ECLI:NL:RBZWB:2025:8848

ECLI:NL:RBZWB:2025:8848, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 17-11-2025, C/02/441912 / FA RK 25-5868

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 17-11-2025
Datum publicatie 14-01-2026
Zaaknummer C/02/441912 / FA RK 25-5868
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Rekestprocedure
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

Beschikking over een voortzetting inbewaringstelling. De komende periode dient zorgvuldig te worden onderzocht of en zo ja, op welke wijze betrokkene eventueel terug kan keren naar huis, zoals bijvoorbeeld middels een uitbreiding van de huishoudelijke hulp en thuiszorg en de inzet van dagbesteding. Verzoek toegewezen.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Breda

Zaaknummer: C/02/441912 / FA RK 25-5868

Datum uitspraak: 17 november 2025

Beschikking voortzetting inbewaringstelling

op het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedag] 1942 in [geboorteplaats] ,

hierna te noemen: betrokkene,

wonende in [plaats 1] ,

thans verblijvende bij [woonzorglocatie] te [plaats 2] ,

advocaat: mr. H.M.Th. de Pont te Tilburg.

1. Het verloop van de procedure

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen van 14 november 2025, binnengekomen bij de rechtbank op 14 november 2025.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 17 november 2025. Daarbij zijn gehoord:

betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;

mevrouw [persoon 1], zorgadviseur;

de heer [persoon 2], sociaal psychiatrisch verpleegkundige (hierna: de SPV);

de heer [persoon 3], sociaal psychiatrisch verpleegkundige, betrokken bij de beoordeling door de onafhankelijk psychiater (telefonisch).

Daarnaast was als toehoorder aanwezig, maar is niet gehoord:

- mevrouw [persoon 4], verzorgende.

2. Wat vaststaat

Betrokkene verblijft met een inbewaringstelling in [woonzorglocatie] te [plaats 2] . De burgemeester van de gemeente Tilburg heeft het besluit tot het verlenen van de inbewaringstelling op 13 november 2025 genomen.

3. Het verzoek

Het CIZ verzoekt de rechtbank een machtiging tot voorzetting van de inbewaringstelling te verlenen voor de duur van zes weken.

4. De standpunten

Betrokkene vertelt dat ze schandalig is behandeld door haar buren. Ze is door hun toedoen zomaar uit haar woning gehaald. Betrokkene wil zo snel mogelijk met ontslag, zodat ze haar woning kan verkopen en kan verhuizen. Daarnaast geeft betrokkene aan dat ze altijd drie keer per dag eet. Het lukte haar niet meer om zelf boodschappen te doen, maar daarbij werd ze geholpen door de buurvrouw. Ook kreeg betrokkene anderhalf à twee uur per week huishoudelijke hulp, maar ze waren bezig om het aantal uur te verhogen. Verder kreeg betrokkene ook twee of drie keer per week thuiszorg, waarbij ze werd geholpen met douchen. De rest deed betrokkene zelf. Betrokkene geeft tot slot aan dat ze geen hulp meer wil van de buurvrouw en haar vriendin want zij hebben ervoor gezorgd dat betrokkene nu hier zit.

De advocaat stelt zich namens betrokkene op het standpunt dat niet uit de medische verklaring is af te leiden of de onafhankelijk psychiater daadwerkelijk betrokkene heeft gezien en gesproken. De medische verklaring lijkt enkel te berusten op de auditu verklaringen. Het gevolg is dat de medische verklaring ongeldig is, wat maakt dat het verzoek moet worden afgewezen. Daarnaast stelt de advocaat dat betrokkene het niet noodzakelijk vindt om opgenomen te blijven. Betrokkene erkent dat ze meer hulp nodig heeft en dat wil ze graag in de thuissituatie organiseren. Het verzoek moet daarom worden afgewezen.

De zorgadviseur verklaart dat het eerst niet mogelijk was om in gesprek te gaan met betrokkene. De zorgadviseur heeft wel contact gehad met de buurvrouw en een goede vriendin van betrokkene. Zij gaven aan dat zij een weekend niet bij betrokkene langs zijn geweest en haar vervolgens in een delier hebben aangetroffen. Ze had niet gegeten en gedronken. Als de buurvrouw en de vriendin geen boodschappen doen, gebeurt er niks en onderneemt betrokkene niets. Betrokkene is vijf maanden niet buiten geweest. Ook verzamelde ze afval binnen en bracht dit niet naar de vuilnisbak. De buurvrouw en de vriendin hebben betrokkene kleding gebracht waar betrokkene nu zit, maar hebben aangegeven dat ze niet meer kunnen doen. Ze zijn overbelast.

De SPV licht toe dat betrokkene in verwarde toestand is opgenomen op de huidige afdeling. Ze was daarvoor opgenomen op de afdeling geriatrie in het ziekenhuis wegens somatische klachten, maar daar werd vervolgens een acute verslechtering van haar cognitieve vermogens waargenomen. Betrokkene wilde het ziekenhuis zelfstandig verlaten, wat maakt dat een inbewaringstelling is aangevraagd. Toen betrokkene zeer onrustig op de huidige afdeling aankwam, is ze gevallen. De schouder van betrokkene was uit de kom en ze heeft een forse hoofdwond. Ze is hiervoor weer naar het ziekenhuis gebracht. In het ziekenhuis was betrokkene dusdanig onrustig dat zij een kalmeringsmiddel heeft gekregen. Op de huidige afdeling krijgt betrokkene nog steeds een kalmeringsmiddel wegens hevige onrust. Vermoedelijk heeft betrokkene een delier door een rhinovirusinfectie. Daarom krijgt betrokkene nu haldol. Het is van belang dat de onderliggende oorzaak wordt weggenomen. Een voortzetting van de inbewaringstelling is noodzakelijk, aangezien de verwardheid kan terugkomen zodra betrokkene stopt met de inname van haldol. Er is pas een dag rust gecreëerd en betrokkene is kwetsbaar. Ze is veel afgevallen en heeft een klein sociaal netwerk. De komende periode moet worden onderzocht of betrokkene naar huis kan en wat daarvoor nodig is. De SPV licht tot slot toe dat er nog geen wettelijk vertegenwoordiger voor betrokkene is, terwijl er wel dementie is vastgesteld.

