ECLI:NL:RBZWB:2026:4193

ECLI:NL:RBZWB:2026:4193

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 16-04-2026
Datum publicatie 17-05-2026
Zaaknummer C/02/445146 / FA RK 26-856
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Rekestprocedure
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

Verzoek wijziging voorlopige voorzieningen toegewezen: voorlopig geen contact tussen man en mj en raadsonderzoek.

Uitspraak

2. Het verzoek

De vrouw verzoekt wijziging van de beschikking van de Rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, van 3 december 2025, inhoudende een wijziging van de zorgregeling in die zin dat er voorlopig geen contact is tussen de man en de minderjarige. Daarnaast verzoekt de vrouw te bepalen dat de Raad een onderzoek zal doen.

3. De beoordeling

Bij voormelde beschikking is, samengevat, bepaald dat [minderjarige] aan de vrouw wordt toevertrouwd en is een zorgregeling tussen de man en [minderjarige] vastgelegd, die inhoudt dat de man [minderjarige] om het weekend op zaterdag om 10:00 uur bij de vrouw ophaalt en hem op zondag om 18:00 uur weer bij de vrouw terugbrengt.

Rechtsmacht en toepasselijk recht

Vanwege de nationaliteiten van partijen heeft de zaak internationaal privaatrechtelijke aspecten (de vrouw heeft de Jemenitische nationaliteit en de man heeft de Syrische nationaliteit). De rechtbank heeft die ambtshalve beoordeeld. De rechtbank is van oordeel dat haar rechtsmacht toekomt en dat zij naar Nederlands recht dient te beslissen op de verzoeken.

Inhoudelijke beoordeling

De vrouw voert als grond voor haar verzoek aan dat sinds genoemde beschikking de omstandigheden zodanig zijn gewijzigd dat de daarbij gegeven voorziening met betrekking tot de zorgregeling niet in stand kan blijven. In dat kader stelt de vrouw dat er kort na de vorige zitting een ernstig incident heeft plaatsgevonden, waarbij de man de vrouw en [minderjarige] heeft bedreigd. De man was achter de geheime verblijfplaats van de vrouw gekomen en is hen daar komen opzoeken. De politie is ook ter plaatse gekomen, maar uit angst heeft de vrouw alleen een melding gemaakt en geen aangifte gedaan. Aan de hulpverlening van de vrouw heeft de man aangegeven dat hij de vrouw en [minderjarige] zal neerschieten als hij hen tegenkomt. Na eerdergenoemd incident is er geen contact meer geweest tussen de man en [minderjarige] en is de vrouw naar een andere geheime veilige opvangplek gegaan. De in dat verband bij de vrouw betrokken hulpverlening, die gespecialiseerd is in onder andere huiselijk geweld, heeft aangegeven onvoldoende zicht te hebben op de veiligheid van [minderjarige] als hij bij de man verblijft. De hulpverlening heeft ernstige veiligheidszorgen voor [minderjarige] : risico’s op acuut gevaar, kinderontvoering, risico op dodelijke afloop en stalking. De vrouw wil op geen enkele manier contact met de man en ook [minderjarige] geeft aan dat hij geen contact met de man wil. Gelet hierop verzoekt de vrouw te bepalen dat er voorlopig geen contact zal zijn en dat de Raad een onderzoek zal doen naar de (on)mogelijkheid van contactherstel tussen [minderjarige] en de man.

De man heeft op de zitting verweer gevoerd. Hij betwist dat hij de vrouw en/of [minderjarige] heeft bedreigd, dan wel dat sprake is geweest van een incident. Hij is naar het hotel gegaan waar de vrouw verbleef om te kijken of het goed ging met haar. Hij heeft [minderjarige] in december 2025 voor het laatst gezien. Volgens de man is er niets vervelends gebeurd. De man wenst geen echtscheiding, maar wenst dat de vrouw en [minderjarige] bij hem terugkomen.

De Raad heeft aangegeven dat de hulpverlening een zorgelijk beeld heeft geschetst, zoals volgt uit de bijlage bij de brief van de advocaat van de vrouw van 1 april 2026. De Raad is bekend met de organisatie waar de vrouw verblijft: een organisatie gespecialiseerd in geweld. De Raad heeft geen reden om aan de informatie van die instantie te twijfelen. In tegendeel, als deze hulpverlening aangeeft dat er voorlopig geen contact dient te zijn, moet dit advies worden gevolgd.

De rechtbank stelt voorop dat tegen een op grond van artikel 822 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) gegeven beschikking geen hogere voorziening, behalve cassatie in het belang der wet, openstaat. Op grond van het bepaalde in artikel 824 lid 2 Rv kan een op basis van artikel 822 Rv gegeven beschikking slechts worden gewijzigd of ingetrokken, indien de omstandigheden na de beschikking in zodanige mate zijn gewijzigd of indien bij het geven van de beschikking in zodanige mate van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan dat, alle betrokken belangen in aanmerking genomen, de voorziening niet in stand kan blijven. Volgens genoemd artikel rechtvaardigt niet iedere wijziging van omstandigheden of onjuistheid, dan wel onvolledigheid een wijziging van de beschikking voorlopige voorzieningen, maar kan daarvan slechts sprake zijn in evidente, zeer sprekende gevallen.

