ECLI:NL:RBZWB:2026:2733

ECLI:NL:RBZWB:2026:2733

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 08-04-2026
Datum publicatie 09-04-2026
Zaaknummer 02-800235-17
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Op tegenspraak
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

Verlenging tbs met verpleging van overheidswege met twee jaar

Uitspraak

Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT

Strafrecht

Zittingsplaats: Breda

Parketnummer: 02-800235-17

Beslissing van de meervoudige kamer d.d. 8 april 2026 met betrekking tot de verlenging van de terbeschikkingstelling van:

[betrokkene] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1974,

verblijvende in Forensisch Psychiatrisch Centrum [de instelling] (hierna: de instelling),

[adres] ,

hierna: betrokkene

raadsvrouw mr. A.L. Louwerse, advocaat te Haarlem.

1. Inleiding

Bij vonnis van deze rechtbank van 29 december 2017 is betrokkene veroordeeld tot een jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging. De tbs is gelast ter zake van het plegen van een poging tot doodslag. De rechtbank constateert dat het hier gaat om een misdrijf als bedoeld in artikel 38e, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.

De termijn van de tbs is aangevangen op 31 maart 2018.

Bij beslissing van deze rechtbank van 11 april 2024 is de tbs laatstelijk verlengd voor een termijn van twee jaren.

2. Procesverloop

De rechtbank heeft op 11 februari 2026 van het Openbaar Ministerie een vordering ontvangen tot verlenging van de tbs. De vereiste stukken zijn bijgevoegd dan wel toegezonden.

De vordering is op de openbare terechtzitting van 25 maart 2026 behandeld. De officier van justitie, mr. S. van der Wilt-Withfield, is gehoord. Tevens is betrokkene gehoord, bijgestaan door zijn raadsvrouw mr. A.L. Louwerse, advocaat te Haarlem.

Voorts is als deskundige gehoord, [persoon] , hoofdbehandelaar bij de instelling.

3. Adviezen

Advies instelling

De tbs-instelling heeft in het rapport van 26 januari 2026 geadviseerd de tbs te verlengen met twee jaren.

Bij betrokkene is schizofrenie vastgesteld. Betrokkene vertoont een langdurig patroon van psychotische symptomen, waaronder paranoïde wanen, betrekkingswanen, grootheidswanen en negatieve symptomen. Er zijn aanwijzingen voor kenmerken die passen bij een autismespectrumstoornis (hierna: ASS), maar vanwege het ontbreken van een heteroanamnese en het feit dat de symptomen nog niet volledig zichtbaar zijn in alle levensfasen kan een formele diagnose van ASS op dit moment niet definitief worden gesteld.

Betrokkene verblijft sinds juni 2025 op [afdeling] , waar hij zich relatief snel heeft aangepast en de behaalde stabiliteit en structuur heeft weten vast te houden. Hij heeft meegewerkt aan diagnostiek en enkele aangeboden behandelmodules. Desondanks ontbreekt het ziekte-inzicht en -besef volledig. Betrokkene heeft een eigen kijk op het delict en het contact met het behandelteam is voornamelijk functioneel en verloopt moeizaam. Hij deelt weinig over zichzelf en vindt het lastig om zijn gedachten en gevoelens onder woorden te brengen, waardoor er weinig tot geen zicht is op zijn belevingswereld. Er bestaat twijfel over de leerbaarheid en behandelbaarheid van betrokkene. Opvallend is dat betrokkene vreemde voorwerpen verzamelt of stukmaakt, zoals de zwanenhals van de wasbak, het uit elkaar halen van de ventilator en het verzamelen van wegwerpbestek en plastic tasjes.

De afgelopen periode is ingezet op het opbouwen van een vertrouwensband, psycho-educatie, motiverende gespreksvoering, vroegsignalering en het aanbieden van een dagprogramma op basis van de draagkracht van betrokkene. Ook hebben er farmacologische interventies plaatsgevonden en is de delictanalyse afgerond. Er zijn weinig beschermende, recidive verminderende factoren aanwezig zijn, wat maakt dat betrokkene vrijwel geheel afhankelijk is van extern toezicht en structuur. Het recidiverisico wordt als matig-hoog ingeschat binnen de FPC en als hoog daarbuiten. De instelling acht het noodzakelijk dat de tbs wordt voortgezet gezien de chronische pathologie van betrokkene, het ontbrekend ziektebesef en -inzicht, en het daaruit voortvloeiende risico voor delict gedrag. Er kan nog geen inschatting worden gemaakt van de totale behandelduur en toekomstige verlofmogelijkheden, omdat dat afhankelijk is van de medewerking van betrokkene en het verdere behandelverloop. De komende periode zal zich richten op verdere stabilisatie en onderzoeken naar de draagkracht bij het uitbreiden van vrijheden, het verder in kaart brengen van de diagnostiek en delictgerelateerde criminogene factoren en het behandelen van de risicofactoren van betrokkene. Ook zal onderzocht worden wat de mogelijkheden zijn om betrokkene te resocialiseren. De instelling adviseert daarom de tbs met twee jaren te verlengen.

Ter zitting heeft de deskundige [persoon] daaraan nog het volgende toegevoegd.

Ondanks dat betrokkene zijn best doet en probeert mee te werken aan behandelonderdelen, lopen sommige vast vanwege het gebrek aan ziekte-inzicht en -besef. Het is lastig om risico’s in te schatten, omdat er weinig zicht is op de belevingswereld van betrokkene. Hij heeft wel meegewerkt aan psychologisch onderzoek en cognitieve gedragstherapie. Betrokkene is goed ingesteld op zijn medicatie en hoewel de waan omtrent het delict nog steeds aanwezig is, worden er verder geen psychotische symptomen waargenomen. Binnen enkele weken start het ontwikkelingsonderzoek om te beoordelen of sprake is van een autismespectrumstoornis. Betrokkene is voorbereid op verlof en het doel is toewerken naar verlof, maar voor die tijd moeten de recidiverisico’s in kaart worden gebracht.

Adviezen (externe) gedragsdeskundigen

Advies psychiater

Uit het rapport van [psychiater] van 6 januari 2026 blijkt dat bij betrokkene sprake is van schizofrenie, onafgebroken. Binnen [de instelling] wordt de kans op recidive op de korte en lange(re) termijn als laag-matig ingeschat. Indien de tbs nu beëindigd wordt, wordt de kans op recidive op de korte en lange(re) termijn hoog ingeschat. Dit risico neemt toe als betrokkene verstoken is van zorg, zijn medicatie niet neemt en psychotisch decompenseert. De psychiater geeft aan dat er een start kan worden gemaakt met het resocialisatietraject, te beginnen met begeleid verlof, aangezien de psychotische symptomatologie meer naar de achtergrond is verdwenen.

De psychiater adviseert de tbs met twee jaren te verlengen, om de verdere behandeling en het resocialisatietraject verder vorm te kunnen geven.

Advies psycholoog

Het advies van [psycholoog] van 21 januari 2026 komt overeen met dat van de psychiater. De psycholoog geeft aan dat er mogelijk sprake is van een autismespectrumstoornis en vraagt daarvoor binnen de tbs-behandeling aandacht. Ook de psycholoog adviseert de tbs met twee jaren te verlengen, aangezien niet is te verwachten dat betrokkene over een jaar in aanmerking komt voor een voorwaardelijke beëindiging.

4. Standpunt van partijen

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie is ter zitting bij de vordering de tbs met twee jaren te verlengen gebleven. Aan de wettelijke vereisten is voldaan en bij betrokkene is sprake van een stoornis. Er is nog onderzoek gaande naar een autismespectrumstoornis en er is een gebrek aan ziektebesef en -inzicht. De deskundigen geven aan dat er sprake is van een hoog recidiverisico uit zorg. De officier van justitie acht daarom een verlenging van twee jaren passend.

Het standpunt van de verdediging

Betrokkene en de raadsvrouw hebben primair verzocht de vordering aan te houden en de officier van justitie opdracht te geven tot het aanvragen van een zorgmachtiging. Subsidiair is verlenging van de tbs bepleit met één jaar en is verzocht de beslissing over de dwangverpleging aan te houden en de reclassering opdracht te geven onderzoek te verrichten naar een voorwaardelijke beëindiging. Meer subsidiair is verlenging van de tbs bepleit met één jaar. De tbs-maatregel loopt acht jaren en er zijn nog geen stappen gemaakt in het verlof. Het ontbreekt betrokkene aan ieder perspectief. Onderzoek naar een autismespectrumstoornis vertraagt wederom een verlofaanvraag.

5. Beoordeling

De tbs kan slechts worden verlengd indien de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de tbs eist. Het recidivegevaar moet nog aanwezig zijn en dient voort te vloeien uit een ziekelijke stoornis en/of een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Gelet op de adviezen van de instelling en de externe gedragsdeskundigen wordt nog steeds voldaan aan dit wettelijke criterium. Het recidiverisico is hoog als de zorg, het toezicht en de begeleiding door de instelling zouden wegvallen.

Uitgangspunt is dat wanneer aannemelijk is geworden dat de behandeling van betrokkene meer tijd in beslag zal nemen dan de tijd die resteert bij een verlenging met een termijn van één jaar, de tbs - behoudens bijzondere omstandigheden - verlengd dient te worden met een termijn van twee jaren.

Uit het verlengingsadvies, de deskundigenrapportages en de ter zitting gegeven toelichting volgt dat niet te verwachten is dat binnen een jaar een (voorwaardelijke) beëindiging van de tbs aan de orde is. De behandeling van betrokkene komt pas net van de grond, er moet nog een ontwikkelingsonderzoek plaatsvinden en de verloven moeten nog worden opgestart. Ook is nog onduidelijk hoe betrokkene het beste kan resocialiseren en heeft betrokkene geen ziekte-inzicht en -besef. Ondanks de stapjes die betrokkene de afgelopen periode heeft gezet en de therapieën die hij heeft afgerond, ziet de rechtbank geen bijzondere omstandigheden die maken dat van voormeld uitgangspunt moet worden afgeweken.

Aanhouding van de zaak voor onderzoek naar een zorgmachtiging dan wel naar een voorwaardelijke beëindiging acht de rechtbank, gelet op het hoge recidiverisico, niet passend. Ook een verlenging van één jaar is gelet op het bovenstaande niet aan de orde. Wel hoopt de rechtbank dat betrokkene zijn motivatie vasthoudt, zodat zo snel als mogelijk kan worden gestart met verlof.

Gelet op hetgeen hierboven is overwogen, is de rechtbank van oordeel dat de tbs met verpleging van overheidswege van betrokkene moet worden verlengd met twee jaren.

6. Beslissing

De rechtbank:

verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege van betrokkene met 2 (twee) jaren.

Deze beslissing is genomen door mr. C.R.R. Loeve, voorzitter,

en mr. C.H.M. Pastoors en mr. K. Verschueren, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. D.W. Schalk, griffier en is uitgesproken ter openbare zitting op 8 april 2026.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. C.R.R. Loeve
  • mr. C.H.M. Pastoors
  • mr. K. Verschueren

Griffier

  • mr. D.W. Schalk

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?