De SPV die betrokken was bij de beoordeling door de onafhankelijk psychiater is tijdens de zitting ingebeld, dit naar aanleiding van het verweer van de advocaat van betrokkene ten aanzien van de medische verklaring. Hij licht toe dat hij, samen met de onafhankelijk psychiater, betrokkene donderdag 13 november heeft bezocht in het ziekenhuis waar ze was opgenomen. De geriater van het ziekenhuis heeft de inbewaringstelling aangevraagd, omdat zij het onverantwoord vond dat betrokkene naar huis wilde gaan. Betrokkene was tijdens het bezoek van de onafhankelijk psychiater en de SPV zeer geagiteerd en onrustig. Ze gaf aan dat ze naar huis wilde en het was niet mogelijk om afspraken te maken over vrijwillige zorg. De onafhankelijk psychiater heeft vasculaire dementie geconstateerd. Ook hebben ze die dag de buurvrouw gesproken. De buurvrouw heeft aangegeven dat ze de mantelzorg voor betrokkene niet meer aankan en dat betrokkene niet voor zichzelf kan zorgen.

5. De beoordeling

De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.

Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op ernstig lichamelijk letsel, ernstige verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang en gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen. Het is de rechtbank gebleken dat betrokkene niet in staat is om adequaat voor zichzelf te zorgen. Ze neemt haar medicatie niet goed in, eet en drinkt onvoldoende, doet geen boodschappen meer en er is geen sprake van adequate zelfzorg. Betrokkene is twintig kilo afgevallen. Ook is betrokkene niet in staat om veilig aan het verkeer deel te nemen en is ze vijf maanden niet buiten geweest. Daarnaast is er bij betrokkene sprake van forse agressie en onrust. Zo heeft ze de politie geslagen en gebeten toen ze de afdeling van het ziekenhuis wilde verlaten. Door de hevige onrust bij betrokkene is er sprake van valgevaar. Toen betrokkene zeer onrustig op de huidige afdeling aankwam, is ze gevallen. De schouder van betrokkene was uit de kom en ze heeft een forse hoofdwond. Tot slot heeft betrokkene een zeer beperkt steunsysteem en hebben haar mantelzorgers aangegeven overbelast te zijn.

Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychogeriatrische aandoening, te weten Alzheimerdementie. Er is bij betrokkene sprake van een acute verslechtering in het cognitief functioneren, hetgeen gekenmerkt wordt door geheugenproblemen, regie- en overzichtsverlies en forse zelfverwaarlozing.

Het ernstig nadeel is zodanig onmiddellijk dreigend dat een rechterlijke machtiging niet kan worden afgewacht.

Voortzetting van de inbewaringstelling is noodzakelijk en geschikt om het onmiddellijk dreigend ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Een (directe) terugkeer naar huis wordt niet haalbaar geacht, gelet op de overbelasting van haar beperkte steunsysteem, de forse zelfverwaarlozing en het overzichtsverlies van betrokkene. Middels een opname in een wzd-accommodatie kan de noodzakelijke 24-uurs zorg en begeleiding worden geboden binnen een veilige en gestructureerde setting.

Betrokkene verzet zich hiertegen. Uit de overgelegde stukken en de zitting blijkt dat betrokkene consistent aangeeft naar huis te willen. Daarnaast heeft zij met forse agressie geprobeerd om de afdeling van het ziekenhuis, waar zij eerder was opgenomen, te verlaten. Ook op de huidige afdeling was sprake van veel onrust en verzet. Er is bij betrokkene tot slot geen sprake van ziektebesef en zij is niet in staat om afspraken te maken over vrijwillige zorg.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. Het is niet mogelijk gebleken om met betrokkene afspraken te maken over veiligheid of vervolgzorg in een vrijwillig kader. Betrokkene heeft ook een zeer beperkt steunsysteem, hetgeen maakt dat mantelzorg geen mogelijkheid meer is. Tot slot heeft betrokkene aangegeven dat zij thuiszorg en huishoudelijke hulp kreeg, maar dit is niet voldoende gebleken om het ernstig nadeel af te wenden. De komende periode dient zorgvuldig te worden onderzocht of en zo ja, op welke wijze betrokkene eventueel terug kan keren naar huis, zoals bijvoorbeeld middels een uitbreiding van de huishoudelijke hulp en thuiszorg en de inzet van dagbesteding.

6. De beslissing

De rechtbank:

verleent een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1942 in [geboorteplaats] ;

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 29 december 2025.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 17 november 2025 door mr. Benjaddi, rechter, in aanwezigheid van mr. Boomaars, griffier, en op schrift gesteld op 1 december 2025.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. Benjaddi

Griffier

  • mr. Boomaars

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?