[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende
en
de heffingsambtenaar van de gemeente Tilburg, de heffingsambtenaar.
Inleiding
1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van belanghebbende tegen de bestreden uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 6 januari 2025. Het beroep ziet op de naheffingsaanslag parkeerbelasting met [aanslagnummer] .
Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
2. De rechtbank komt tot het oordeel dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is omdat het beroepschrift niet persoonlijk is ondertekend en dat het verzuim niet tijdig is hersteld. De rechtbank legt hierna uit hoe zij tot dit oordeel komt.
Toetsingskader
3. Iemand die beroep instelt, moet het beroepschrift persoonlijk hebben ondertekend. Als dat niet gebeurt, kan de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk verklaren.
Is het beroepschrift ondertekend?
4. Het beroepschrift is op 10 januari 2025 ingediend door belanghebbende. Hij heeft het beroepschrift echter niet persoonlijk ondertekend. Er staat geen handtekening op het beroepschrift. De rechtbank heeft op 20 januari 2025 belanghebbende verzocht om tot uiterlijk 17 februari 2025 het beroepschrift persoonlijk te ondertekenen. De rechtbank heeft belanghebbende wederom op 25 februari 2025 verzocht om binnen twee weken het verzuim te herstellen. Uit informatie van PostNL is gebleken dat de aangetekend verzonden brief op 26 februari 2025 om 14:38 uur is bezorgd en dat voor ontvangst is getekend. Belanghebbende heeft het beroepschrift niet binnen die termijn ondertekend.
Is het verzuim verontschuldigbaar?
5. Belanghebbende heeft geen reden gegeven voor dit verzuim. Er is dus geen verontschuldiging voor dit verzuim gebleken.
6. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk. Dat betekent dat de rechtbank het beroep niet inhoudelijk beoordeelt en dat het bestreden besluit in stand blijft. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. drs. S.J. Willems-Ruesink, rechter, in aanwezigheid van
R.P.A.G. Dekkers, griffier, op 8 december 2025 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De griffier, De rechter,
De uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op de datum vermeld in de brief waarmee deze uitspraak aan partijen ter beschikking is gesteld.
Informatie over verzet
Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.