ECLI:NL:RBZWB:2026:1795

ECLI:NL:RBZWB:2026:1795

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 11-02-2026
Datum publicatie 14-03-2026
Zaaknummer C/02/444521 / JE RK 26-172
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Rekestprocedure
Zittingsplaats Middelburg

Samenvatting

Ouders willen graag dat de OTS verlengd wordt, omdat ze nog niet in staat zijn de verzorging en opvoeding van de minderjarigen zonder steun en regie van de GI op zich te nemen. Met compliment van de kinderrechter.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Middelburg

Zaaknummer: C/02/444521 / JE RK 26-172

Datum uitspraak: 11 februari 2026

Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling

in de zaak van

de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting Jeugdbescherming & Jeugdreclassering, gevestigd te Amsterdam,

hierna te noemen: de GI,

over

[minderjarige 1] , geboren op [geboortedag 1] 2015 in [geboorteplaats 1] ,

hierna te noemen: [minderjarige 1] ,

[minderjarige 2] , geboren op [geboortedag 2] 2019 in [geboorteplaats 2] ,

hierna te noemen: [minderjarige 2] .

De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[de moeder] ,

hierna te noemen: de moeder,

wonende in [woonplaats] ,

[de vader] ,

hierna te noemen: de vader,

wonende in [woonplaats] .

1. Het verloop van de procedure

De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 26 januari 2026.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 11 februari 2026. Daarbij waren aanwezig:

- de vader;

- de moeder;

- een vertegenwoordigster van de GI.

[minderjarige 1] is uitgenodigd om haar mening te vertellen. [minderjarige 1] heeft van deze uitnodiging geen gebruik gemaakt.

2. De feiten

De ouders zijn belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige 1] en [minderjarige 2] .

[minderjarige 1] en [minderjarige 2] wonen bij hun ouders.

Bij beschikking van 19 maart 2025 zijn [minderjarige 1] en [minderjarige 2] onder toezicht gesteld van de GI met ingang van 19 maart 2025 en tot 19 maart 2026.

3. Het verzoek

De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] te verlengen voor de duur van een jaar en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

4. De standpunten

De GI stelt dat [minderjarige 1] en [minderjarige 2] nog steeds ernstig in hun ontwikkeling worden bedreigd en dat het gedwongen kader noodzakelijk is om in de aankomende twaalf maanden te werken aan het wegnemen van deze ontwikkelingsbedreigingen. De ontwikkelingsbedreigingen van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] zijn gelegen in de fragiele thuissituatie,

waarbij er nog te weinig zicht is op de opvoedvaardigheden van ouders, de specifieke

opvoedbehoefte van [minderjarige 1] en de impactvolle gebeurtenissen die [minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben

meegemaakt en nog niet hebben verwerkt.

Hierbij blijft het gedwongen kader noodzakelijk, omdat uit eerdere ervaringen binnen het

vrijwillig kader is gebleken dat het niet is gelukt om hulpverlening op de basis voort te zetten. Het is van groot belang dat de hulpverlening in de thuissituatie, maar ook de therapie voor [minderjarige 1] en [minderjarige 2] voorgezet wordt. Het ergste wat er op dit moment zou kunnen gebeuren is dat [minderjarige 1] en [minderjarige 2] niet de benodigde hulpverlening krijgen, zodat zij niet de impactvolle gebeurtenissen kunnen verwerken zoals het seksueel misbruik door de buurman.

De ouders willen beiden dat de ondertoezichtstelling wordt verlengd, zodat ze nog wat langer van de nodige hulpverlening kunnen profiteren.

5. De beoordeling

Wettelijk kader

Op grond van artikel 1:260 van het Burgerlijk Wetboek (hierna te noemen: BW) kan de kinderrechter, mits aan de grond, bedoeld in artikel 1:255 lid 1 BW is voldaan, de duur van de ondertoezichtstelling telkens verlengen met ten hoogste een jaar.

Ingevolge het bepaalde in artikel 1:255 lid 1 BW kan de kinderrechter een minderjarige onder toezicht stellen van een gecertificeerde instelling wanneer die minderjarige zodanig opgroeit, dat hij in zijn ontwikkeling ernstig wordt bedreigd, en:

a. de zorg die in verband met het wegnemen van de bedreiging noodzakelijk is voor de minderjarige of voor zijn ouders of de ouder die het gezag uitoefenen, door dezen niet of onvoldoende wordt geaccepteerd, en;

b. de verwachting gerechtvaardigd is dat de ouders of de ouder die het gezag uitoefenen binnen een gelet op de persoon en de ontwikkeling van de minderjarige aanvaardbaar te achten termijn, de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding, bedoeld in artikel 1:247 lid 2 BW, in staat zijn te dragen.

Inhoudelijke beoordeling

De kinderrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden voor een verlenging van de ondertoezichtstelling is voldaan. De kinderrechter legt hieronder uit waarom.

Allereerst complimenteert de kinderrechter, net als de GI ter zitting heeft gedaan, de ouders. De moeder heeft haar EMDR-therapie doorlopen en ervaart nu een helderder hoofd. Daarbij geeft ze aan dat ze het mentaal nog niet aan kan om samen met de vader nu al de volledige verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] te dragen. Beide ouders erkennen dat de hulpverlening nog nodig is. De kinderrechter vindt het mooi dat beide ouders dit inzicht hebben en op deze manier open (blijven) staan voor hulpverlening.

De kinderrechter is van oordeel dat de minderjarigen nog steeds in hun ontwikkeling worden bedreigd. Dit gelet op de gebeurtenissen van het afgelopen jaar, met name ook de rol van de buurman daarin, maar ook het feit dat beide ouders aangegeven de ondertoezichtstelling en de steun en de regie van de GI nog nodig te hebben. De ouders zijn nog steeds overvraagd. Daar komt de kindeigen problematiek van de kinderen en de daarbij behorende bijzondere opvoedvraag bovenop. Ook is het strafproces tegen de buurman nog lopende en brengt ook dat de nodige zorgen met zich mee. Het is van belang dat de ouders daar nog de nodige steun bij krijgen en dat de mogelijkheden en onmogelijkheden van de ouders ook het komende jaar een punt van aandacht blijven.

De GI heeft voor de minderjarigen noodzakelijke hulpverlening (speltherapie voor [minderjarige 2] en IPT voor [minderjarige 1] ) ingezet. Ook gaan beide minderjarigen naar de [zorgboerderij] ter ontlasting van de ouders. De GI is nog aan het kijken of er een passend steungezin te vinden is. Pas wanneer het ondersteunende systeem zoals hiervoor beschreven is opgestart en ook op vrijwillige basis lijkt te zullen kunnen werken, kan worden gedacht an beëindiging van de ondertoezichtstelling.

De kinderrechter verwacht daarmee dat de ouders binnen een voor de minderjarigen aanvaardbare termijn weer in staat zullen zijn zelf de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding van de minderjarigen te dragen. Op dit moment is het echter nog te vroeg om de hulpverlening in een vrijwillig kader voort te zetten.

De kinderrechter zal het onweersproken verzoek van de GI toewijzen en de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] voor de duur van een jaar verlengen.

Uitvoerbaar bij voorraad

De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat. De kinderrechter doet dit, omdat het voor de ontwikkeling van de minderjarige noodzakelijk is dat de beslissing ondanks een eventueel hoger beroep meteen uitgevoerd kan worden.

6. De beslissing

De kinderrechter:

verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] met ingang van 19 maart 2026 en tot 19 maart 2027;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 11 februari 2026 door mr. Duinhof, kinderrechter, in aanwezigheid van mr.De Bont, griffier, en op schrift gesteld op 19 februari 2026.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand