RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/442111 / FA RK 25-5978
Datum uitspraak: 3 december 2025
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedag] 1979 in [geboorteplaats],
hierna te noemen: betrokkene,
verblijvende bij de [accommodatie] te
[plaats 1],
advocaat: mr. Z. Yeral uit Roosendaal.
1. Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 19 november 2025.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 3 december 2025 bij de [accommodatie] in [plaats 1]. Daarbij waren aanwezig en zijn gehoord:
betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
de psychiater, de heer [naam 1];
de casemanager van de Ggz, de heer [naam 2];
de casemanager van het Zorg- en Veiligheidshuis, mevrouw [naam 3].
2. Het verzoek
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van zes maanden.
3. De standpunten
Betrokkene zegt, samengevat, dat het niet goed met haar gaat. Zij is depressief en heeft zorg nodig. Ook voelt zij zich niet op haar gemak bij de [accommodatie] en wil zij overgeplaatst worden. Als een zorgmachtiging nodig is om snel hulp te krijgen, staat betrokkene daarvoor open.
De psychiater zegt, samengevat, dat betrokkene al jaren bekend is binnen GGZ. Er is bij betrokkene sprake van een ernstige verslaving en een borderline persoonlijkheidsstoornis. Mogelijk is er ook sprake van trauma’s en een depressie. Als betrokkene drugs gebruikt vertoont zij probleemgedag. Zo veroorzaakt betrokkene ophef in de stad door naakt en verward over straat te lopen. Er is ook sprake van levensgevaar omdat betrokkene na een overdosis op de intensive care is beland. Bovendien is betrokkene alles kwijtgeraakt, is zij dakloos en heeft zij op straat trauma’s opgelopen door prostitutie, mishandeling en verkrachting. Omdat GGZ geen verslavingszorg verleent, is contact opgenomen met Novadic-Kentron. Met Novadic-Kentron is afgesproken dat betrokkene zes weken op de gesloten afdeling in [plaats 2] kan verblijven. Voor het verblijf in [plaats 2] is een zorgmachtiging noodzakelijk. Daarom is onderhavig verzoek ingediend. Na de opname van zes weken zal de behandeling op vrijwillige basis verder moeten gaan. Als betrokkene daar op dat moment niet voor open staat, zal de behandeling stop worden gezet. De psychiater benadrukt dat er al veel behandelingen zijn ingezet, maar dat betrokkene steeds terugvalt. Het traject bij Novadic-Kentron is de laatste optie voor betrokkene. Als dit traject niet slaagt, kan GGZ niets meer voor haar betekenen.
Alle verzochte vormen van zorg zijn gedurende de opname in [plaats 2] nodig. De zorgmodaliteiten insluiten, uitoefenen van toezicht, onderzoek aan kleding of lichaam, onderzoek van verblijfruimte én controleren op gedrag-beïnvloedende middelen zijn tijdens vorige opnames nodig gebleken omdat betrokkene toch aan drugs komt en zich dan agressief kan gedragen. Ook “het aanbrengen van beperkingen” is nodig in verband met het contact met dealers. Hoewel de zorgmachtiging nodig is voor de opname van zes weken, verzoekt de psychiater deze toch toe te wijzen voor zes maanden. Betrokkene is sinds kort beter in samenwerking. Hierdoor kan ervoor gekozen worden om de opname over een paar weken vrijwillig te starten. Echter omdat de opname de laatste mogelijkheid is, moet ervoor gewaakt worden dat de zorgmachtiging afloopt voordat de opname bij Novadic-Kentron is afgerond. Om Novadic-Kentron meer speling te geven, is een zorgmachtiging van zes maanden wenselijk.
De casemanager van GGZ sluit zich aan bij het standpunt van de psychiater. Hij wenst nog wel te benadrukken dat de opname bij Novadic-Kentron niet na zes weken hoeft te eindigen, maar dat dit op vrijwillige basis voortgezet kan worden.
De casemanager van het Zorg- en Veiligheidshuis merkt tot slot op dat zij betrokkene, in tegenstelling tot GGZ, altijd bij zal blijven staan. Ook als het traject bij Novadic-Kentron niet slaagt, zal de casemanager betrokken blijven en op zoek gaan naar een passende verblijfplaats voor betrokkene.
De advocaat vraagt om toewijzing van het verzoek. Betrokkene heeft ontzettend veel meegemaakt en heeft daarvoor hulp nodig. Wat de termijn van de zorgmachtiging betreft, refereert de advocaat zich aan het oordeel van de rechtbank. De advocaat hoopt dat betrokkene zo snel mogelijk hulp krijgt.
4. De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk een verslavingsstoornis, een schizofreniespectrumstoornis, disruptieve, impulsbeheersingsstoornis, een neurocognitieve stoornis, een persoonlijkheidsstoornis en overige DSM-5 stoornissen. Betrokkene is al jarenlang in zorg vanwege een ernstige verslaving en is bekend met een borderline persoonlijkheidsstoornis die bij gebruik psychotische decompensaties kent. De rechtbank merkt op dat volgens de psychiater mogelijk meer problematiek aan de orde is, zoals trauma’s en een depressie.
Uit de overgelegde stukken, waaronder de medische verklaring, en hetgeen tijdens de zitting is besproken, blijkt dat de verslavingsproblematiek van betrokkene op de voorgrond staat. De voorwaarde voor het verlenen van verplichte zorg is, in geval van een verslaving, dat deze psychische stoornis van zodanige ernst moet zijn dat het denken, voelen, willen, oordelen en doelgericht handelen daardoor zo ingrijpend worden beïnvloed dat betrokkene het veroorzaakte gevaar niet kan worden toegerekend, omdat de stoornis de gevaarvolle daden van de betrokkene overwegend beheerst. Betrokkene is al minstens vijftien jaar bekend met ernstig middelengebruik. Duidelijk is geworden dat de verslaving het leven van betrokkene volledig beheerst. Betrokkene is continu bezig met het verkrijgen en gebruiken van middelen. Zij is door het middelengebruik alles kwijtgeraakt en ondanks diverse behandelingen en opnames valt zij telkens weer terug in haar gebruik. De rechtbank is van oordeel dat de verslaving van betrokkene kan worden gezien als een stoornis in de zin van de Wvggz. De stoornis beheerst, door de duur en de frequentie van het gebruik, betrokkene in haar doen en laten. Daarnaast is sprake van een borderline persoonlijkheidsstoornis met psychotische decompensaties.
Deze stoornissen veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- levensgevaar;
- ernstige psychische schade;
- maatschappelijke teloorgang;
- bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat betrokkene onder invloed van een ander raakt;
- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
De rechtbank neemt hierbij onder andere in aanmerking dat er sprake is van forse maatschappelijke teloorgang. Onder invloed vertoont betrokkene ontremd en risicovol gedrag. Zij veroorzaakt overlast en onveiligheid in de stad door onder andere naakt op straat te lopen. Er zijn vele politiemeldingen van overlast en de burgemeester heeft betrokkene een tijdelijk verbod opgelegd om zich in bepaalde wijken te begeven. Betrokkene is door haar gedrag dakloos geraakt en verblijft nu bij de [accommodatie]. Ook daar veroorzaakt zij overlast waardoor zij op dit moment enkel ’s nachts welkom is. Er is daarnaast sprake van forse zelfverwaarlozing en kwetsbaarheid. Het vermoeden bestaat dat betrokkene zich begeeft in de prostitutie en meerdere keren verkracht is geweest. Ook heeft betrokkene de laatste weken meermaals suïcidale uitspraken gedaan en is zij door de politie van het spoor verwijderd.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid en de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Uit de overgelegde stukken en hetgeen tijdens de zitting is besproken, blijkt dat betrokkene ambivalent staat tegenover verplichte zorg. Betrokkene is dermate verslaafd dat zij geen autonome keuzes meer kan maken. Hoewel betrokkene soms een hulpvraag stelt, kan zij hier door haar verslaving geen gevolg aan geven. Betrokkene is bekend met een patroon waarbij zij haar behandelingen en opnames vroegtijdig afbreekt vanwege de zucht naar middelen. Daarom is verplichte zorg nodig.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- onderzoek aan kleding of lichaam;
- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedragsbeïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
- controleren op de aanwezigheid van gedragsbeïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- beperken van het recht op het ontvangen van bezoek;
- opnemen in een accommodatie.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De zorgmachtiging is nodig om betrokkene op te nemen op de gesloten afdeling van Novadic-Kentron in [plaats 2]. De rechtbank acht de opname bij Novadic-Kentron doelmatig omdat deze gericht is op de verslavingsproblematiek van betrokkene. Daarbij is de rechtbank ter zitting gebleken dat betrokkene gemotiveerd is voor behandeling zodra zij niet meer onder invloed van drugs is.
De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving. Ook zijn alle verzochte vormen van verplichte zorg nodig zodat de zorgverleners betrokkene kunnen controleren op middelengebruik.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. Wat de duur van de zorgmachtiging betreft, overweegt de rechtbank dat de zorgmachtiging nodig is voor de opname van zes weken bij Novadic-Kentron in [plaats 2]. Desondanks zal de rechtbank de zorgmachtiging verlenen voor de duur van zes maanden. Het is namelijk nog niet duidelijk wanneer de opname bij Novadic-Kentron aan zal vangen. Met een zorgmachtiging van zes maanden kan de opname bij Novadic-Kentron in ieder geval onder de zorgmachtiging worden afgerond. Daarbij merkt de rechtbank op dat Novadic-Kentron op grond van artikel 8:18 van de Wvggz de zorgmachtiging kan beëindigen indien betrokkene na de opname de behandeling op vrijwillige basis wil voortzetten.
5. De beslissing
De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1979 in [geboorteplaats], wat inhoudt dat de volgende maatregelen kunnen worden toegepast:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- onderzoek aan kleding of lichaam;
- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedragsbeïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
- controleren op de aanwezigheid van gedragsbeïnvloedende middelen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- beperken van het recht op het ontvangen van bezoek;
- opnemen in een accommodatie;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 3 juni 2026.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 3 december 2025 door mr. Meyboom, rechter, in aanwezigheid van mr. Van der Linde, griffier en op schrift gesteld op 15 december 2025.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.