ECLI:NL:RBZWB:2026:3271

ECLI:NL:RBZWB:2026:3271

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 21-04-2026
Datum publicatie 22-04-2026
Zaaknummer 23/10839 WAJONG
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

uitspraak pkv

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

[verzoekster], te [plaats], verzoekster,

Bestuursrecht

zaaknummer: BRE 23/10839 WAJONG

uitspraak van 21 april 2026 van de enkelvoudige kamer op het verzoek om veroordeling in de proceskosten in de zaak tussen

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV), verweerder.

Procesverloop

Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 27 september 2023 (bestreden besluit) van het UWV over de weigering aan haar een uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) toe te kennen.

Met het besluit van 10 februari 2026 heeft het UWV het bestreden besluit gewijzigd en aan eiseres met ingang van 25 februari 2023 een Wajong-uitkering toegekend.

Vervolgens heeft verzoekster het beroep ingetrokken, met het verzoek het UWV te veroordelen in de proceskosten. Het UWV heeft met de brief van 13 april 2026 gebruik gemaakt van de gelegenheid hierop te reageren.

De rechtbank heeft, met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), een behandeling van het verzoek ter zitting achterwege gelaten.

Overwegingen

Op grond van artikel 8:75a, eerste lid, van de Awb kan de rechtbank, indien het beroep wordt ingetrokken omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan veroordelen in de proceskosten.

Naar het oordeel van de rechtbank blijkt uit het besluit van 10 februari 2026 dat het UWV aan verzoekster is tegemoetgekomen. Hierin ziet de rechtbank aanleiding het UWV te veroordelen in de door verzoekster gemaakte reiskosten ten bedrage van € 22,64.

De rechtbank overweegt ten overvloede dat het UWV op grond van artikel 8:41, zevende lid, van de Awb het griffierecht van € 50,- aan verzoekster dient te vergoeden, zodat een veroordeling daartoe niet nodig is.

Beslissing

De rechtbank veroordeelt het UWV in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van € 22,64.

Deze uitspraak is gedaan door mr. S.A.M.L. van de Sande, rechter, in aanwezigheid van

mr. H.D. Sebel, griffier, op 21 april 2026 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan verzet worden gedaan bij de rechtbank.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. S.A.M.L. van de Sande

Griffier

  • mr. H.D. Sebel

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand