ECLI:NL:RBZWB:2026:2653

ECLI:NL:RBZWB:2026:2653

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 24-03-2026
Datum publicatie 07-04-2026
Zaaknummer 02-262667-22
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Op tegenspraak
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

De rechtbank verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met één jaar.

Uitspraak

Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT

Strafrecht

Zittingsplaats: Breda

Parketnummer: 02-262667-22

Beslissing van de meervoudige kamer d.d. 24 maart 2026

op de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de terbeschikkingstelling met voorwaarden van

[betrokkene] (hierna: betrokkene)

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 1] 1991

verblijvende op het adres [adres]

raadsvrouw mr. M.E. Broekert, advocaat te Breda.

1. Stukken

Het dossier bevat onder meer de volgende stukken:

- de voortgangsverslagen van de reclassering van 18 juni 2024, 13 november 2024, 25 februari 2025, 4 juni 2025, 27 augustus 2025 en 25 november 2025;

- het verlengingsadvies van de reclassering van 19 januari 2026;

- het rapport van psychiater dr. [psychiater] d.d. 8 december 2025;

- de vordering van de officier van justitie van 2 februari 2026, strekkende tot een

verlenging van de terbeschikkingstelling (hierna: tbs) met voorwaarden met twee

jaar.

2. De procesgang

Bij vonnis van deze rechtbank van 21 maart 2024 is betrokkene schuldig bevonden aan bedreigingen, het overtreden van een contactverbod, vernieling en het bezit van verboden wapens. Hiervoor heeft hij tbs opgelegd gekregen, waaraan de volgende voorwaarden zijn verbonden:

1. dat betrokkene zich niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

2. dat betrokkene meewerkt aan het reclasseringstoezicht. Deze medewerking houdt onder andere in:

- Betrokkene meldt zich op afspraken bij de reclassering. De reclassering bepaalt hoe vaak dat nodig is.

- Betrokkene laat een of meer vingerafdrukken nemen en laat een geldig identiteitsbewijs zien. Dit is nodig om de identiteit van betrokkene vast te stellen.

- Betrokkene houdt zich aan de aanwijzingen van de reclassering. De reclassering kan

aanwijzingen geven die nodig zijn voor de uitvoering van het toezicht of om betrokkene te

helpen bij het naleven van de voorwaarden.

- Betrokkene helpt de reclassering aan een actuele foto waarop zijn gezicht herkenbaar is. Deze foto is nodig voor opsporing bij ongeoorloofde afwezigheid.

- Betrokkene werkt mee aan huisbezoeken.

- Betrokkene geeft de reclassering inzicht in de voortgang van begeleiding en/of behandeling door andere instellingen of hulpverleners.

- Betrokkene vestigt zich niet op een ander adres zonder toestemming van de reclassering.

- Betrokkene werkt mee aan het uitwisselen van informatie met personen en instanties die

contact hebben met betrokkene, als dat van belang is voor het toezicht;

3. als de reclassering dat nodig vindt en betrokkene daarmee instemt, kan betrokkene voor een time-out worden opgenomen in een Forensisch Psychiatrisch Centrum (FPC) of andere

instelling. Deze time-out duurt totdat de reclassering of betrokkene deze beëindigt, maar

maximaal zeven weken, met de mogelijkheid van verlenging met nog eens maximaal zeven

weken, tot maximaal veertien weken per jaar;

4. dat betrokkene niet naar het buitenland gaat of het Caribisch deel van het Koninkrijk der

Nederlanden, zonder toestemming van de reclassering;

5. dat betrokkene zich laat opnemen in een forensische zorginstelling, te bepalen door de

justitiële instantie die verantwoordelijk is voor plaatsing. De opname duurt zolang de

reclassering dat nodig vindt. Betrokkene houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorginstelling geeft voor de behandeling. Gelet op de problematiek kan hieronder ook het innemen van medicijnen vallen, als de zorginstelling dat nodig vindt. Als de reclassering een overgang naar ambulante zorg, begeleid wonen of maatschappelijke opvang gewenst vindt, werkt betrokkene mee aan de indicatiestelling en plaatsing;

6. dat betrokkene zich laat behandelen door een forensische zorgverlener, te bepalen door de

reclassering. De behandeling start aansluitend op de klinische behandeling. De behandeling

duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. Betrokkene houdt zich aan de huisregels en de

aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling. Gelet op de problematiek kan

hieronder ook het innemen van medicijnen vallen, als de zorgverlener dat nodig vindt;

7. dat betrokkene verblijft in een instelling voor beschermd wonen of maatschappelijke opvang, te bepalen door de reclassering. Het verblijf start aansluitend op de klinische behandeling. Het verblijf duurt zolang de reclassering dat nodig vindt. Betrokkene houdt zich aan de huisregels en het dagprogramma dat de instelling in overleg met de reclassering voor hem heeft opgesteld;

8. dat betrokkene op geen enkele wijze - direct of indirect - contact heeft of zoekt met de

slachtoffers [slachtoffer 1] (geboortedatum [geboortedag 2] 1996), [slachtoffer 2] (geboortedatum [geboortedag 3] 1998) en [slachtoffer 3] (geboortedatum [geboortedag 4] 1990), zolang het Openbaar Ministerie dit verbod nodig vindt;

8. dat betrokkene zich niet binnen een straal van 500 meter van het adres van de slachtoffers

bevindt, zolang het Openbaar Ministerie dit verbod nodig vindt;

9. dat betrokkene gedoogt dat door de behandelend arts voorgeschreven geneesmiddelen aan

hem worden toegediend in depot.

De tbs met voorwaarden is dadelijk uitvoerbaar verklaard en is op 25 maart 2024 aangevangen.

In het vonnis is vermeld dat de tbs met voorwaarden een maximale duur heeft van negen jaar, zoals bedoeld in artikel 38e, tweede lid van het Wetboek van Strafrecht. Ook is bepaald dat wanneer verdachte de opgelegde voorwaarden niet naleeft, alsnog kan worden bevolen dat verdachte van overheidswege wordt verpleegd en in dat geval de duur van de maatregel ongemaximeerd is.

Tijdens het onderzoek ter zitting op 24 maart 2026 is de officier van justitie,

mr. I.M.H. Masselink, gehoord. Ook is betrokkene gehoord, bijgestaan door zijn raadsvrouw. Verder is mevrouw [reclasseringswerker] , reclasseringswerker, als deskundige gehoord.

3. Adviezen

Advies reclassering

De reclassering heeft in haar rapport geadviseerd de tbs met twee jaar te verlengen. Zij vermeldt dat betrokkene van 25 maart 2024 tot 11 september 2025 klinisch is behandeld in FPK CTP [kliniek 1] . Deze behandeling is positief verlopen. Momenteel verblijft betrokkene in een kliniek met een lager beveiligingsniveau, te weten in [kliniek 2] . Hij bevindt zich in de resocialisatie-fase. Omdat het gevaar voor herhaling thans als laag wordt ingeschat, betrokkene zich meewerkend opstelt en zijn psychische gesteldheid stabiel wordt geacht, worden de verloven van betrokkene steeds verder uitgebreid. Op zijn eigen verzoek en in overleg met zijn behandelend psychiater is betrokkene inmiddels gestopt met zijn (depot)medicatie. De komende tijd is er aandacht voor de mogelijke effecten van het stopzetten van de antipsychotica. Dit kan volgens de reclassering goed gemonitord worden in de huidige beschermende setting. Verder worden systeemgesprekken en het terugkeren in het gezin van herkomst als aandachtspunten voor de komende periode genoemd. Daarom is verlenging van de tbs noodzakelijk.

De deskundige heeft ter zitting toegelicht dat de verlengingsduur een discussiepunt is geweest. Onafhankelijk van elkaar hebben de reclassering en de psychiater in eerste instantie geconcludeerd dat een verlenging van één jaar voldoende zou zijn, maar samen zijn zij later tot de conclusie gekomen dat een verlenging van twee jaar passender is. Zij vinden namelijk dat hetgeen tot nu toe is bereikt nog moet beklijven, omdat veel positieve ontwikkelingen in een heel rap tempo hebben plaatsgevonden, echter zijn we inmiddels ook alweer een paar maanden verder na het opstellen van het advies en gaat het, ondanks het stoppen met de medicatie in december 2025, goed met betrokkene.

De deskundige heeft tevens opgemerkt dat zij bij betrokkene tot op heden weinig noemenswaardige veranderingen in zijn gedrag heeft gezien ‒ zoals een opleving van psychotische klachten of symptomen daarvan ‒ nu hij geen medicatie meer gebruikt. Als hij last heeft van stress, maakt hij dat vaker bespreekbaar. Toch blijft het voor hem lastig om emoties te uiten, hetgeen deels aan zijn karakter ligt en deels aan zijn cultuur.

Afgelopen weekend is betrokkene gestart met een baan en hij heeft daarbij zijn oude vak weer opgepakt. De grootste en spannendste stap zal de terugkeer, de verhuizing naar zijn moeder zijn. Dit zal naar verwachting eind mei of begin juni 2026 gebeuren. Evenals het functioneren zonder medicatie en het hebben/houden van werk, moet deze ontwikkeling voor een langere periode gemonitord te worden.

Advies psychiater

Uit het rapport van de psychiater blijkt dat bij betrokkene sprake is van een paranoïde waan die momenteel in remissie is door het gebruik van een antipsychoticum. Het is nog niet duidelijk in hoeverre deze remissie het gevolg is van het gebruik van de medicatie dan wel van een combinatie van de medicatie en de ondersteuning die betrokkene momenteel wordt geboden. Dat moet de toekomst uitwijzen. Betrokkene heeft geen actieve wanen meer, die een hoog risico op geweldsdelicten vormen. Deze risico’s zijn evenmin toegenomen nadat de zorg- en beveiligintensiteit is afgeschaald. De risicofactoren zijn onder controle. De bedoeling is dat betrokkene gaat uitstromen naar de woning van zijn moeder. Systeemgesprekken zijn in dit verband noodzakelijk, omdat moeder ten tijde van de indexdelicten een onderdeel was van het waansysteem. Hoewel betrokkene aan alles meewerkt, is zijn motivatie deels extern bepaald en wordt zijn ziektebesef- en inzicht oppervlakkig genoemd. Na afloop van zijn opname in de FPA zal mede op basis van de ervaring in de kliniek de stabiliteit van betrokkene gemonitord moeten worden. Ook zal moeten blijken wat de effecten zullen zijn van de afbouw van medicatie op langere termijn. In de visie van de psychiater is er meer dan een jaar nodig om alle levensgebieden vorm te geven en te toetsen hoe betrokkene zich zal handhaven in de woonsituatie met zijn moeder. Daarom adviseert de psychiater de tbs-maatregel te continueren met twee jaar.

4. Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie is ter zitting bij de vordering de tbs met twee jaar te verlengen gebleven. Zij heeft rekening gehouden met de omstandigheid dat de depotmedicatie pas kort geleden is gestopt en betrokkene daarom nog niet gegarandeerd vrij is van medicatie. Daarnaast heeft zij in acht genomen dat betrokkene ook pas zeer recent is begonnen met een baan, waarbij de te werken uren nog worden opgebouwd. Voorts moet betrokkene nog terugkeren naar de thuissituatie, waar het indexdelict is ontstaan. Er zal daarom nog langere tijd bekeken moeten worden of betrokkene zich bij die veranderingen staande kan houden. De officier van justitie verwacht niet dat alles binnen een jaar zal zijn uitgekristalliseerd. Zij acht de situatie nog dermate risicovol en precair dat zij zekerheidshalve voor een verlenging van twee jaar kiest.

5. Het standpunt van de verdediging

Betrokkene en de raadsvrouw hebben verzocht de tbs te verlengen met één jaar.

Betrokkene heeft aangegeven dat zijn leven met een verlenging van twee jaar te lang ‘on hold’ komt te staan. Hij wil graag naar het buitenland reizen om zijn familie te bezoeken en medische ingrepen te ondergaan. Verder wenst hij zijn nationalisatieprocedure in Nederland af te ronden. Hij zegt momenteel te werken in een bakkerij van 07.00 uur tot 13.00 uur en hij kan die uren verder uitbreiden. Dit zullen uren overdag zijn en niet in een nachtdienst. Zijn relatie is inmiddels verbroken.

De raadsvrouw benadrukt dat er een positief beeld over betrokkene uit de rapportages naar voren komt. Betrokkene heeft in korte tijd grote sprongen gemaakt. Hij heeft inmiddels al drie maanden geen medicatie meer, zijn gedrag is stabiel, hij heeft zijn behandelmodules afgerond, hij heeft werk en over enkele maanden mag hij al naar huis. Het recidiverisico kan als laag worden beschouwd. Verlenging van de tbs met één jaar doet volgens de raadsvrouw meer recht aan de situatie dan een verlenging van twee jaar. Binnen een jaar kunnen de doelen van de resocialisatiefase worden behaald. Mochten de doelen niet worden gerealiseerd, dan kan de tbs eventueel opnieuw met een jaar worden verlengd. Betrokkene wil zich nog steeds houden aan de voorwaarden. Hij wenst zijn leven weer te gaan opbouwen.

6. Beoordeling

De tbs kan slechts worden verlengd indien de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen de verlenging van de tbs met voorwaarden eist.

Het recidivegevaar moet nog aanwezig zijn en dient voort te vloeien uit een ziekelijke stoornis en/of een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Gelet op de inhoud van de rapportages van de reclassering en de psychiater wordt nog steeds aan dit wettelijke criterium voldaan. De stoornis van veroordeelde is immers nog steeds aanwezig. Daarnaast is er nog steeds sprake van recidivegevaar, zeker als de maatregel zou worden beëindigd, en daarmee gevaar voor de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen. Het voorgaande staat niet ter discussie. Wel bestaat er verschil van mening over de termijn waarmee de tbs met voorwaarden moet worden verlengd. De reclassering en de psychiater adviseren om deze maatregel met twee jaar te verlengen, welk advies de officier van justitie in haar vordering heeft overgenomen. De verdediging meent echter dat kan worden volstaan met een verlenging van één jaar.

De rechtbank overweegt met betrekking tot de vraag of de tbs met voorwaarden met één of met twee jaar moet worden verlengd als volgt. Uit de stukken en de behandeling ter zitting blijkt dat betrokkene in de afgelopen periode een mooie vooruitgang heeft geboekt, waarbij bijzonder grote stappen zijn gemaakt. Hij heeft goed meegewerkt, heeft zich steeds gehouden aan de opgelegde voorwaarden, is naar een FPA overgeplaatst en heeft werk gevonden. Tevens is de (depot)medicatie drie maanden geleden stopgezet. Dat is weliswaar nog redelijk pril, maar betrokkene heeft in elk geval tot aan de zitting laten zien dat hij zonder medicatie evenwichtig blijft functioneren. Dat betrokkene de kliniek gaat verlaten om terug naar huis te gaan, is een extra grote stap. Net als bij de andere gemaakte stappen geldt ook voor deze laatste stap dat er nog een vinger aan de pols moet worden gehouden. Omdat de verhuizing naar verwachting al eind mei of begin juni 2026 plaatsvindt, bestaat er een reële kans dat de maatregel binnen een jaar kan worden afgerond. De rechtbank is dan ook van oordeel dat – mede gelet op de jurisprudentie hieromtrent ‒ de tbs met voorwaarden van betrokkene met slechts één jaar moet worden verlengd.

7. Beslissing

De rechtbank:

verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met één jaar.

Deze beslissing is genomen door mr. F.L. Donders, voorzitter, mr. E.B. Prenger en

mr. P.K.J. van der Wal, rechters, in tegenwoordigheid van mr. D.A.C.M. Roebroeks, griffier, en betreft een schriftelijke bevestiging van hetgeen is uitgesproken ter openbare zitting op 24 maart 2026.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. F.L. Donders
  • mr. E.B. Prenger
  • mr. P.K.J. van der Wal

Griffier

  • mr. D.A.C.M. Roebroeks

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?