ECLI:NL:RBZWB:2025:5680

ECLI:NL:RBZWB:2025:5680, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 03-07-2025, 11189286 MB VERZ 24-517

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 03-07-2025
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 11189286 MB VERZ 24-517
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Bergen op Zoom
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0004581

Samenvatting

Gegrond: beroep tegen verkeersboete, gedraging staat niet vast, gegrond.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht

Zittingsplaats Bergen op Zoom

zaaknummer : 11189286 \ MB VERZ 24-517

CJIB-nummer : 4062 5422 5260 1957

uitspraakdatum : 3 juli 2025

proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)

in de zaak van

naam : [naam]

adres : [adres]

woonplaats : [woonplaats]

hierna: betrokkene

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

De zaak is behandeld op de zitting van 3 juli 2025. Namens de officier van justitie is verschenen mr. I.M.E. van der Meijden (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: als bestuurder tijdens het rijden een mobiel elektronisch apparaat vasthouden op de Vosdonk te Etten-Leur op 23 september 2022 om 08:38 uur.

Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de gedraging niet is verricht. Betrokkene stelt dat hij voor een rood stoplicht stilstond toen hij werd gebeld door een collega. Betrokkene heeft de telefoon opgenomen en vervolgens in een telefoonhouder geplaatst. Daarnaast twijfelt betrokkene aan de betrouwbaarheid van de verklaring van de verbalisant. De verbalisant gaf bij staandehouding aan dat zijn collega betrokkene al rijdend met een telefoon in zijn rechterhand heeft zien vasthouden. Betrokkene heeft vervolgens gevraagd of de betreffende verbalisant betrokkene óók met een mobiel elektronisch apparaat heeft zien rijden, maar hier kwam geen reactie op. Ter zitting heeft betrokkene hieraan toegevoegd dat wat verbalisant heeft aangevoerd in het aanvullend proces-verbaal niet klopt. Betrokkene en verbalisant zijn elkaar namelijk tegemoetgekomen en niet gepasseerd.

De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep gedeeltelijk gegrond te verklaren en heeft daartoe het volgende aangevoerd. De verbalisant heeft in het aanvullend proces-verbaal verklaard dat hij samen met een collega de gedraging heeft waargenomen. Betrokkene heeft al rijdend een mobiel elektronisch apparaat vastgehouden. Er bestaat geen aanleiding om aan de verklaring van verbalisant te twijfelen. Wel is er sprake van overschrijding van de redelijke termijn, waardoor de sanctie met 25% gematigd dient te worden.

Overwegingen

De kantonrechter is van oordeel dat niet is komen vast te staan dat de gedraging is verricht. Daarbij is van belang dat het aanvullend proces-verbaal summier is en weinig aanvullende informatie bevat. De stelligheid en verklaring ter zitting van betrokkene is voldoende geloofwaardig. Dit betekent dat de boete ten onrechte is opgelegd.

Het beroep is daarom gegrond. De beschikking waarbij de boete is opgelegd en de beslissing van de officier van justitie zullen worden vernietigd. Het bedrag dat betrokkene aan zekerheid heeft betaald moet door de officier van justitie worden terugbetaald.

Beslissing

De kantonrechter:

‒ verklaart het beroep gegrond;

‒ vernietigt de bestreden beslissing van de officier van justitie en de beschikking waarbij de boete is opgelegd;

‒ draagt de officier van justitie op het bedrag van € 234,- dat betrokkene als zekerheidstelling heeft betaald, aan betrokkene terug te betalen.

Deze uitspraak is gedaan door mr. W.H.C. van Eck, kantonrechter, bijgestaan door de griffier mr. J.T. Jonker, en in het openbaar uitgesproken op 3 juli 2025. De griffier is niet in de gelegenheid deze uitspraak mede te ondertekenen.

Tegen deze beslissing is geen hoger beroep mogelijk.

Datum verzending:

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. W

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand