RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Bergen op Zoom
Zaaknummer: 11895254 \ CV EXPL 25-3173
Vonnis van 4 maart 2026
in de zaak van
BOL.COM B.V., (MEDE) HANDELEND ONDER DE NA(A)M(EN) BOL.COM, BOL. EN BOL,
te Amsterdam,
eisende partij,
hierna te noemen: Bol.com,
gemachtigde: GGN Brabant,
tegen
[gedaagde] ,
te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding- de conclusie van antwoord- de conclusie van repliek- de conclusie van dupliek.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De feiten
[gedaagde] heeft in augustus en september 2024 vier bestellingen verricht bij Bol.com voor een totaalbedrag van € 391,96. [gedaagde] heeft de bestelde goederen ontvangen.
3. Het geschil
Bol.com vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 454,84, vermeerderd met rente en kosten. Dit bedrag bestaat uit € 391,96 aan hoofdsom, € 58,79 aan buitengerechtelijke incassokosten en € 24,09 aan wettelijke rente tot 8 september 2025. [gedaagde] heeft een bedrag van € 20,00 aan Bol.com betaald. Bol.com heeft dit bedrag van de vordering afgetrokken.
[gedaagde] erkent dat hij de goederen heeft ontvangen, maar niet heeft betaald. [gedaagde] betwist dat hij proceskosten is verschuldigd, omdat [gedaagde] met Bol.com een betalingsregeling is overeengekomen.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
4. De beoordeling
Aangezien [gedaagde] de vorderingen tot betaling van de hoofdsom en wettelijke rente tot 8 september 2025 niet heeft betwist zullen deze worden toegewezen, te vermeerderen met verdere rente.
Met betrekking tot de proceskosten heeft [gedaagde] aangevoerd dat hij op 30 juni 2025 met de gemachtigde van Bol.com een betalingsregeling is overeengekomen van € 20,00 per maand met ingang van 30 juli 2025. Bol.com betwist dat zij hiermee akkoord is gegaan. Bol.com heeft namelijk op 1 juli 2025 via e-mail een tegenvoorstel gedaan van € 50,00 per maand. [gedaagde] heeft aangevoerd dat hij dit tegenvoorstel niet heeft ontvangen. [gedaagde] heeft vervolgens een nadere betalingsregeling voorgesteld, omdat hij na de eerste betaling van € 20,00 niet meer in staat was te betalen. Bol.com heeft daarover aangevoerd dat zij ook de nadere voorgestelde betalingsregeling niet heeft geaccepteerd en dit bij e-mailbericht heeft bevestigd. [gedaagde] heeft ook dit
e-mailbericht niet ontvangen, omdat Bol.com dit bericht naar een oud e-mailadres van [gedaagde] zou hebben verstuurd in plaats van het e-mailadres dat [gedaagde] heeft gebruikt bij zijn tweede afbetalingsvoorstel. Ook zou de inhoud van een e-mailbericht van 7 augustus 2025 van Bol.com tot verwarring hebben geleid bij [gedaagde] , omdat hij daardoor in de veronderstelling verkeerde dat zijn dossier zou worden stilgelegd indien hij een nieuw betalingsvoorstel zou indienen.
Ondanks het voorgaande blijkt uit de stukken niet dat Bol.com een betalingsvoorstel van [gedaagde] heeft geaccepteerd. De communicatie tussen Bol.com en [gedaagde] is jammer genoeg niet vlekkeloos verlopen, maar dat is geen reden om de gevorderde proceskosten af te wijzen. Bol.com is namelijk niet verplicht om een betalingsregeling te treffen. Bol.com heeft [gedaagde] dan ook niet ten onrechte gedagvaard. Dat betekent dat [gedaagde] als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten wordt veroordeeld.
Bol.com vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). De kantonrechter stelt vast dat [gedaagde] een consument is (een natuurlijk persoon die niet heeft gehandeld in de uitoefening van een beroep of bedrijf). Daarom moet de kantonrechter controleren of is voldaan aan de dan geldende extra eisen voor de verschuldigdheid van buitengerechtelijke incassokosten. Bol.com heeft aan [gedaagde] een of meer aanmaningen gestuurd die voldoen aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW. Daarnaast heeft [gedaagde] een betaling van € 20,00 verricht. Op grond van artikel 6:44 BW dient deze betaling eerst in mindering te strekken van de kosten. Daarom zal een bedrag van € 38,79 aan buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen.
De proceskosten van Bol.com worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
€
120,78
- griffierecht
€
135,00
- salaris gemachtigde
€
174,00
(2 punten × € 87,00)
- nakosten
€
43,50
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
473,28
5. De beslissing
De kantonrechter
veroordeelt [gedaagde] om aan Bol.com te betalen een bedrag van € 416,05, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over € 391,96, met ingang van 8 september 2025, tot de dag van volledige betaling,
veroordeelt [gedaagde] om aan Bol.com te betalen een bedrag van € 38,79 aan buitengerechtelijke kosten,
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 473,28, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. Swaanen en in het openbaar uitgesproken op 4 maart 2026.