ECLI:NL:RBZWB:2026:4059

ECLI:NL:RBZWB:2026:4059

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 13-05-2026
Datum publicatie 13-05-2026
Zaaknummer 02-323825-23
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Op tegenspraak
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

Vrijspraak van heling. Veroordeling voor het meermalen witwassen. De rechtbank legt een gevangenisstraf van 1 maand voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, een taakstraf van 150 uren en een geldboete van € 1.900,00 op.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Strafrecht

Zittingsplaats: Breda

parketnummer: 02-323825-23

vonnis van de meervoudige kamer van 13 mei 2026

in de strafzaak tegen

[verdachte]

geboren op [geboortedag] 1997 te [geboorteplaats]

wonende te [woonadres]

raadsman mr. T.M. ten Velde, advocaat te Tilburg

1. Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 30 april 2026, waarbij de officier van justitie, mr. E. van Aalst, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.

2. De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:1: samen met anderen meerdere gestolen postpakketten in zijn bezit heeft gehad;2: samen met anderen meerdere elektronische apparaten heeft witgewassen.

3. De voorvragen

De geldigheid van de dagvaarding:

De verdediging heeft aangevoerd dat de dagvaarding ten aanzien van feit 1 nietig is, omdat onvoldoende duidelijk is waartegen verdachte zich moet verweren. Op basis van de tenlastelegging is immers niet duidelijk om welke postpakketten het gaat en hoe hij moest weten dat die van diefstal afkomstig waren.

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de dagvaarding voldoende duidelijk is wanneer die wordt gelezen in combinatie met het dossier.

De rechtbank acht de tenlastelegging, gelezen in combinatie met het procesdossier, voldoende duidelijk. Gelet op de verweten pleegperiode en het verwijt dat het feit in vereniging zou zijn gepleegd, is het naar het oordeel van de rechtbank voldoende duidelijk dat met de term (post)pakketten alle postpakketten worden bedoeld die in het dossier worden genoemd die door de medeverdachte bij het sorteercentrum van PostNL van een ander adreslabel zouden zijn voorzien, met daarop ook het e-mailadres van verdachte. De rechtbank is van oordeel dat de dagvaarding ook ten aanzien van feit 1 geldig is.

De rechtbank is bevoegd.

De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging.

Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.

4. De beoordeling van het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte beide feiten heeft gepleegd. Ten aanzien van het witwassen onder feit 2 acht zij meer in het bijzonder het overdragen en omzetten als genoemd onder sub b bewezen.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging voert geen bewijsverweer ten aanzien van feit 1. Zij sluit zich aan bij het standpunt van de officier van justitie dat bij feit 2 het overdragen en omzetten als genoemd onder sub b bewezen kan worden.

Het oordeel van de rechtbank

De bewijsmiddelen

De bewijsmiddelen zijn in bijlage II aan dit vonnis gehecht.

De bijzondere overwegingen met betrekking tot het bewijs

Feit 1

De rechtbank stelt vast dat uit de verklaring van verdachte en uit het dossier volgt dat verdachte samen met [medeverdachte] de feiten heeft gepleegd en dat zij daarbij nauw hebben samengewerkt. Verdachte had eerder bij PostNL gewerkt en [medeverdachte] werkte daar nog steeds. Zij wisten daardoor precies hoe de adreslabels op de pakketten eruitzagen. Verdachte heeft een labelprinter aangeschaft waarmee hij ook de labels op de postpakketten kon namaken. Hij heeft vervolgens voor [medeverdachte] adreslabels gemaakt waarop een voormalig werkgever van verdachte als verzender stond en verdachte of een van zijn medeverdachten als ontvanger stonden. Aan deze labels koppelde verdachte zijn eigen e-mailadres voor het ontvangen van de track and trace code. [medeverdachte] heeft in het sorteercentrum deze labels op de pakketten geplakt en vervolgens werden die gestolen pakketten simpelweg bezorgd op de door verdachte en medeverdachten gekozen adressen. Verdachte heeft gelet op de hoeveelheid postpakketten zelfs nog twee opslagboxen gehuurd om alles op te kunnen slaan.

De rechtbank is van oordeel dat voorgaande feiten en omstandigheden te kwalificeren zijn als het medeplegen van verduistering. Verdachte had een essentiële rol bij het maken van de plannen en het ervoor zorgen dat die plannen ook uitgevoerd konden worden. Zonder de labels die hij verstrekte, konden de pakketten niet verduisterd worden. De rechtbank ziet verdachte dan ook als één van de stelers/verduisteraars van de pakketten.

In de tenlastelegging is echter alleen heling opgenomen. Heling is het verkrijgen, hebben of doorgeven van dingen die gestolen zijn. De Hoge Raad heeft, kort samengevat, geoordeeld dat iemand die gezien wordt als een steler van een goed, niet ook kan worden aangemerkt als een heler. Dit geldt naar het oordeel van de rechtbank ook voor degene die een goed verduistert. De rechtbank is dan ook van oordeel dat aan verdachte het verkeerde feit ten laste is gelegd. Om die reden zal de rechtbank verdachte vrijspreken van de heling.

Feit 2

De rechtbank gaat er in de beoordeling van de witwasverdenking van uit dat het specifiek gaat om de verduisterde goederen die verdachte al via Marktplaats heeft verkocht. Verdachte wist dat de apparaten afkomstig waren van de verduistering die hij zelf samen met [medeverdachte] pleegde. Gelet op de bewijsmiddelen als genoemd in de bijlage acht de rechtbank het verweten witwassen wettig en overtuigend bewezen.

De bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte

2

in de periode van 25 augustus 2023 tot en met 22 november 2023, te [plaats] , meerdere elektronische apparaten, zoals Samsung Airbuds 2 en een Lenovo IDEAPAD 5 en een Salora Fu 11 HD-Smart TV,

Sub b

- heeft overgedragen en/of omgezet,

terwijl hij, verdachte wist dat die voorwerpen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf.

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

5. De strafbaarheid

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Dit levert de in de beslissing genoemde strafbare feiten op.

Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.

6. De strafoplegging

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie vordert aan verdachte op te leggen een taakstraf van 150 uur met aftrek van het voorarrest en een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 weken met een proeftijd van 2 jaren. Aan de voorwaardelijke straf zouden de voorwaarden moeten worden verbonden zoals geadviseerd door de reclassering. Zij vordert daarnaast de verbeurdverklaring van de inbeslaggenomen voorwerpen.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging verzoekt te volstaan met het opleggen van een deels voorwaardelijke taakstraf.

Het oordeel van de rechtbank

Verdachte heeft samengewerkt met [medeverdachte] om pakketten met dure apparaten te bemachtigen. Verdachte vulde zijn voormalige werkgever in als bedrijf dat de pakketten zou verzenden en liet hen daarmee opdraaien voor de verzendkosten. Vervolgens werden apparaten door verdachte verkocht op Marktplaats. Over het plan was vooraf goed nagedacht.

Verdachte heeft in het geheel niet bij al de gevolgen voor anderen stilgestaan, maar alleen gehandeld om voor zichzelf en de medeverdachten een financieel voordeel te krijgen. De rechtbank is van oordeel dat strafbare feiten geen voordeel op mogen leveren. Verdachte heeft ter zitting verklaard dat hij door de opbrengst van deze feiten extra geld had om te besteden. Mede om dat voordeel weg te nemen, zal de rechtbank ook een geldboete opleggen. Gelet op verdachte zijn financiële situatie zal de rechtbank hem de mogelijkheid geven om de boete in termijnen te betalen. Wel zal de rechtbank in de hoogte van de boete rekening houden met de beslagbeslissing die zij neemt over het inbeslaggenomen geld en daarom in plaats van € 2000,- € 1900,- opleggen.

De rechtbank kijkt ook naar welke straffen er in vergelijkbare zaken zijn opgelegd. Een onderdeel van die straffen is vaak een taakstraf. Die taakstraffen liggen meestal hoger dan de taakstraf die door de officier van justitie is gevorderd.

Daarnaast zal de rechtbank ook rekening houden met de persoon van verdachte. Uit het reclasseringsrapport volgt dat verdachte een licht verstandelijke beperking en autisme heeft. Hierdoor kan hij de gevolgen van zijn handelen niet goed overzien en is het voor hem lastiger om grenzen te stellen. Hiervoor krijgt hij hulp van hulpverleningsorganisatie [hulpverlening] . De reclassering heeft geadviseerd om naast die hulp ook bijzondere voorwaarden op te leggen. De reclassering kan verdachte daarmee extra hulp bieden om hopelijk herhaling van strafbare feiten te voorkomen. Die bijzondere voorwaarden kunnen worden gekoppeld aan een voorwaardelijke straf. Als verdachte dan niet meewerkt aan de voorwaarden, dan zal hij alsnog die straf krijgen. Ook de rechtbank is van oordeel dat de geadviseerde voorwaarden nodig zijn om herhaling te voorkomen. De rechtbank zal de bijzondere voorwaarden opleggen. Om ervoor te zorgen dat verdachte voldoende druk voelt om mee te werken aan de voorwaarden, zal de rechtbank een voorwaardelijke gevangenisstraf opleggen.

Verder zal de rechtbank er rekening mee houden dat het te lang heeft geduurd voordat de zaak op zitting is behandeld. De redelijke termijn voor de behandeling van de zaak is overschreden met 5 maanden. Normaal gesproken zou de rechtbank als onderdeel van de straf een taakstraf van 180 uren opleggen. Om de overschrijding van de redelijke termijn te compenseren, zal de rechtbank een iets lagere taakstraf opleggen.

De rechtbank zal aan verdachte opleggen:

Een gevangenisstraf van 1 maand voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren. Aan deze voorwaardelijke gevangenisstraf worden de bijzondere voorwaarden gekoppeld zoals hierna opgenomen in de beslissing;

Een taakstraf van 150 uren. Als verdachte die straf niet of niet goed uitvoert, staat daar 75 dagen vervangende hechtenis tegenover. Voor iedere dag die verdachte eerder al in voorarrest heeft gezeten, gaan er 2 uren van deze taakstraf af. Die uren hoeft verdachte niet meer te werken.

Een geldboete van € 1.900,00. Verdachte mag die boete betalen in 19 maandelijkse termijnen van elke keer € 100,00. Als hij die boete niet of niet helemaal betaalt, dan staat daar een vervangende hechtenis van 19 dagen tegenover.

7. Beslag

Teruggave

De rechtbank zal gelasten dat er een bedrag van € 590,00 van het inbeslaggenomen geld aan verdachte terug moet worden gegeven. Verdachte heeft hierover verklaard dat hij dit geld heeft verdiend met de illegale verkoop van televisiezenders en er valt uit het dossier niet af te leiden dat dit anders is. Hoewel dat natuurlijk ook absoluut niet mag, is dat een ander feit dan wat de rechtbank in dit vonnis kan bewijzen. Om die reden kan de rechtbank dat geldbedrag niet verbeurdverklaren.

Verbeurdverklaring

De rechtbank zal een bedrag van € 100,00 wel verbeurdverklaren. Verdachte heeft hierover verklaard dat hij dat bedrag heeft verdiend met de verkoop van de elektrische apparaten die in de gestolen postpakketten zaten. Dit bedrag is dus direct afkomstig uit het omzetten zoals bewezen bij het witwassen en daarmee vatbaar voor verbeurdverklaring.

De rechtbank zal ook de zes inbeslaggenomen labels verbeurdverklaren. Die labels waren van verdachte en ze waren bedoeld om te gebruiken bij het verduisteren van de postpakketten bij PostNL om vervolgens de goederen uit die pakketten te kunnen verkopen. Daarmee zijn de labels voorwerpen die bestemd waren om het bewezen misdrijf mee te begaan. Dat maakt de labels vatbaar voor verbeurdverklaring

8. De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 23, 24a, 24c, 33, 33a, 57 en 420bis van het Wetboek van Strafrecht zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

9. De beslissing

De rechtbank:

Vrijspraak

- spreekt verdachte vrij van feit 1;

Bewezenverklaring

- verklaart het tenlastegelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;

- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

Strafbaarheid

- verklaart dat het bewezenverklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:

Feit 2: witwassen, meermalen gepleegd

- verklaart verdachte strafbaar;

Strafoplegging

- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 1 maand voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren;

- bepaalt dat deze straf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast, omdat verdachte voor het einde van de proeftijd de hierna vermelde voorwaarden niet heeft nageleefd;

- stelt als algemene voorwaarde dat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

- stelt als bijzondere voorwaarden:

* dat verdachte zich gedurende de proeftijd meldt op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt. De reclassering bepaalt op welke dagen en tijdstippen deze afspraken zijn. Voor de eerste afspraak meldt de verdachte zich binnen drie dagen nadat de proeftijd is ingegaan bij Reclassering Nederland op het adres Ringbaan West 275 in Tilburg (tel. 088 804 1505). Huisbezoeken zijn onderdeel van de meldplicht;

* dat verdachte binnen de proeftijd deelneemt aan de gedragsinterventie CoVa-plus van de

reclassering of aan een andere gedragstraining die gericht is op cognitieve vaardigheden, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering de training nodig vindt. Verdachte houdt zich aan de afspraken en aanwijzingen van de trainer;

* dat verdachte zich inspant voor het vinden en behouden van betaald werk, onbetaald werk en/of vrijetijdsbesteding, met een vaste structuur. De dagbesteding draagt bij aan het voorkomen van delictgedrag;

* als verdachte zijn werk verliest / dreigt te verliezen, dan werkt hij mee aan begeleiding van een werkmakelaar of ander soort begeleiding voor het vinden van een zinvolle dagbesteding en/of werk;

* dat verdachte meewerkt aan het aflossen van zijn schulden en het treffen van afbetalingsregelingen, ook als dit inhoudt meewerken aan schuldhulpverlening in het kader van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen. Verdachte geeft de reclassering inzicht in zijn financiën en schulden;

* dat verdachte ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit, medewerking verleent aan het nemen van vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage biedt;

* dat verdachte medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;

- geeft opdracht aan de reclassering tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarde/voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;

- veroordeelt verdachte tot een taakstraf van 150 uren;

- beveelt dat indien verdachte de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast van 75 dagen;

- bepaalt dat de tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van dit vonnis in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde taakstraf naar rato van 2 uren per dag;

- veroordeelt verdachte tot betaling van een geldboete van € 1.900,00;

- beveelt dat bij niet betaling van de geldboete, vervangende hechtenis zal worden toegepast van 19 dagen;

- bepaalt dat deze geldboete mag worden betaald in maandelijkse termijnen van elk

€ 100,00.

Beslag

- gelast de teruggave aan verdachte van het inbeslaggenomen voorwerp, te weten:

* een geldbedrag van € 590,00;

- verklaart verbeurd de volgende voorwerpen:

* een geldbedrag van € 100,00;* 6 labels.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.H.M. Collombon, voorzitter, mr. G.M.J. Kok en mr. A.L. Hoekstra, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J. van Eekelen, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 13 mei 2026.

De griffier is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

10. Bijlage I

De tenlastelegging

1

hij in of omstreeks de periode van 3 september 2023 tot en met 6 december 2023 te

[plaats] , althans in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

meermalen, althans eenmaal

meerdere (post)pakketten, althans een of meer goederen heeft verworven,

voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen,

terwijl hij en zijn mededader(s) ten tijde van de verwerving of het voorhanden

krijgen van dit goed/deze goederen wist(en), althans redelijkerwijs had(den)

moeten vermoeden dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof ;

( art 416 lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht, art 417bis lid 1 ahf/ond a Wetboek

van Strafrecht, art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht )

2

hij in of omstreeks de periode van 25 augustus 2023 tot en met 22 november 2023, te

[plaats] , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen,

althans alleen

(van) meerdere elektronische apparaten, zoals Samsung Airbuds 2 en/of een

Lenovo IDEAPAD 5 en/of een Salora Fu 11 HD-Smart TV, althans een of meer

voorwerpen

Sub a

- de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding en/of de

verplaatsing heeft verborgen en/of heeft verhuld, dan wel

- heeft verborgen en/of heeft verhuld wie de rechthebbende(n) op dat /die

voorwerp(en) was/waren, en/of

- heeft verborgen en/of heeft verhuld wie dat/die voorwerp(en) voorhanden

had(den)

Sub b

- heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen, heeft omgezet,

en/of

- gebruik heeft gemaakt,

terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) wist(en) dat dat/die voorwerp(en) -

onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig misdrijf;

( art 420bis lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht, art 420bis lid 1 ahf/ond b

Wetboek van Strafrecht, art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht )

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand