ECLI:NL:RBZWB:2025:9329

ECLI:NL:RBZWB:2025:9329, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 12-11-2025, C/02/435199 / JE RK 25-858

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 12-11-2025
Datum publicatie 09-01-2026
Zaaknummer C/02/435199 / JE RK 25-858
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Rekestprocedure
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

Resterende verzoek ondertoezichtstelling toegewezen voor de duur van zes maanden – Raad heeft verzoek ter zitting gewijzigd van drie naar zes maanden – wijziging is in het belang van de minderjarige nu een periode van drie maanden te kort is om een stabiele opvoedsituatie te bereiken.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Breda

Zaaknummer: C/02/435199 / JE RK 25-858

Datum uitspraak: 12 november 2025

Nadere beschikking van de kinderrechter over een ondertoezichtstelling

in de zaak van

RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING REGIO ZUIDWEST NEDERLAND,

locatie Breda,

hierna te noemen: de Raad,

over

[minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2015 in [geboorteplaats] ( [geboorteland] ),

hierna te noemen: [minderjarige] .

De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:

[de moeder] ,

hierna te noemen: de moeder,

wonende in [woonplaats] ,

advocaat: mr. B.G.M. de Ruijter uit Tilburg,

STICHTING JEUGDBESCHERMING BRABANT,

gevestigd te Tilburg,

hierna te noemen: de gecertificeerde instelling (GI).

1. Het nadere procesverloop

Het nadere procesverloop blijkt uit de volgende stukken:

de in deze zaak gegeven beschikking van 3 juni 2025 en alle daarin genoemde stukken;

het bericht van de GI van 5 november 2025.

De zitting met gesloten deuren is voortgezet op 12 november 2025. Daarbij waren aanwezig en zijn gehoord:

- de moeder met haar advocaat en bijgestaan door een tolk;

- een vertegenwoordigster van de Raad;

- twee vertegenwoordigers van de GI.

Als toehoorder was de begeleidster van de moeder vanuit [jeugdzorg] aanwezig. De rechtbank heeft haar, met instemming van aanwezigen, bijzondere toestemming verleend.

De kinderrechter heeft [minderjarige] naar zijn mening gevraagd. [minderjarige] heeft

voorafgaand aan de zitting een gesprek gevoerd met de kinderrechter. Tijdens de zitting heeft de kinderrechter samengevat wat [minderjarige] heeft verteld. De aanwezigen hebben daarop kunnen reageren.

Na de zitting van 12 november 2025 heeft de rechtbank nog ontvangen:

- het gewijzigde verzoek van de Raad van 13 november 2025.

2. De feiten

De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige] .

[minderjarige] woont bij de moeder.

Bij beschikking van 13 maart 2025 heeft de kinderrechter [minderjarige] voorlopig onder toezicht gesteld van de GI met ingang van 20 maart 2025 tot 5 juni 2025. Bij diezelfde beschikking heeft de kinderrechter een machtiging verleend om [minderjarige] uit huis te plaatsen in een voorziening voor pleegzorg of een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder met ingang van 20 maart 2025 tot 5 juni 2025.

[minderjarige] is op basis van deze machtiging uit huis geplaatst geweest. Sinds 30 april

2025 verblijft hij weer bij de moeder.

Bij beschikking van 3 juni 2025 heeft de kinderrechter [minderjarige] onder toezicht gesteld van de GI met ingang van 3 juni 2025 tot 3 december 2025. Het resterende deel van het verzoek is aangehouden.

3. Het resterende verzoek

Thans ligt nog ter beoordeling voor het verzoek van de Raad om [minderjarige] onder toezicht te stellen van de GI voor de resterende duur van drie maanden.

Tijdens de zitting heeft de Raad zijn verzoek mondeling gewijzigd en verzocht [minderjarige] onder toezicht te stellen van de GI voor de totale duur van twaalf maanden, inhoudende dat de resterende duur nog zes maanden betreft. De Raad heeft het gewijzigde verzoek na de zitting schriftelijk bevestigd.

De Raad verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

4. De nadere standpunten

De Raad

De Raad heeft, samengevat, het navolgende aangevoerd. Er is een ondertoezichtstelling verzocht omdat [minderjarige] meer van zijn moeder nodig had in de opvoeding. De Raad heeft gezien dat de ondertoezichtstelling wisselend is verlopen. De moeder is op momenten onvoorspelbaar geweest en de GI heeft de moeder meermaals gewezen op haar gedrag. Recentelijk heeft de GI de moeder geconfronteerd met een verzoek tot uithuisplaatsing van [minderjarige] omdat de moeder geen verbetering liet zien. De GI heeft dat verzoek gisteren, 11 november 2025, weer ingetrokken. Er zijn goede afspraken met de moeder gemaakt en zij laat voorzichtig verbetering zien. De Raad is van mening dat er nog wel tijd nodig is om een stabiele en voorspelbare opvoedsituatie voor [minderjarige] te creëren. Met het oorspronkelijke verzoek zou hier nog drie maanden de tijd voor zijn. Vanwege de zeer prille positieve ontwikkeling en de kwetsbaarheid van de situatie vindt de Raad deze periode te kort. De Raad verzoekt daarom een vermeerdering van het oorspronkelijke verzoek met drie maanden. Op die manier is er nog een resterende duur van zes maanden over waarin de moeder, samen met de GI, kan werken aan een duurzaam stabiele opvoedsituatie voor [minderjarige] .

De GI

De GI heeft, samengevat, naar voren gebracht dat de afgelopen periode zeer wisselend is verlopen. De eerste weken heeft de GI ingestoken op het plan van de moeder om met [minderjarige] terug te keren naar Oekraïne. De zorgen bleven aanwezig, maar de GI ging daar coulant mee om vanwege de geplande terugreis. Desondanks heeft de GI de moeder meermaals aangesproken op haar gedrag en opvoeding. De GI constateerde namelijk dat [minderjarige] veelvuldig alleen thuis was omdat de moeder aan het werk was. Hij was daardoor zelf verantwoordelijk voor zijn routine en kwam vermoeid, te laat of niet op school. Ondanks meerdere waarschuwingen, lukte het de moeder niet de situatie te verbeteren. In september 2025 heeft de moeder aangegeven niet terug te keren naar Oekraïne. De GI heeft toen nogmaals voorwaarden aan de moeder gesteld, allen gericht op de opvoeding van [minderjarige] . Desondanks gaf de moeder nog steeds de prioriteit aan haar werk en niet aan [minderjarige] en zat [minderjarige] opnieuw veelvuldig alleen zonder volwassentoezicht. Als gevolg van deze aanhoudende zorgen, heeft de GI in oktober 2025 een verzoek tot uithuisplaatsing van [minderjarige] ingediend. Er is bewust voor een regulier verzoek gekozen, zodat de moeder de kans kreeg om binnen enkele weken toch tot verbetering te komen. In de weken na het delen van het verzoek, heeft de moeder laten zien dat ze stappen wil en zal zetten voor [minderjarige] . De moeder heeft ontslag genomen zodat de prioriteit zichtbaar bij [minderjarige] kwam te liggen. De GI heeft daardoor besloten het verzoek tot uithuisplaatsing in te trekken.

Desondanks is de moeder pas in beweging gekomen toen de grens echt bereikt was. Zij heeft maandenlang keuzes gemaakt die niet in het belang van [minderjarige] waren. De GI is dan ook van mening dat de ondertoezichtstelling nog noodzakelijk is om de situatie van de moeder en [minderjarige] te monitoren. Recentelijk is een positieve ontwikkeling ingezet, maar deze is nog zeer pril. De GI stemt dan ook in met het gewijzigde verzoek van de Raad omdat er tijd nodig is om een stabiele opvoedsituatie te creëren. De GI hoopt dat zij na zes maanden de ondertoezichtstelling positief af kan sluiten.

De moeder

Door en namens de moeder is, samengevat, aangevoerd dat zij zich niet verzet tegen het gewijzigde verzoek van de Raad omdat de hulpverlening pas net tot stand is gekomen. De moeder heeft profijt van deze hulpverlening en van de begeleiding vanuit [jeugdzorg] . Vanuit [jeugdzorg] krijgt de moeder uitleg en advies over de cultuurverschillen tussen Oekraïne en Nederland. Sinds de hulpverlening is aangevangen, is er sprake van een positieve ontwikkeling. De moeder erkent dat deze ontwikkeling zeer pril is. Zij vindt het dan ook belangrijk dat de GI betrokken blijft zodat er meer stabiliteit en vooruitgang in de situatie van [minderjarige] gecreëerd kan worden. De moeder merkt daarbij op dat zij overal haar medewerking aan zal verlenen.

5. De nadere beoordeling

Wettelijk kader

Op grond van artikel 1:255 lid 1 Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) kan de kinderrechter een minderjarige onder toezicht stellen van een gecertificeerde instelling wanneer die minderjarige zodanig opgroeit, dat hij in zijn ontwikkeling ernstig wordt bedreigd, en:

a. de zorg die in verband met het wegnemen van de bedreiging noodzakelijk is voor de minderjarige of voor zijn ouders of de ouder die het gezag uitoefenen, door dezen niet of onvoldoende wordt geaccepteerd, en

b. de verwachting gerechtvaardigd is dat de ouders of de ouder die het gezag uitoefenen binnen een gelet op de persoon en de ontwikkeling van de minderjarige aanvaardbaar te achten termijn, de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding, bedoeld in artikel 1:247 lid 2 BW, in staat zijn te dragen.

