: [minderjarige] .

Op grond van het bepaalde in artikel 810 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is in de procedure gekend:

- de Raad voor de Kinderbescherming, regio Zeeland, West- en Midden-Brabant, locatie Middelburg, hierna te noemen: de raad, om de rechtbank over de verzoeken te adviseren.

1. Het verdere procesverloop

In het dossier zitten de volgende stukken:

- de beschikking van de rechtbank van 27 november 2024 en alle daarin genoemde stukken;

- het F9-formulier van mr. Pijls-olde Scheper d.d. 9 december 2024 met bijlage;

- het F9-formulier van mr. Scanlan d.d. 16 december 2024;

- het F9-formulier van mr. Pijls-olde Scheper d.d. 12 juni 2025 met bijlagen;

- de tijdens de zitting van 25 juni 2025 overgelegde pleitnota van mr. Pijls-olde Scheper.

Het verzoek ten aanzien van de gecombineerde geslachtsnaam is door de meervoudige kamer van deze rechtbank mondeling behandeld op 25 juni 2025. Bij die behandeling waren aanwezig partijen met hun advocaten. Ook was een vertegenwoordigster aanwezig namens de Raad.

2. De verdere beoordeling

De rechtbank verwijst naar de beschikking van 27 november 2024. Ter beoordeling aan de meervoudige kamer van deze rechtbank ligt voor het verzoek van de man betreffende de gecombineerde geslachtsnaam betreffende [minderjarige] .

De man verzoekt de rechtbank te bepalen dat [minderjarige] voortaan zal heten: [gecombineerde geslachtsnaam man en vrouw] . De ouders komen op dit punt niet tot een vergelijk en het ontbreekt de man aan een rechtsingang om dit geschil voor te leggen aan de rechtbank. De man stelt in dit kader dat de vangnetbepaling die volgt uit artikel 1:5 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) en het ontbreken van een rechtsingang om het geschil voor te leggen aan de rechtbank in strijd is met artikel 8 en 14 Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (hierna: EVRM).

Op grond van artikel 392 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna: Rv), kan de rechter de Hoge Raad een rechtsvraag stellen ter beantwoording bij wijze van prejudiciële beslissing, indien een antwoord op deze vraag nodig is om op de eis of het verzoek te beslissen en rechtstreeks van belang is:

voor een veelheid aan vorderingsrechten die gegrond zijn op dezelfde of soortgelijke feiten en uit dezelfde of soortgelijke samenhangende oorzaken voorkomen, of

voor de beslechting of beëindiging van talrijke andere uit soortgelijke feiten voortvloeiende geschillen, waarin dezelfde vraag zich voordoet.

De rechtbank is van oordeel dat een beslissing over de toepassing van artikel 8 en 14 EVRM in het kader van de beslechting van het onderhavig geschil noodzakelijk is en dat deze vraag zich voor kan doen in talrijke andere zaken met soortgelijke feiten. De rechtbank zal daarom het verzoek van de man aanhouden, zodat dit proces in gang kan worden gezet en de bevindingen van de Hoge Raad kunnen worden afgewacht.

Conform artikel 392 lid 1 Rv, zal de rechtbank partijen in de gelegenheid stellen om zich uit te laten over de inhoud van de door de rechtbank geformuleerde prejudiciële vragen alvorens deze vragen aan de Hoge Raad worden gesteld.

Dit betekent dat als volgt wordt beslist.

3. De beslissing

De rechtbank

houdt iedere verdere beslissing op het verzoek van de man aan totdat een afschrift van de beslissing van de Hoge Raad is ontvangen.

Deze beschikking is gegeven door mr. Sumner (voorzitter), mr. De Beer en mr. Dijkman, rechters, en in het openbaar uitgesproken op 15 juli 2025 in aanwezigheid van Bakker-Maljers, griffier.

Indien hoger beroep tegen deze beschikking mogelijk is, kan dat worden ingesteld:

door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,

door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.

Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl PFR-Updates.nl 2025-0171
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand