ECLI:NL:RBZWB:2025:6975

ECLI:NL:RBZWB:2025:6975, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 15-10-2025, 11655774 CV EXPL 25-1319 (E)

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 15-10-2025
Datum publicatie 16-12-2025
Zaaknummer 11655774 CV EXPL 25-1319 (E)
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats Breda
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005289 BWBR0005290

Samenvatting

Verhuurder wil dat huurder de woning verlaat, omdat er sprake is van illegale prostitutie in de woning. Gelet op wat er is geconstateerd in de woning tijdens een onderzoek van de gemeente ziet de kantonrechter geen reden om eraan te twijfelen dat sprake was van illegale prostitutie in de woning. Huurder heeft dit onvoldoende weersproken. Het belang van verhuurder bij ontruiming van de woning weegt zwaarder dan het woonbelang van huurder. Huurder moet de woning verlaten.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Breda

Zaaknummer: 11655774 \ CV EXPL 25-1319

Vonnis van 15 oktober 2025

in de zaak van

STICHTING WONENBREBURG,

te Breda,

eisende partij,

hierna te noemen: WonenBreburg,

gemachtigde: mr. C.P. van den Berg,

tegen

[huurder] ,

te [plaats] ,

gedaagde partij,

hierna te noemen: [huurder] ,

gemachtigde: mr. R.W. de Pater.

De zaak in het kort

WonenBreburg wil dat [huurder] de woning verlaat, omdat er sprake is van illegale prostitutie in de woning. Gelet op wat er is geconstateerd in de woning tijdens een onderzoek van de gemeente ziet de kantonrechter geen reden om eraan te twijfelen dat sprake was van illegale prostitutie in de woning. [huurder] heeft dit onvoldoende weersproken. Het belang van WonenBreburg bij ontruiming van de woning weegt zwaarder dan het woonbelang van [huurder] . [huurder] moet de woning verlaten.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

het tussenvonnis van 4 juni 2025 met de daarin genoemde stukken,

het bericht van 11 september 2025 met productie(s) van WonenBreburg,

de mondelinge behandeling van 16 september 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

[huurder] heeft eerder een woning gehuurd van WonenBreburg aan [adres 1] , waarbij sprake was van een huurachterstand in 2016.

WonenBreburg verhuurt met ingang van 14 september 2018 aan [huurder] de woning aan het [adres 2] . In de huurovereenkomst staat:

“Nieuwe woning; De doorschuiving naar de woning [adres 2] betreft een laatste kans. Wanneer de woning weer vervuild raakt, zal WonenBreburg het vertrouwen in de huurder opzeggen en een ontruiming eisen.”.

Op de huurovereenkomst zijn de algemene huurvoorwaarden van WonenBreburg van 1 februari 2015 van toepassing.

Op 10 oktober 2024 heeft de gemeente een controle uitgevoerd in de woning van [huurder] .

Op 15 oktober 2024 heeft er een huisbezoek bij [huurder] plaatsgevonden door WonenBreburg.

In een brief van 17 oktober 2024 is [huurder] aangeschreven door WonenBreburg op signalen van prostitutie. WonenBreburg heeft [huurder] een waarschuwing gegeven.

In een brief van 18 december 2024 heeft het college van burgemeester & wethouders [huurder] aangeschreven met de mededeling dat er bij een controle is geconstateerd dat de woning wordt gebruikt ten behoeve van illegale prostitutie activiteiten. Dit was reden voor het college tot het opleggen van een last onder dwangsom.

In de brief van 24 december 2024 heeft WonenBreburg [huurder] verzocht om de huurovereenkomst op te zeggen, omdat [huurder] zich niet als goed huurder heeft gedragen.

3. Het geschil

WonenBreburg vordert – samengevat – ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde met betaling van een gebruiksvergoeding gelijk aan de huurprijs per maand tot de ontruiming, met veroordeling van [huurder] in de proceskosten.

WonenBreburg legt aan de vordering het volgende ten grondslag. [huurder] is in zijn verplichtingen als huurder tekortgeschoten, door het gehuurde bedrijfsmatig te gebruiken voor illegale prostitutie. Deze tekortkoming rechtvaardigt volgens WonenBreburg de ontbinding van de huurovereenkomst en de ontruiming van het gehuurde.

[huurder] voert verweer. [huurder] betwist dat sprake is van illegale prostitutie in de woning. Hij voert aan dat de vrouw die is aangetroffen in zijn woning een vriendin van hem is, die toevallig sekswerker is.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4. De beoordeling

Het uitgangspunt is dat [huurder] zich als goed huurder moet gedragen. Dit betekent dat [huurder] zich moet houden aan zijn verplichtingen uit de huurovereenkomst, de algemene voorwaarden en de wet. Als [huurder] deze verplichtingen niet nakomt (een tekortkoming), kan dit reden zijn om de huurovereenkomst te ontbinden, tenzij de tekortkoming, gezien haar bijzondere aard of geringe betekenis, deze ontbinding met haar gevolgen niet rechtvaardigt.

Tekortkoming

Volgens WonenBreburg is sprake van een tekortkoming. Zoals ook volgt uit de brief van 18 december 2024 van de gemeente is via de website www.kinky.nl een afspraak tot stand gekomen die heeft geleid naar het adres van [huurder] . In de brief wordt omschreven dat tijdens het onderzoek in de woning van [huurder] een vrouw met ontbloot bovenlijf in de slaapkamer is aangetroffen, dat zij zelf heeft verklaard sekswerker te zijn, hoe de woning was ingericht en wat daar is aangetroffen. Gelet op wat er is geconstateerd op 15 oktober 2024 tijdens een onderzoek van de gemeente, ziet de kantonrechter geen reden om eraan te twijfelen dat de in het gehuurde aangetroffen vrouw in de woning aanwezig was met als doel het verrichten van prostitutieactiviteiten.

[huurder] heeft aangevoerd dat de vrouw een vriendin is die toevallig sekswerker is en slechts tijdelijk in de woning logeerde, omdat zij in het zuiden van het land moest werken. Volgens [huurder] vond er geen prostitutie plaats in de woning, maar had hij op het moment van het onderzoek met de gemeente toevallig net zelf seks met haar. De kantonrechter acht het verweer van [huurder] ongeloofwaardig gelet op wat de gemeente heeft geconstateerd tijdens het onderzoek. De kantonrechter kan er ook niet omheen dat er op datzelfde moment via de website www.kinky.nl een afspraak werd gemaakt met de vrouw.

[huurder] heeft ook nog aangevoerd dat bij daadwerkelijke bedrijfsmatige prostitutie het gebruikelijk is om een bestuurlijke boete of sluiting op te leggen en dat is hier niet gebeurd. WonenBreburg heeft hierover aangegeven dat een sluiting van de woning alleen aan de orde is als er sprake is van een combinatie met andere zaken naast illegale prostitutie en dit heeft [huurder] niet meer weersproken.

Gelet op het voorgaande is de kantonrechter van oordeel dat voldoende aannemelijk is dat in de woning prostitutie is uitgeoefend. De tekortkoming rechtvaardigt in beginsel de ontbinding van de huurovereenkomst.

De tekortkoming rechtvaardigt ontbinding van de huurovereenkomst

[huurder] heeft aangevoerd dat de ontbinding van de huurovereenkomst niet gerechtvaardigd is, omdat hij niet bij familie of vrienden terecht kan en hij dus op straat komt te staan. Daar tegenover staat het belang dat WonenBreburg heeft bij ontruiming van de woning. Ter zitting heeft zij toegelicht dat WonenBreburg wordt aangesproken op het feit dat haar huurders activiteiten uitoefenen die in strijd zijn met het publiekrecht. Zij moet zorgen voor de leefbaarheid van de wijken waarin haar huurwoningen zijn gelegen. Het is een feit van algemene bekendheid dat illegale prostitutie zorgt voor een grotere kans op overlast door de aanloop naar de woning. WonenBreburg heeft er daarom belang bij dat er streng wordt opgetreden tegen misbruik van huurwoningen ten behoeve van prostitutie, zodat er een signaal uitgaat dat dit niet wordt geaccepteerd. Alles tegen elkaar afwegend is de kantonrechter van oordeel dat het belang van WonenBreburg bij ontruiming van de woning hier zwaarder weegt dan het woonbelang van [huurder] .

[huurder] moet de woning verlaten

De gevorderde ontbinding van de huurovereenkomst zal op grond van het voorgaande worden toegewezen. Tijdens de zitting heeft WonenBreburg aangegeven akkoord te gaan met een ontruimingstermijn van een maand. De kantonrechter is van oordeel dat dit een redelijke termijn is om aan de veroordeling te voldoen. [huurder] zal daarom worden veroordeeld het gehuurde te ontruimen op een termijn van een maand na betekening van het vonnis.

Vergoeding per maand

WonenBreburg wil ook dat [huurder] wordt veroordeeld tot het betalen van een (gebruiks)vergoeding per maand ter hoogte van de huurprijs, totdat de woning is ontruimd. Dit is de huurprijs per maand en na ontbinding van de huurovereenkomst is dit een gebruiksvergoeding voor de tijd dat [huurder] nog in de woning verblijft. [huurder] heeft deze vordering niet weersproken, zodat deze kan worden toegewezen. Voor zover [huurder] hiervoor al betalingen heeft verricht, hoeft hij dit uiteraard niet nogmaals te doen.

De proceskosten

[huurder] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van WonenBreburg worden begroot op:

- kosten van de dagvaarding

145,45

- griffierecht

135,00

- salaris gemachtigde

408,00

(2 punten × € 204,00)

- nakosten

102,00

(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

790,45

De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

5. De beslissing

De kantonrechter

ontbindt de tussen partijen bestaande huurovereenkomst met betrekking tot het gehuurde aan het [adres 2] ,

veroordeelt [huurder] om binnen een maand na betekening van dit vonnis het gehuurde te ontruimen met alle daarin aanwezige personen en zaken, tenzij deze zaken van WonenBreburg zijn, en de sleutels af te geven aan WonenBreburg,

veroordeelt [huurder] om aan WonenBreburg te betalen een bedrag ter hoogte van de huurprijs per maand tot de ontruiming van de woning,

veroordeelt [huurder] in de proceskosten van € 790,45, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [huurder] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

veroordeelt [huurder] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. Badal en in het openbaar uitgesproken op 15 oktober 2025.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?