ECLI:NL:RBZWB:2025:9800

ECLI:NL:RBZWB:2025:9800

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 07-10-2025
Datum publicatie 05-02-2026
Zaaknummer 11419506 \ MB VERZ 24-1604
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

ongegrond: beroep tegen bestuurlijke boete, ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht

Zittingsplaats Breda

zaaknummer : 11419506 \ MB VERZ 24-1604

beschikkingsnummer : 22072410312040614200 / 4744070

uitspraakdatum : 7 oktober 2025

proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep tegen een boete op grond van artikel 154b van de Gemeentewet

in de zaak van

naam : [betrokkene]

adres : [adres]

woonplaats : [woonplaats]

hierna: betrokkene

gemachtigde : [gemachtigde] ( [bedrijf] )

Verloop van de procedure

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Breda (hierna: het college) heeft aan betrokkene een bestuurlijke boete opgelegd. Betrokkene heeft daartegen bezwaar gemaakt. Het college heeft het bezwaar ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

De zaak is behandeld op de zitting van 7 oktober 2025. Namens het college zijn verschenen [zittingsvertegenwoordiger 1] en [zittingsvertegenwoordiger 2] (hierna: zittingsvertegenwoordigers). Gemachtigde en betrokkene zijn niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De overtreding waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: hinder veroorzaken, door een stof op of in de bodem te brengen, te storten, te houden, achter te laten op 22 juli 2024 om 10:31 uur op de Fagelstraat te Breda.

Gemachtigde heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat betrokkene een afspraak had gemaakt met de gemeente om houten planken afkomstig van een kast op te halen. Omdat hij slecht ter been is heeft hij dit door iemand anders laten doen. Vervolgens hebben andere bewoners hier vuil bij geplaatst. Betrokkene is van mening dat de boete onterecht is.

Namens het college is ter zitting verzocht het beroep ongegrond te verklaren. Daartoe is het volgende aangevoerd. Er is een doos aangetroffen met de naam- en adresgegevens van betrokkene. De doos hoort niet bij het grofvuil, maar in een container. Het door derden laten doen komt voor eigen rekening en risico als het onjuist wordt aangeboden.

Overwegingen

De boete is gebaseerd op een overtredingsrapport dat is opgemaakt door een opsporingsambtenaar (verbalisant). De kantonrechter is van oordeel dat uit het dossier - met name uit het overtredingsrapport en de foto’s - voldoende blijkt dat de overtreding waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. Dat wordt door betrokkene ook niet ontkend. Betrokkene betwist echter wel dat hij degene is die de overtreding heeft verricht. De vraag die de kantonrechter moet beantwoorden is dus of betrokkene als overtreder kan worden aangemerkt.

Volgens vaste rechtspraak mag in de regel worden aangenomen dat de persoon tot wie de aangetroffen afvalstoffen kunnen worden herleid, ook de overtreder is. Dit wordt het bewijsvermoeden genoemd. Dan is het vervolgens aan diegene om aannemelijk te maken dat hij of zij niet degene is geweest die het voorschrift heeft overtreden.

In deze zaak is het aangetroffen afval, bestaande uit een doos met daarin een factuur, tot betrokkene te herleiden op grond van de (adres- en persoons)gegevens die zijn gevonden.

Het bewijsvermoeden dat betrokkene daarmee ook de overtreder is, is door betrokkene niet weerlegd. De enkele stelling dat dit niet van hem is en door een ander is gedaan is daarvoor onvoldoende.

De boete is dus terecht opgelegd.

Beslissing

De kantonrechter:

‒ verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. S.W.M. Speekenbrink, kantonrechter, bijgestaan door de griffier E. Alekperov, en in het openbaar uitgesproken op 7 oktober 2025.

Als u het niet eens bent met deze beslissing, dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als:

Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, Postbus 90008, 4800 PA Breda. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde.

U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.

De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in het beroepschrift uitdrukkelijk vraagt om een zitting waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.

Datum verzending:

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?