ECLI:NL:RBZWB:2025:8850

ECLI:NL:RBZWB:2025:8850, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 05-11-2025, C/02/440934 / FA RK 25-5322

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 05-11-2025
Datum publicatie 05-01-2026
Zaaknummer C/02/440934 / FA RK 25-5322
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Beschikking
Zittingsplaats Middelburg

Samenvatting

Beschikking over een zorgmachtiging. De rechtbank zal de zorgmachtiging voor de verzochte duur van zes maanden verlenen, aangezien het van belang is dat stapsgewijs en op een veilige manier wordt gewerkt aan ontslag. Daarnaast dient betrokkene in de thuissituatie – samen met het regioteam – zijn leven weer op te pakken, zodat een terugval kan worden voorkomen. Mocht het onverhoopt misgaan, dan kan middels de zorgmachtiging op tijd worden ingegrepen en kan een (nieuwe) crisis worden voorkomen.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Middelburg

Zaaknummer: C/02/440934 / FA RK 25-5322

Datum uitspraak: 5 november 2025

Beschikking zorgmachtiging

op het verzoek van de officier van justitie voor

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedag] 2000 in [geboorteplaats] ,

hierna te noemen: betrokkene,

wonende in [woonplaats] ,

thans verblijvende in de accommodatie Stichting GGZ [locatie] ,

advocaat: mr. P.R. Klaver uit Bergen op Zoom.

1. Het verloop van de procedure

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen van 17 oktober 2025, binnengekomen bij de rechtbank op 17 oktober 2025.

De mondelinge behandeling met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 5 november 2025. Daarbij zijn gehoord:

betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;

[psychiater] , psychiater (hierna: de arts);

[mentor] , mentor van betrokkene (hierna: de mentor).

Tevens waren als toehoorder aanwezig, maar zijn niet gehoord:

een ambulant begeleider van betrokkene;

een co-assistent.

De officier van justitie is, zoals reeds aangekondigd in het verzoekschrift, niet ter zitting verschenen en dus ook niet gehoord.

2. Wat vaststaat

Betrokkene was aanvankelijk met een crisismaatregel opgenomen in de accommodatie GGZ [locatie] . De burgemeester van de gemeente Bergen op Zoom heeft het besluit tot het verlenen van de crisismaatregel op 24 september 2025 genomen. Deze rechtbank heeft bij beschikking van 29 september 2025 een machtiging verleend tot voortzetting van de crisismaatregel met ingang van 29 september 2025 en tot en met 20 oktober 2025. Op grond van deze machtiging verblijft betrokkene nog steeds in de accommodatie GGZ [locatie] .

3. Het verzoek

De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van zes maanden.

4. De standpunten

Betrokkene vertelt tijdens de mondelinge behandeling dat het momenteel erg goed gaat met hem. Er was sprake van een drugspsychose, hetgeen maakte dat hij was opgenomen op de HIC . De medicatie van betrokkene werkt goed, maar hij ervaart nog wel wat bijwerkingen. Betrokkene is recent overgeplaatst naar de psychoseafdeling voor verdere stabilisatie. Hij wil het liefst vrijwillig opgenomen blijven en de autonomie behouden over zijn eigen lichaam, zodat er, in samenwerking met de arts, kan worden gewerkt aan ontslag. Betrokkene kan ook ingesteld worden op medicatie vanuit huis, gelet op de betrokkenheid van het FACT-team. Voorts licht betrokkene toe dat hij eerder verslaafd is geweest. Hij heeft daarom genoeg kennis en ervaring om ervoor te zorgen dat hij geen middelen meer zal gebruiken. Betrokkene wil ook graag werken aan de onderliggende reden voor het middelengebruik. Tot slot licht betrokkene toe dat hij een klinische opname van drie weken lang vindt. Hij wil het liefst een vaste ontslagdatum over twee weken.

Namens betrokkene stelt de advocaat zich op het standpunt dat betrokkene het liefst vrijwillig opgenomen wil blijven. Betrokkene verzet zich echter niet tegen de zorgmachtiging, aangezien hij een terugval wil voorkomen. Het is fijn dat de bijwerkingen van de medicatie zijn besproken met de arts. Als er een zorgmachtiging komt, verzoekt betrokkene om deze in duur te beperken tot drie maanden.

De arts licht toe dat de situatie van betrokkene sinds het begin van zijn opname flink is verbeterd. Betrokkene is langzaam gestabiliseerd en heeft een beter ziekte-inzicht. Hij krijgt momenteel depotmedicatie. Vanochtend heeft de arts nog gesproken met betrokkene om de bijwerkingen te verlagen. Er is veel contact met de familie, ambulant begeleiders en mentor van betrokkene. De arts is van mening dat een zorgmachtiging noodzakelijk is, zodat de vrijheden van betrokkene stapsgewijs kunnen worden uitgebreid. Bij betrokkene is immers ook sprake van een autismespectrumstoornis, hetgeen maakt dat regelmaat en weinig verandering belangrijk zijn. Hij is aangemeld voor het regioteam. Het is de verwachting dat betrokkene binnen drie weken met ontslag kan. Daarbij is het van belang van betrokkene zijn medicatie blijft gebruiken. In het verleden is betrokkene gestopt met zijn medicatie, hetgeen maakt dat hij dan ook kwetsbaarder is voor (een terugval in) middelengebruik. Als de psychose van betrokkene in remissie is, heeft betrokkene immers meer zelfcontrole. Een zorgmachtiging voor de duur van zes maanden is nodig, aangezien betrokkene binnen deze periode met ontslag zal gaan. Betrokkene dient dan, samen met het regioteam, zijn leven weer op te pakken, bijvoorbeeld door middel van de inzet van dagbesteding. Drie maanden zijn daarvoor te kort.

De mentor verklaart dat het belangrijk is dat er langzaam naar ontslag wordt gewerkt. Op deze wijze kan hij sterker worden en leren om te gaan met tegenslagen, zodat een terugval wordt voorkomen. Betrokkene vindt het soms lastig om te accepteren dat hij hulp nodig heeft.

5. De beoordeling

De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.

De rechtbank is op grond van de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, te weten schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, neurobiologische ontwikkelingsstoornissen (o.a. verstandelijke beperkingen en autismespectrumstoornissen) en middelgerelateerde en verslavingsstoornissen. Bij betrokkene is sprake van een paranoïde psychose in het kader van een ongespecificeerde schizofreniespectrumstoornis, mogelijk geluxeerd door langdurig cannabisgebruik. Daarnaast is er bij betrokkene sprake van een autismespectrumstoornis (PDD-NOS) en een stoornis in het gebruik van cannabis. Het toestandsbeeld van betrokkene wordt gekenmerkt door achterdocht, waangedachten en mogelijk ook akoestische hallucinaties.

Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade, ernstige materiële schade en gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.

Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling blijkt dat betrokkene recent zeer angstig en geagiteerd was. Zo had hij zijn voordeur gebarricadeerd en heeft hij zijn huisraad stuk geslagen. Daarbij heeft betrokkene tevens gedreigd zichzelf in brand te steken of zijn woning op te blazen. Ook had hij meerdere wapens in zijn woning. Er bestond tevens een verhoogd risico op agressie richting derden, gelet op het wantrouwen en de paranoïde angsten van betrokkene. Voorts is het de rechtbank gebleken dat er sprake is van overlastmeldingen ten aanzien van betrokkene. Tot slot werd er op de afdeling aanvankelijk enige verbetering gezien in het toestandsbeeld van betrokkene, maar is hij tijdens verlof uit de auto van zijn moeder gestapt en heeft hij zijn ouders bedreigd.

Om het ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren, heeft betrokkene zorg nodig.

Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Uit de overgelegde stukken blijkt dat betrokkene (tot voor kort) een zeer beperkt ziektebesef en behandelmotivatie had. Hij stond niet achter de depotmedicatie. Tijdens de mondelinge behandeling verklaart betrokkene open te staan voor een vrijwillige opname en behandeling. Echter, betrokkene is in het verleden zelf met zijn medicatie gestopt. De arts verwacht dat betrokkene zonder zorgmachtiging wederom zal stoppen met zijn medicatie, waardoor hij ook gevoeliger zal zijn voor een terugval in middelengebruik. Ook geeft betrokkene aan snel naar huis te willen. Het vrijwillige kader is derhalve nog te pril. Daarom is verplichte zorg nodig.

De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de mondelinge behandeling van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:

- het toedienen van medicatie;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie.

De rechtbank zal de verzochte vorm van verplichte zorg ‘controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen’ afwijzen, aangezien tijdens de mondelinge behandeling door de arts is verklaard dat dit niet noodzakelijk is.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.

De rechtbank zal de zorgmachtiging voor de verzochte duur van zes maanden verlenen, aangezien het van belang is dat stapsgewijs en op een veilige manier wordt gewerkt aan ontslag. Daarnaast dient betrokkene in de thuissituatie – samen met het regioteam – zijn leven weer op te pakken, zodat een terugval kan worden voorkomen. Mocht het onverhoopt misgaan, dan kan middels de zorgmachtiging op tijd worden ingegrepen en kan een (nieuwe) crisis worden voorkomen.

6. De beslissing

De rechtbank:

verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 2000 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.6. staan kunnen worden toegepast;

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 5 mei 2026;

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 5 november 2025 door mr. de Beer, rechter, in aanwezigheid van mr. Boomaars, griffier, en op schrift gesteld op 19 november 2025.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. de Beer

Griffier

  • mr. Boomaars

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?