Naar het oordeel van de rechtbank leveren de door de vrouw genoemde omstandigheden een wijziging van omstandigheden op die maken dat, alle belangen in aanmerking genomen (en met name het belang van [minderjarige] ), voornoemde beschikking dient te worden gewijzigd. In dit verband staat het volgende vast. Na de beschikking van 3 december 2025 heeft één keer contact tussen de man en [minderjarige] plaatsgevonden. Sinds enige tijd daarna verblijft de vrouw in een veilige, geheime opvangplek. Desgevraagd is ter zitting de precieze aanleiding hiervoor niet duidelijk geworden. De vrouw spreekt van een ernstig incident van bedreiging, maar laat na dit verder te concretiseren en de man betwist dat zich een incident heeft voorgedaan. De man heeft dit geheime adres achterhaald en heeft haar op die plek opgezocht. Wat zich daar vervolgens precies heeft afgespeeld is evenmin duidelijk geworden, maar wel dat de politie ter plaatste is geweest en dat de vrouw dit bezoek als zeer bedreigend heeft ervaren. De man was immers aanwezig op een locatie die voor hem geheim moest blijven. De vrouw vreest voor haar veiligheid en die van [minderjarige] . In de brief met informatie van de opvangorganisatie waar de vrouw thans verblijft, wordt die vrees bevestigd. Zo geeft de opvangorganisatie onder meer aan dat de man tijdens een gesprek met een hulpverlener van de organisatie heeft aangegeven dat hij de vrouw en [minderjarige] zal neerschieten als hij hen op straat tegenkomt en ook dat de man 5 tot 10 keer per dag contact met de vrouw zoekt en dreigende spraakberichten inspreekt, welke een hulpverlener heeft beluisterd. De opvangorganisatie ziet risico’s op acuut gevaar, kinderontvoering, risico op dodelijke afloop en stalking. De rechtbank acht deze informatie, hoewel anoniem gedeeld, relevant voor de beoordeling, nu de Raad ter zitting heeft aangegeven dat zij de opvangorganisatie kent en heeft bevestigd dat het een in huiselijk geweld gespecialiseerde organisatie is. Bovendien acht de rechtbank de reden voor de anonimisering begrijpelijk. Hoewel de man (overigens zonder verdere toelichting) ontkent dat er iets in negatieve zin is gebeurd, ziet de rechtbank gelet op al het voorgaande aanleiding om te bepalen dat er voorlopig geen zorgregeling tussen de man en [minderjarige] geldt.

Daarnaast acht de rechtbank het net als de vrouw en de Raad van belang dat een onderzoek door de Raad wordt uitgevoerd, ten behoeve van de tussen partijen aanhangige bodemprocedure (met kenmerk C/02/443563 / FA RK 25-6777). De rechtbank zal de Raad dan ook verzoeken om een onderzoek in te stellen ter beantwoording van de volgende vragen (mede gelet op de voorliggende verzoeken in de bodemprocedure):

- welke hoofdverblijfplaats is het meest in het belang van [minderjarige] ?

- welke zorgregeling komt het meest tegemoet aan de belangen van [minderjarige] ?

- hoe dient de regeling qua aard, duur en frequentie vorm gegeven te worden?

- zijn er contra-indicaties voor contact en zo ja, welke?

- in hoeverre zijn deze contra-indicaties op te heffen: hoe, onder welke voorwaarden en op welke termijn?

- welke andere feiten en/of omstandigheden die uit het onderzoek naar voren zijn gekomen, zijn niet in voorgaande vragen aan de orde gesteld en zijn wel van belang om te vermelden?

Het staat de Raad daarbij vrij het onderzoek, indien zij hiervoor aanleiding ziet, uit te breiden naar een beschermingsonderzoek.

De rapportage van de Raad moet worden ingediend in voornoemde bodemprocedure. De advocaten van partijen wordt verzocht in de bodemprocedure melding te maken van het thans ten behoeve van die procedure te starten Raadsonderzoek.

De rechtbank wenst nog op te merken dat met de man is besproken dat hij via het Juridisch Loket op zoek zal gaan naar een advocaat om zich te laten bijstaan in de echtscheidingsprocedure.

Tot slot

Tegen deze beslissing staat geen gewoon rechtsmiddel open. Ingevolge artikel 824 lid 1 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan alleen cassatie in het belang der wet worden ingesteld. Hoger beroep is dus niet mogelijk. Dit betekent dat deze beslissing directe werking heeft.

4. De rechtbank

wijzigt de in de beschikking van de Rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, van 3 december 2025 bepaalde zorgregeling tussen de man en de minderjarige [minderjarige] , geboren te [geboorteplaats] (Libanon) op [geboortedag] 2020, en bepaalt dat er voorlopig geen zorgregeling tussen hen geldt;

verzoekt de Raad voor de Kinderbescherming, locatie Breda, een onderzoek in te stellen ter beantwoording van de onder rechtsoverweging 3.8 vermelde vragen en daarover te rapporteren en te adviseren, en bepaalt dat het hierover door de Raad op te maken rapport bij de rechtbank moet worden ingediend ten behoeve van de hoofdzaak met kenmerk C/02/443563 / FA RK 25-6777;

verzoekt de advocaten om in voornoemde bodemprocedure bij afzonderlijke brief melding te maken van genoemd onderzoek van de Raad;

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. Baggel, en, in tegenwoordigheid van mr. Van Egeraat, griffier, in het openbaar uitgesproken op 16 april 2026.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. Van Egeraat

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand