ECLI:NL:RBZWB:2025:9799

ECLI:NL:RBZWB:2025:9799

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 07-10-2025
Datum publicatie 05-02-2026
Zaaknummer 11381634 \ MB VERZ 24-1496
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

ongegrond: beroep tegen bestuurlijke boete, ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht

Zittingsplaats Breda

zaaknummer : 11381634 \ MB VERZ 24-1496

beschikkingsnummer : 08072419404860641700 / 4709959

uitspraakdatum : 7 oktober 2025

proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep tegen een boete op grond van artikel 154b van de Gemeentewet

in de zaak van

naam : [betrokkene]

adres : [adres]

woonplaats : [woonplaats]

hierna: betrokkene

Verloop van de procedure

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Breda (hierna: het college) heeft aan betrokkene een bestuurlijke boete opgelegd. Betrokkene heeft daartegen bezwaar gemaakt. Het college heeft het bezwaar ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

De zaak is behandeld op de zitting van 7 oktober 2025. Namens het college zijn verschenen [zittingsvertegenwoordiger 1] en [zittingsvertegenwoordiger 2] (hierna: zittingsvertegenwoordigers). Betrokkene is ook verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De overtreding waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: zich met hond op een openbare plaats bevinden zonder dat de hond is aangelijnd op 8 juli 2024 om 19:40 uur op [locatie] te Breda.

Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de boete niet redelijk is gelet op de omstandigheden waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden. De aangegeven locatie op de boete is niet de locatie waar betrokkene is staandegehouden. De locatie op de boete is een woonwijk een stuk verderop. De plek van staandehouding is een fietspad buiten de bebouwde kom. Volgens de landelijke wetgeving mag een hond buiten de bebouwde kom onaangelijnd lopen. Tijdens de hoorzitting is aangegeven dat de gemeente Breda hier een uitzondering op heeft gemaakt die terug te vinden is in de APV van Breda. Uit de documenten die betrokkene later heeft ontvangen is niet vast te stellen dat er in de APV een artikel is opgenomen met de genoemde afwijking van de landelijke regelgeving. Na contact om dit te verhelderen werd op het laatste bericht niet meer gereageerd. De gegeven boete zou terecht zijn als de APV van Breda hierover helder is.

Ter zitting heeft betrokkene hieraan toegevoegd dat onduidelijk is waarom is gekozen voor een onjuiste pleeglocatie. Betrokkene liep namelijk niet in een woonwijk maar op een fietspad. Verder staat op de exacte pleeglocatie bij alle zijpaden een bord dat de hond aangelijnd moet worden. In dat geval is het redelijk duidelijk, maar waar betrokkene liep op de dijk is dat niet het geval. De specifieke bepaling waaruit blijkt dat wordt afgeweken van de landelijke regelgeving ontbreekt.

Namens het college is ter zitting verzocht het beroep ongegrond te verklaren. Daartoe is het volgende aangevoerd. In de APV van de gemeente Breda staat dat het voor de eigenaar verboden is om een hond te laten verblijven of te laten lopen zonder dat hij is aangelijnd. Daarbij is niets over de bebouwde kom of hierbuiten opgenomen, waardoor het overal geldt, tenzij het op een daartoe aangewezen plaats is. Sommige bebording (oranje bordjes) is van Staatsbosbeheer en niet van de gemeente Breda (paarse bodjes). Wat betreft de pleeglocatie kan op de PDA van de toezichthouder enkel de dichtstbijzijnde straat worden genoteerd, die niet gewijzigd kan worden. Als een locatie officieel geen straatnaam heeft, dan kan dat niet anders. De APV van elke gemeente is verschillend en in dit geval is het behoudens aangeduid overal verboden om een hond los te laten lopen.

Overwegingen

De boete is gebaseerd op een overtredingsrapport dat is opgemaakt door een opsporingsambtenaar (verbalisant). De kantonrechter is van oordeel dat uit het dossier - met name uit het overtredingsrapport - voldoende blijkt dat de overtreding waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Dat wordt door betrokkene ook niet ontkend.

Vast is komen te staan dat betrokkene is staandegehouden en is aangesproken door de toezichthouder. De kantonrechter kan zich voorstellen dat de aangepaste pleeglocatie een onduidelijkheid vormt, maar het was voor betrokkene vanwege de staandehouding wel duidelijk om welke overtreding en over welke locatie het ging. Gelet daarop wordt dit verweer verworpen. Verder is het aan betrokkene om zich te houden aan de geldende wet- en regelgeving. Iedereen wordt geacht de wet te kennen. De kantonrechter erkent dat dit mogelijk lastig kan zijn, maar als hondenbezitter die zijn hond wil laten loslopen word je geacht uit te zoeken waar dit wel en niet mag.

De kantonrechter ziet in hetgeen betrokkene heeft aangevoerd geen reden waarom de boete niet opgelegd had mogen worden. Daarbij ziet de kantonrechter ook geen reden voor een matiging. De gedraging komt voor eigen rekening en risico.

De boete is dus terecht opgelegd.

Beslissing

De kantonrechter:

‒ verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. S.W.M. Speekenbrink, kantonrechter, bijgestaan door de griffier E. Alekperov, en in het openbaar uitgesproken op 7 oktober 2025.

Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.

Datum verzending:

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?