Inhoudelijke beoordeling

De kinderrechter is van oordeel dat nog steeds aan de voorwaarden voor een ondertoezichtstelling is voldaan. Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting blijkt dat de ernstige ontwikkelingsbedreiging van [minderjarige] onvoldoende is afgenomen. De eerste maanden van de ondertoezichtstelling hebben weinig tot geen verbetering gebracht. De zorgen om de opvoedsituatie van [minderjarige] , zoals het veelvuldig alleen zijn van [minderjarige] en het gebrek aan volwassenentoezicht, waren onverminderd aanwezig. Ondanks vele waarschuwingen van de GI lukte het de moeder onvoldoende om hier veranderingen in aan te brengen. Dit heeft er zelfs toe geleid dat de GI zich in oktober 2025 genoodzaakt zag een verzoek tot uithuisplaatsing van [minderjarige] in te dienen.

Gebleken is dat het verzoek van de GI tot uithuisplaatsing het tij heeft doen keren. De moeder heeft haar baan opgezegd en prioriteit aan de opvoeding en zorg van [minderjarige] gegeven. Ook is zij in samenwerking met de GI en hulpverlening en heeft zij baat bij de adviezen van [jeugdzorg] . Dit heeft ervoor gezorgd dat de GI haar verzoek tot uithuisplaatsing van [minderjarige] heeft ingetrokken. De kinderrechter prijst de moeder dat zij ervoor heeft gekozen om het belang van [minderjarige] boven haar eigen belang te zetten. Ook complimenteert de kinderrechter de moeder dat zij inziet dat de visie over opvoeding in Nederland anders is dan in Oekraïne en dat zij adviezen daarover ter harte neemt.

Ondanks de positieve stappen die de moeder heeft gezet, is de kinderrechter van oordeel dat de ernstige ontwikkelingsbedreiging van [minderjarige] nog onvoldoende kan worden weggenomen met vrijwillige hulpverlening. Hoewel de moeder nu haar medewerking verleent, heeft zij maandenlang geen gehoor gegeven aan de voorwaarden van de GI en was een verzoek tot uithuisplaatsing nodig om de moeder in beweging te krijgen. De ingezette positieve ontwikkeling is daardoor zeer kwetsbaar. Het is dan ook in het belang van [minderjarige] dat de GI nog betrokken blijft om zicht te houden op de situatie. Ook is de hulpverlening pas recent ingezet en dient de GI te monitoren of deze hulpverlening afdoende is of dat [minderjarige] en de moeder meer nodig hebben om tot een stabiele en duurzame opvoedsituatie te komen. De kinderrechter is daarom van oordeel dat het dwingend kader van de ondertoezichtstelling voor nu nog noodzakelijk is.

Wat de duur van de ondertoezichtstelling betreft, overweegt de kinderrechter als volgt. De Raad heeft zijn verzoek ter zitting gewijzigd, inhoudende dat hij een resterende duur van zes maanden verzoekt. De kinderrechter overweegt allereerst dat hij over de wijziging kan oordelen omdat alle belanghebbenden bij de zitting aanwezig waren en hun mening daarover kenbaar hebben gemaakt. Een goede procesorde zoals gewaarborgd in artikel 6 EVRM wordt niet geschonden door deze gewijzigde verzoek in behandeling te nemen. Evenals de Raad ziet de kinderrechter de noodzaak van de wijziging. Een periode van drie maanden is te kort om de voor [minderjarige] noodzakelijke stabiele opvoedsituatie te bereiken. Bovendien is het geenszins in het belang van [minderjarige] én de moeder als de GI op korte termijn alweer een verlengingsverzoek in moet dienen. De kinderrechter zal daarom het gewijzigde verzoek van de Raad toewijzen. Dit houdt in dat de ondertoezichtstelling wordt verleend voor de duur van zes maanden, zijnde tot 3 juni 2026. De kinderrechter neemt in zijn oordeel mee dat de moeder en de GI het gewijzigde verzoek van de Raad ondersteunen. Tot slot spreekt de kinderrechter zijn hoop uit dat de moeder de positieve ontwikkeling vast kan houden zodat de ondertoezichtstelling na zes maanden kan worden afgesloten.

Uitvoerbaar bij voorraad

De kinderrechter zal de beslissing uitvoerbaar bij voorraad verklaren, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.

Het voorgaande leidt tot de volgende beslissing.

6. De beslissing

De kinderrechter:

stelt [minderjarige] onder toezicht van Stichting Jeugdbescherming Brabant, locatie Tilburg, met ingang van 3 december 2025 tot 3 juni 2026;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 12 november 2025 door mr. Sumner, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. Van der Linde als griffier, en op schrift gesteld op 26 november 2025.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. Van der Linde als

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?