ECLI:NL:RBZWB:2026:4182

ECLI:NL:RBZWB:2026:4182

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 15-04-2026
Datum publicatie 16-05-2026
Zaaknummer C/02/438231 / JE RK 25-1403 C/02/443279 / JE RK 25-2277
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Rekestprocedure
Zittingsplaats Middelburg

Samenvatting

De OTS wordt kort verlengd zodat de GI tot het maken van een borgingsplan over kan gaan. De omgang van de vader met de kinderen wordt stopgezet. Belang kinderen weegt zwaarder.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Middelburg

Zaaknummers: C/02/438231 / JE RK 25-1403 (verlenging ondertoezichtstelling)

C/02/443279 / JE RK 25-2277 (wijziging zorgregeling)

Datum uitspraak: 15 april 2026

Beschikking van de kinderrechter over een wijziging van de verdeling van zorg- en opvoedingstaken en een nadere beschikking over de verlenging van een ondertoezichtstelling

in de zaak van

de gecertificeerde instelling STICHTING JEUGDBESCHERMING WEST ZEELAND, gevestigd te Middelburg,

hierna te noemen: de GI,

over

[minderjarige 1] ,

geboren op [geboortedag 1] 2013 in [geboorteplaats 1] (Turkije),

hierna te noemen: [minderjarige 1] ,

[minderjarige 2] ,

geboren op [geboortedag 2] 2012 in [geboorteplaats 2] (Syrië),

hierna te noemen: [minderjarige 2] .

De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[de moeder] ,

hierna te noemen de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat mr. M.P. Kapteijn uit Middelburg,

[de vader] ,

hierna te noemen de vader,

wonende in [woonplaats] ,

advocaat mr. M. Kalle uit Middelburg.

Op grond van het bepaalde in artikel 810 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is in de procedure gekend:

- de Raad voor de Kinderbescherming, regio Zuidwest Nederland, locatie Middelburg,

hierna te noemen: de Raad, om de kinderrechter over het verzoek te adviseren.

1. Het (verdere) verloop van de procedure

De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

In zaaknummer C/02/438231 / JE RK 25-1403

de beschikking van 15 oktober 2025 en alle daarin vermelde stukken;

de briefrapportage van de GI van 13 maart 2025.

In zaaknummer C/02/443279 / JE RK 25-2277

- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 10 december 2025;

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 8 april 2026. Daarbij waren aanwezig:

- de vader, bijgestaan door een tolk in de Syrische taal en met zijn advocaat;

- de moeder met haar advocaat;

- een vertegenwoordiger van de Raad;

- een tweetal vertegenwoordigsters van de GI.

De zaken zijn gelijktijdig behandeld met zaaknummers C/02/425986 / FA RK 24-3952, C/02/437078 / FA RK 25-3319 en C/02/445339 / FA RK 26-969. Op deze zaaknummers wordt per separate beschikkingen beslist.

De kinderrechter heeft [minderjarige 2] en [minderjarige 1] naar hun mening gevraagd. [minderjarige 2] en [minderjarige 1] hebben hierover een gesprek gevoerd met de kinderrechter. Tijdens de zitting heeft de kinderrechter samengevat wat [minderjarige 2] en [minderjarige 1] hebben verteld. De aanwezigen hebben daarop kunnen reageren.

2. De feiten

De vader en de moeder zijn belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige 1] en [minderjarige 2] .

[minderjarige 1] en [minderjarige 2] wonen bij hun moeder.

Bij beschikking van de kinderrechter van 19 juni 2018 zijn [minderjarige 2] en [minderjarige 1] onder toezicht gesteld van de GI met ingang van 19 juni 2018 en tot 19 juni 2019. Deze ondertoezichtstelling is daarna steeds verlengd, laatstelijk bij beschikking van 19 juni 2021 en tot 19 maart 2022.

Bij beschikking van de kinderrechter van 20 september 2024 zijn [minderjarige 2] en [minderjarige 1] wederom onder toezicht gesteld van de GI met ingang van 20 september 2024 en tot 20 september 2025. Deze ondertoezichtstelling is daarna steeds verlengd voor het laatst bij beschikking van 15 oktober 2025 met ingang van 20 oktober 2025 en tot 20 april 2026.

Bij beschikking van deze rechtbank van 1 juli 2020 is het hoofdverblijf van de minderjarigen bij de vrouw bepaald. Daarnaast is er een zorgregeling bepaald waarbij de minderjarigen en de man minimaal één middag per twee weken begeleid omgang met elkaar zullen hebben en waarbij, onder regievoering door de GI, wordt toegewerkt naar een uitbreiding van deze regeling naar een weekend in de twee weken, alsmede de helft van de vakanties en feestdagen, een ander met inachtneming van hetgeen daarover in rechtsoverweging 2.10 is overwogen.

Bij beschikking van 6 november 2024 is in het kader van voorlopige voorzieningen de zorgregeling zoals opgenomen in de beschikking van 1 juli 2020 voorlopig gewijzigd en is bepaald dat de man en de kinderen in het kader van de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken voorlopig gerechtigd zijn tot het hebben van contact met elkaar en waarbij in samenspraak met de GI wordt toegewerkt naar een reguliere weekendregeling, in die zin dat de kinderen bij de man verblijven in de oneven weken van vrijdagmiddag tot en met zondagavond.

3. Het verzoek

In zaaknummer C/02/438231 / JE RK 25-1403

De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 2] en [minderjarige 1] te verlengen voor de

duur van een jaar, met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.

Thans ligt nog voor het verzoek om de ondertoezichtstelling van [minderjarige 2] en [minderjarige 1] te

verlengen met ingang van 20 april 2026 en tot 20 september 2026.

In zaaknummer C/02/443279 / JE RK 25-2277

De GI verzoekt de door de kinderrechter op 1 juli 2020 vastgestelde verdeling van de zorg- en opvoedingstaken te wijzigen en de zorgregeling per direct stop te zetten. De GI verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

4. De standpunten

In haar gesprek met de kinderrechter heeft [minderjarige 2] aangegeven dat zij op dit moment geen contact met de vader wil en het aan de jeugdbeschermer door wil geven wanneer zij hier anders over gaat denken.

In haar gesprek met de kinderrechter heeft [minderjarige 1] aangegeven dat zij op dit moment geen contact met de vader wil. Zij heeft geen last van de hulpverlening, maar vindt dat de moeder het goed doet.

De GI geeft aan dat al tijdens de zitting van 15 oktober 2025 naar voren kwam dat [minderjarige 2] en [minderjarige 1] met veel weerstand naar de vader gingen. Ook nadien geven [minderjarige 2] en [minderjarige 1] aan dat het onveilige gevoel tijdens de omgang met vader niet is afgenomen ondanks de aanwezigheid van een bezoekbegeleider. De kinderen ervaren mentale en fysieke klachten ten gevolge van de omgang. Zo lukt het moeilijk om te concentreren op school, hebben zij vanuit angst voor vader een hoge alertheid wat uitputtend is en hebben ze soms het gevoel te moeten flauwvallen. Zij lijken continue onder stress te staan en blijven herhalen dat ze geen omgang meer willen met de vader. De GI ziet dat de omgang met vader zoveel spanning oproept bij de kinderen dat de GI het niet langer in hun belang acht om de omgang op deze wijze te laten bestaan. Daardoor besluit de GI in december 2025 om de wens van de kinderen te volgen en de omgang stop te zetten.

Nadat de begeleide omgang tussen de vader en de kinderen is stopgezet is er een groei in de

ontwikkeling van de kinderen zichtbaar. In gesprek met de jeugdbeschermers geven ze aan dat ze nu rust ervaren en zichzelf kunnen zijn. Beide kinderen kunnen zich weer goed concentreren op school en halen hoge cijfers. Zij ervaren geen stress meer. [minderjarige 2] en [minderjarige 1] wensen contact met de vader te onderhouden door middel van brieven.

Ondanks dat het beter gaat met de kinderen is de GI van mening dat de ondertoezichtstelling nog niet kan worden afgesloten op 20 april 2026. Het verzoek van de GI om de omgangsregeling te wijzigen en het verzoek van de moeder tot eenhoofdig gezag moeten nog worden behandeld. Aan de hand van de uitspraak van de rechtbank over deze verzoeken is de GI voornemens om de borgingsfase in te gaan met de ouders en de kinderen zodat zij vanuit rust en duidelijkheid verder kunnen gaan na de ondertoezichtstelling. Voor het borgen en monitoren heeft de GI tijd nodig.

Namens en door de moeder is verklaard dat zij achter de verzoeken van de GI staat. De kinderen en zijzelf zijn toe aan rust en stabiliteit. Bovendien zijn ze bang. Ze zouden niet meer moeten worden blootgesteld aan angst. Zij zou wel graag zien dat de ondertoezichtstelling slechts voor drie maanden verlengd wordt. Dat is voldoende voor afronding van de borgingsfase van de ondertoezichtstelling.

Namens en door de vader wordt aangegeven dat het nu niet het moment is om te stoppen met de omgang van de vader met de kinderen. Van belang is dat de omgang weer opgebouwd wordt. Er zijn niet alleen zorgen over wat de vader tegen de kinderen zou zeggen. Die zijn er ook over de moeder. De hulpverlening van vader ziet het anders dan de GI. De kans is groot dat de kinderen klem zitten, voor een van beide ouders kiezen en dat hulpverlening en omgang de kinderen zullen kunnen helpen. De kinderen betekenen alles voor de man en hij functioneert niet meer door het verdriet dat hij over deze situatie heeft. De man wil overal aan meewerken. De vader kan daarbij beloven dat hij niets zal zeggen over de moeder. Hij heeft niet het plan om met de kinderen naar Syrië te gaan en wil de kinderen via de GI een brief schrijven, waarin hij dit ook zal uitleggen. De vader staat ook achter de verlenging van de ondertoezichtstelling.

De Raad staat achter de verzoeken van de GI en adviseert om deze toe te wijzen.

5. De (verdere) beoordeling

Wettelijk kader verlenging ondertoezichtstelling

Op grond van artikel 1:260 van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan de kinderrechter, mits aan de grond, bedoeld in artikel 1:255 lid 1 BW is voldaan, de duur van de ondertoezichtstelling telkens verlengen met ten hoogste een jaar.

Ingevolge het bepaalde in artikel 1:255 lid 1 BW kan de kinderrechter een minderjarige onder toezicht stellen van een gecertificeerde instelling wanneer die minderjarige zodanig opgroeit, dat hij in zijn ontwikkeling ernstig wordt bedreigd, en:

a. de zorg die in verband met het wegnemen van de bedreiging noodzakelijk is voor de minderjarige of voor zijn ouders of de ouder die het gezag uitoefenen, door dezen niet of onvoldoende wordt geaccepteerd, en;

b. de verwachting gerechtvaardigd is dat de ouders of de ouder die het gezag uitoefenen binnen een gelet op de persoon en de ontwikkeling van de minderjarige aanvaardbaar te achten termijn, de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding, bedoeld in artikel 1:247 lid 2 BW, in staat zijn te dragen.

Inhoudelijke beoordeling ondertoezichtstelling

De kinderrechter is van oordeel dat nog steeds wordt voldaan aan de wettelijke vereisten en dat de ondertoezichtstelling van [minderjarige 2] en [minderjarige 1] moet worden verlengd. De kinderrechter licht dit als volgt toe.

[minderjarige 2] en [minderjarige 1] worden nog ernstig in hun ontwikkeling bedreigd.

De kinderrechter maakt zich grote zorgen over het contact tussen [minderjarige 2] en [minderjarige 1] en de vader.

Tot juli 2025 was er sprake van structureel contact en waren de kinderen om het weekend

bij de vader. Nadat [minderjarige 2] en [minderjarige 1] zorgen over het contact met de vader hebben geuit, is het

contact begeleid geworden en inmiddels is het contact tussen de vader en de kinderen stopgezet.

De situatie is al 9 jaar niet goed voor de kinderen. Met de kinderen gaat het sinds het contact is stopgezet beter. Ze komen toe aan hun eigen ontwikkeling en zijn hun eigen identiteit aan het ontwikkelen. Volgens de GI ontstaat er op termijn weer een mogelijkheid voor contact, maar op dit moment heeft de ontwikkeling van hun eigen identiteit voorgang.

De kinderrechter vindt het van belang dat de ontwikkeling van de kinderen de komende tijd gemonitord wordt en dat er een borgingsplan gemaakt wordt. In dat borgingsplan moet uitdrukkelijk opgenomen worden op welke manier het contact tussen de vader en kinderen voor de toekomst geborgd kan gaan worden als zij weer contact willen.

De kinderrechter zal het resterende deel van het verzoek van de GI om de ondertoezichtstelling voor de duur van zes maanden te verlengen toewijzen. Er is geen verdere hulpverlening die nog in gezet kan worden voor de communicatie tussen de ouders. De afgelopen jaren is er veelvuldig hulpverlening ingezet en het hoogst haalbare lijkt bereikt te zijn. De komende periode moet gericht zijn op het maken van een borgingsplan. Daarbij is het van belang dat er rust en duidelijkheid voor de kinderen ontstaat, zodat zij de ontwikkeling die zij nu doormaken voort kunnen zetten.

Wettelijk kader wijziging zorgregeling

De kinderrechter kan een eerdere vastgestelde zorgregeling wijzigen op de grond dat nadien de omstandigheden zijn gewijzigd, of dat bij het nemen van de beslissing van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan.

Inhoudelijke beoordeling

De kinderrechter stelt voorop dat onbelast contact met beide ouders veelal in het voordeel van een goede ontwikkeling van kinderen is. In deze zaak zijn de kinderen echter angstig geworden onder meer door uitlatingen die de vader heeft gedaan. Ondanks dat er eerst geprobeerd is om via begeleide omgang het contact tussen de vader en de kinderen te laten voortduren, is gebleken dat de spanningen van de kinderen niet verminderden. Sinds de GI de zorgregeling heeft gestopt, ervaren de kinderen merkbaar meer rust. Zij komen nu toe aan de ontwikkeling van hun eigen identiteit. Daarin zijn zij nog zoekende naar de rol van de (cultuur van de) vader.

De kinderrechter heeft begrip voor het verdriet van de vader. Het is ontzettend pijnlijk als er geen contact is tussen een vader en zijn kinderen. Op dit moment vindt de kinderrechter het stopzetten van het contact echter wel in het belang van [minderjarige 2] en [minderjarige 1] . Zij hebben de afgelopen maanden laten zien dat het beter met hen gaat sinds het (verplichte) contact met de vader is stopgezet. Als er nu (opnieuw) ingezet gaat worden op contactherstel en contactopbouw, zoals de wens van de vader is, gaat dat averechts werken. Het is nu van belang dat er geluisterd wordt naar de wensen van de kinderen, zodat er mogelijk in de toekomst wel weer ruimte ontstaat voor het contact van de kinderen met de vader.

De kinderrechter zal het weer opstarten van het contact tussen de vader en de kinderen in handen van de GI of – na het maken van een borgingsplan en na het beëindigen van de ondertoezichtstelling – in handen van de vrijwillige hulpverlening leggen. Hierbij zijn de wensen van [minderjarige 2] en [minderjarige 1] leidend.

Uitvoerbaar bij voorraad

De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat. De kinderrechter doet dit, omdat het voor de ontwikkeling van de minderjarige noodzakelijk is dat de beslissing ondanks een eventueel hoger beroep meteen uitgevoerd kan worden.

6. De beslissing

De kinderrechter:

verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 2] en [minderjarige 1] met ingang van 20 april 2026 en tot 20 september 2026;

wijzigt de beschikking van 1 juli 2020 ten aanzien van de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken en bepaalt dat het contact tussen de vader en de kinderen wordt geschorst. De regie van het weer oppakken van het contact wordt in handen van de GI dan wel de vrijwillige hulpverlening gelegd;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beslissing is gegeven door mr. De Beer, kinderrechter en in het openbaar uitgesproken op 15 april 2026, in aanwezigheid van mr. De Bont, griffier.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. De Bont

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand