ECLI:NL:RBZWB:2026:3718

ECLI:NL:RBZWB:2026:3718

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 03-04-2026
Datum publicatie 04-05-2026
Zaaknummer C/02/444193 / FA RK 26-328
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Rekestprocedure
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

Wijziging zorgregeling

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team Familie- en Jeugdrecht

Zittingsplaats: Breda

Zaaknummer: C/02/444193 / FA RK 26-328

datum uitspraak: 3 april 2026

beschikking wijziging verdeling zorg- en opvoedingstaken

in de zaak van

[de vrouw] ,

hierna: de vrouw,

wonende te [plaats] ,

advocaat: mr. R.G.J. van Kerkhof,

tegen

[de man] ,

hierna: de man,

wonende te [plaats] ,

over de minderjarigen:

- [minderjarige 1], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 1] 2017, hierna: [minderjarige 1] ,

- [minderjarige 2], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 2] 2019, hierna: [minderjarige 2] .

Op grond van artikel 810 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering heeft de Raad voor de Kinderbescherming, Zeeland-West-Brabant, locatie Breda, hierna: de Raad, de rechtbank over het verzoek geadviseerd.

1. Het procesverloop

In het dossier bevinden zich de volgende stukken:

- het op 20 januari 2026 ontvangen verzoek met bijlagen.

Het verzoek is op zitting behandeld op 1 april 2026. Bij die zitting is verschenen de vrouw, bijgestaan door haar advocaat. De vrouw werd ook bijgestaan door een tolk in de Syrisch-Arabische taal. Ook was er een vertegenwoordigster aanwezig namens de Raad.

De man is hoewel juist opgeroepen niet verschenen. Tegen de man is verstek verleend.

De kinderrechter heeft [minderjarige 1] naar haar mening gevraagd. [minderjarige 1] heeft een briefje gestuurd naar de kinderrechter met daarin haar mening over het verzoek. Tijdens de zitting heeft de kinderrechter samengevat wat [minderjarige 1] in het briefje heeft geschreven. De aanwezigen hebben daarop kunnen reageren.

2. De feiten

Partijen zijn met elkaar gehuwd geweest. Uit dit (Islamitische) huwelijk zijn de navolgende nu nog minderjarige kinderen geboren:

- [minderjarige 1] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 1] 2017,

- [minderjarige 2] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 2] 2019.

De man heeft deze kinderen erkend. Partijen zijn gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag over hen. Zij verblijven bij de vrouw.

Bij de beschikking van 8 december 2022 (zaaknummer C/02/380885 / FA RK 20-6950) heeft de rechtbank bepaald dat de man en de minderjarigen gerechtigd zijn tot het hebben van contact met elkaar elke week van zondag 13.00 uur tot 17.30 uur, waarbij partijen in onderling overleg het halen en brengen van de kinderen regelen. Daarbij is daarnaast bepaald dat partijen voortaan samen het gezag hebben over [minderjarige 2] .

Bij vonnis van 29 september 2025 heeft de voorzieningenrechter bevolen dat de man binnen zeven dagen na de betekening van dat vonnis onverminderd uitvoering zal geven aan de geldende zorgregeling, zoals opgenomen in de beschikking van de rechtbank van 8 december 2022, een en ander onder de voorwaarden als beschreven in rechtsoverweging 4.3 van dat vonnis.

Partijen hebben beiden de Nederlandse nationaliteit.

3. Het verzoek

De vrouw verzoekt, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

Primair om

de geldende zorgregeling (alsmede de beschikking waarin deze is opgenomen) te wijzigen, in die zin dat er geen contact zal plaatsvinden tussen voornoemde minderjarige kinderen en hun vader.

Subsidiair om

te bepalen dat de geldende zorgregeling (alsmede de beschikking waarin deze is opgenomen) wordt geschorst.

Meer subsidiair om

althans een zodanige regeling te bepalen als de rechtbank juist acht.

4. De beoordeling

In artikel 1:253a lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) staat dat geschillen over het samen uitoefenen van het gezag op verzoek van een ouder aan de rechtbank kunnen worden voorgelegd. De rechtbank neemt dan een beslissing die zij in het belang van het kind vindt.

In deze zaak zijn de artikelen 1:253a en 1:377e van het Burgerlijk Wetboek (BW) van toepassing. In artikel 1:377e BW staat dat de rechtbank op verzoek van een ouder een bestaande zorgregeling kan veranderen als de omstandigheden zijn veranderd of als de rechtbank die regeling heeft vastgesteld op grond van onjuiste of onvolledige gegevens.

Onweersproken is door de vrouw gesteld en staat daarmee vast, dat de man sinds januari 2026 geen enkele uitvoering meer geeft aan de vastgestelde zorgregeling. De rechtbank oordeelt dat dit een relevante gewijzigde omstandigheid is zodat de vrouw in haar verzoek kan worden ontvangen.

De rechter moet eerst bekijken of de ouders met elkaar afspraken kunnen maken (artikel 1:253a lid 5 BW). Echter is het niet gelukt om de ouders met elkaar afspraken te laten maken omdat de man in deze procedure niet is verschenen.

Daarnaast is door de vrouw onweersproken gesteld en staat daarmee vast dat er sprake is van een slechte oudercommunicatie en dat de man voor wat betreft de nakoming van de geldende zorgregeling zijn geheel eigen plan trekt. De vrouw had de hoop dat het partijen na de afgifte van genoemd vonnis in kort geding van 29 september 2025 zou lukken om de man de vastgestelde regeling stipt na te laten komen maar helaas is die wens niet uitgekomen. De man blijft zijn eigen plan trekken of hij de regeling wel of niet nakomt. Vaak is dat volgens de vrouw niet het geval en de keren dat het contact is doorgegaan, kwamen de kinderen hoogst overstuur thuis.

Met de man is ook tijdens de schoolgang op de maandagen hinder ervaren van de contacten. Gebleken is dat de kinderen dan sneller zijn afgeleid en dat zij soms ongeremd gedrag laten zien. Volgens de vrouw hebben de kinderen inmiddels te maken gekregen met dusdanig vele teleurstellingen dat zij aangeven liever geen contact meer te willen hebben met de man.

De vrouw merkt nog op dat, voor zover haar bekend, de man nog niet over eigen (geschikte) huisvesting beschikt.

Tijdens het kort geding was met partijen afgesproken dat, indien de man een fysiek omgangscontact niet zou kunnen nakomen, dat het contact vervangen zou worden door een videobelmoment. Op zitting geeft de vrouw aan dat ook die contacten, als deze al doorgingen, voor haar hoogst onaangenaam verliepen omdat de man over haar continu lasterlijke opmerkingen maakte richting de kinderen. De vrouw heeft er toen voor gekozen die contacten niet meer te laten plaatsvinden. Voor zover de vrouw bekend zou de man sinds enige tijd in Syrië verblijven. De vrouw heeft dat opgemaakt uit beelden op social media.

Los van wat er tussen partijen is voorgevallen, maakt de rechtbank zich met de Raad ernstige zorgen over de ouderstrijd, over de spanningen die deze voor de kinderen met zich brengt en de onzekerheid voor de kinderen of de contacten telkens wel of niet doorgang zullen vinden.

Naar aanleiding van de vorig jaar tussen partijen gevoerde kort geding procedure is de man de kans gegeven om alsnog te laten zien dat hij in staat was om de vastgestelde regeling na te komen. Echter heeft de man die kans niet opgepakt. Ook nu is de man op zitting niet verschenen. Sinds januari 2026 is de man zelfs helemaal uit het leven van de kinderen verdwenen. Daarmee komt de man zijn in artikel 1:247 lid 1 BW vastgelegde plicht om zijn kinderen (mede) te verzorgen ook niet na. Deze omstandigheden bezorgen de kinderen veel onduidelijkheid en een onveilig gevoel. Uit wat [minderjarige 1] aan de kinderrechter heeft geschreven, blijkt ook dat zij de contacten, als deze al doorgingen, als onveilig en onaangenaam heeft ervaren.

Met de Raad komt het de rechtbank daarom het (primaire) verzoek van de vrouw om de geldende zorgregeling (alsmede de beschikking waarin deze is opgenomen) te wijzigen, in die zin dat er geen contact meer zal plaatsvinden tussen enerzijds [minderjarige 1] en [minderjarige 2] en anderzijds de man in het belang van de minderjarigen voor. De rechtbank zal dit onweersproken gebleven verzoek daarom toewijzen.

Deze beslissing wil niet zeggen dat het de man wordt verboden om nog contact te hebben met [minderjarige 1] en [minderjarige 2] . Wel is het zo dat de man de kinderen met deze beslissing niet zonder meer bij de vrouw kan komen opeisen. Een hernieuwd contact zal enkel tot stand kunnen komen na goed onderling overleg tussen partijen. Mochten partijen daar met elkaar niet aan uitkomen, dan ligt het op de weg van de man om zich via een advocaat met een verzoek voor het weer kunnen opstarten van contacten tussen hem en de minderjarigen tot de rechtbank te wenden.

Tot slot wijst de rechtbank de vrouw op het ter zitting gegeven advies van de Raad om zich voor de kinderen, die te maken hebben met het niet zien van hun vader, zo nodig voor advies en hulp, te wenden tot de huisarts en/of het schoolmaatschappelijk werk.

5. De beslissing

De rechtbank

bepaalt – onder de wijziging van de beschikking van 8 december 2022 (met het zaaknummer C/02/380885 / FA RK 20-6950) en het kort geding vonnis van 29 september 2025 (met het zaaknummer C/02/439095 / KG ZA 25-436) dat er geen contact zal plaatsvinden tussen de man en de minderjarigen:

- [minderjarige 1] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 1] 2017,

- [minderjarige 2] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag 2] 2019;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. Bogaert, en in het openbaar uitgesproken op 3 april 2026, in aanwezigheid van Van Dongen, griffier.

Indien hoger beroep tegen deze beschikking mogelijk is, kan dat worden ingesteld:

door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,

door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.

Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand