ECLI:NL:RBZWB:2026:4557

ECLI:NL:RBZWB:2026:4557

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 24-04-2026
Datum publicatie 25-05-2026
Zaaknummer C/02/447025 / JE RK 26-637
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Rekestprocedure
Zittingsplaats Middelburg

Samenvatting

Verzoek ondertoezichtstelling, verzoek toegewezen, verzoek machtiging uithuisplaatsing gesloten accomadatie voor jeugdhulp, verzoek 3 maanden toegewezen en 3 maanden aangehouden

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Middelburg

Zaaknummer: C/02/447025 / JE RK 26-637

Datum uitspraak: 24 april 2026

Beschikking van de kinderrechter over een ondertoezichtstelling en een machtiging gesloten jeugdhulp

in de zaak van

RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING,

regio Zeeland-West-Brabant, locatie Middelburg,

hierna te noemen: de Raad,

over

[minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2010 in [geboorteplaats] , Polen,

hierna te noemen: [minderjarige] ,

advocaat: mr. N. Wouters uit Middelburg.

De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[de moeder] ,

hierna te noemen: de moeder,

wonende in [plaats 1] ,

[de vader] ,

hierna te noemen: de vader,

wonende in [plaats 2] .

De kinderrechter merkt als informant aan:

de gecertificeerde instelling STICHTING JEUGDBESCHERMING WEST ZEELAND, hierna te noemen: de GI,

gevestigd te Middelburg.

1. Het verloop van de procedure

De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 8 april 2026;

- het bericht van de Raad met bijlagen van 14 april 2026.

De mondelinge behandeling met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 24 april 2026. Daarbij waren aanwezig:

[minderjarige] , die ook voorafgaand aan de mondelinge behandeling apart is gehoord, bijgestaan door zijn advocaat;

de vader, bijgestaan door een tolk Pools;

- de moeder, bijgestaan door een tolk Pools;

- een vertegenwoordigster van de Raad;

- een vertegenwoordigster van de GI.

2. De feiten

De vader en de moeder zijn belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige] .

Bij beschikking van 15 januari 2026 is een spoedmachtiging verleend om [minderjarige] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp voor de duur van twee weken, met ingang van 15 januari 2026 en tot 29 januari 2026, zonder voorafgaand verhoor van de belanghebbenden. Het resterende deel van het verzoek is aangehouden.

Bij beschikking van 26 januari 2026 is een machtiging verleend om [minderjarige] te doen opnemen en te doen verblijven in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp met ingang van 26 januari 2026 en tot 26 april 2026. Het resterende deel van het (spoed)verzoek is afgewezen.

[minderjarige] verblijft op grond van de laatstgenoemde machtiging bij [accommodatie] .

3. Het verzoek

De Raad verzoekt [minderjarige] onder toezicht te stellen voor de duur van een jaar en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. Ook verzoekt de Raad een machtiging te verlenen om [minderjarige] uit huis te plaatsen in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp voor de duur van zes maanden.

4. De standpunten

De Raad handhaaft de verzoeken en verwijst ter onderbouwing van de verzoeken naar de overgelegde stukken. De Raad heeft veel zorgen over [minderjarige] . Er is veel hulpverlening betrokken geweest, maar dit heeft niet tot positieve resultaten geleid. De Raad verwacht niet dat de ouders de zorgen over [minderjarige] weg kunnen nemen in het vrijwillig kader. De Raad vindt het belangrijk dat [minderjarige] perspectief heeft, daarom kan de Raad ook akkoord gaan met het toewijzen van het verzoek tot het verlenen van een machtiging gesloten jeugdhulp voor de periode drie maanden en aanhouding van het restant.

Door en namens [minderjarige] wordt aangegeven dat er de afgelopen tijd veel is gebeurd. [minderjarige] bevestigt dat het eerder niet goed met hem ging, maar dat het nu beter met hem gaat. Voor [minderjarige] is duidelijk geworden dat hij niet terug naar huis kan. De ouders willen niet meewerken aan de hulpverlening, waardoor hij voor zichzelf gaat kiezen. [minderjarige] wil school oppakken en zo snel mogelijk naar een open groep. Ook gaat het beter met zijn depressieve klachten. Hij heeft geen suïcide wens meer. Dat [minderjarige] geen contact heeft met zijn ouders geeft hem rust. Verder is de vriendschap met [persoon] belangrijk voor hem. [minderjarige] vindt het een goed idee dat een jeugdbeschermer mee gaat kijken bij beslissingen die de ouders over hem moeten nemen. De onafhankelijke gedragswetenschapper heeft aangegeven dat drie maanden een passende termijn is om toe te werken naar een plaatsing op een open groep. Daar wil [minderjarige] voor gaan.

De moeder geeft aan het eens te zijn met de ondertoezichtstelling en de gesloten plaatsing. Dat is hetgeen wat op dit moment nodig is voor [minderjarige] . De moeder geeft aan mee te willen werken aan de hulpverlening en urinecontroles. De jeugdbeschermer kan bovendien helpen om als ouders samen beslissingen te nemen. De moeder zou willen dat ze weer contact heeft met [minderjarige] en dat hij uiteindelijk weer naar huis komt. Tot slot maakt de moeder zich zorgen over [persoon] en geeft ze aan dat de problemen van [minderjarige] zijn begonnen sinds de vriendschap tussen hem en [persoon] .

De vader geeft aan het eens te zijn met de ondertoezichtstelling en de gesloten plaatsing. De vader wil meewerken aan de hulpverlening en denkt dat de betrokkenheid van een jeugdbeschermer goed is. De ouders komen er niet samen uit, waardoor ze hebben besloten te gaan scheiden. Ook de vader maakt zich zorgen over de contacten met [persoon] en wil dat [accommodatie] niet toelaat dat hij op bezoek mag komen bij [minderjarige] .

De GI geeft aan dat er op dit moment gewerkt wordt met een instroomteam. Er kunnen op dit moment geen uitspraken worden gedaan over de wachtlijst voor een vaste jeugdbeschermer.

5. De beoordeling

Wettelijk kader

Ingevolge het bepaalde in artikel 1:255 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) kan de kinderrechter een minderjarige onder toezicht stellen van een gecertificeerde instelling wanneer die minderjarige zodanig opgroeit, dat hij in zijn ontwikkeling ernstig wordt bedreigd, en:

de zorg die in verband met het wegnemen van de bedreiging noodzakelijk is voor de minderjarige of voor zijn ouders of de ouder die het gezag uitoefenen, door dezen niet of onvoldoende wordt geaccepteerd, en;

de verwachting gerechtvaardigd is dat de ouders of de ouder die het gezag uitoefenen binnen een gelet op de persoon en de ontwikkeling van de minderjarige.

Uit artikel 6.1.2, eerste lid van de Jeugdwet volgt dat de kinderrechter een machtiging kan verlenen om een jeugdige in een gesloten accommodatie te doen opnemen en te doen verblijven. Op grond van het tweede lid van voormeld artikel kan een machtiging slechts worden verleend, indien naar het oordeel van de kinderrechter:

jeugdhulp noodzakelijk is in verband met ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van de jeugdige naar volwassenheid ernstig belemmeren;

de opneming en het verblijf noodzakelijk en geschikt zijn om te voorkomen dat de jeugdige zich aan deze jeugdhulp onttrekt of daaraan door anderen wordt onttrokken; en

er geen minder ingrijpende mogelijkheden zijn om de opgroei- en opvoedingsproblemen te behandelen.

Internationale bevoegdheid en toepasselijk recht

De kinderrechter constateert dat de minderjarige en de ouders de Poolse nationaliteit hebben. Dit brengt mee dat deze zaak een internationaal karakter heeft, waardoor de kinderrechter (ambtshalve) dient te beoordelen of haar in deze zaak rechtsmacht toekomt. De Nederlandse rechter is bevoegd van het verzoek kennis te nemen, omdat de minderjarige zijn gewone verblijfplaats in Nederland heeft. Omdat de Nederlandse rechter bevoegd is, is op de verzoeken het Nederlandse recht van toepassing.

Ondertoezichtstelling

De kinderrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden voor een ondertoezichtstelling is voldaan. De kinderrechter legt hieronder uit waarom.

De ontwikkeling van [minderjarige] wordt ernstig bedreigd, omdat er veel zorgen zijn over de sociaal-emotionele en cognitieve ontwikkeling van [minderjarige] . Zo kampt [minderjarige] met concentratieproblemen en emotieregulatieproblematiek. [minderjarige] heeft al veel meegemaakt in zijn leven en hij heeft veel onveiligheid ervaren. Zo is [minderjarige] is herhaaldelijk getuige geweest van fysieke en verbale conflicten van en met de ouders. In de laatste maanden loopt [minderjarige] regelmatig weg, komt hij in aanraking met de politie, is er sprake van middelengebruik en bevindt [minderjarige] zich in een risicovol netwerk. Daarnaast gaat [minderjarige] al een lange tijd niet naar school. [minderjarige] heeft recentelijk twee keer een suïcidepoging gedaan. Ondanks dat [minderjarige] in zijn gesprek met de kinderrechter aangeeft dat hij op dit moment geen suïcidale gedachten heeft, maakt de kinderrechter zich zorgen over het mentale welzijn van [minderjarige] . Hier moet zicht op komen. Er zijn ook zorgen over de ouders. Het lukt ouders niet om in het belang van [minderjarige] te denken en te handelen. Er is sprake van een gebrek aan vertrouwen en een slechte communicatie tussen de ouders. Er zijn geen duidelijke afspraken tussen ouders. Richting [minderjarige] vinden de ouders het lastig om duidelijke kaders te bieden en deze consequent aan te houden. [minderjarige] onttrekt zich dan ook aan het ouderlijk gezag en neemt zelf de regie in handen. Ook zijn er zorgen over het drugsgebruik van de moeder. De moeder geeft hierover zelf aan open te staan voor urinecontroles. De GI moet goed zicht gaan krijgen op de opvoedomgeving van de ouders om zo in kaart te brengen wat nodig is voor [minderjarige] om onbelast contact te hebben met zijn ouders. Daarnaast moet de GI het mentale welzijn van [minderjarige] monitoren en zorgen voor duidelijkheid rondom zijn toekomstperspectief. Het is nodig dat de ouders beter met elkaar gaan communiceren en dat de GI met zowel de ouders als met [minderjarige] goede afspraken gaat maken. De kinderrechter oordeelt verder dat de inzet van systemische hulp nodig is. Tot slot is het van belang dat de jeugdbeschermer de situatie rondom [persoon] onderzoekt. De ouders maken zich zorgen over de contacten tussen [persoon] en [minderjarige] , terwijl [persoon] voor [minderjarige] heel belangrijk is. Het is belangrijk dat de jeugdbeschermer zicht krijgt op wat voor soort jongen [persoon] is en welke invloed hij heeft op [minderjarige] .

De ernstige ontwikkelingsbedreiging kan niet of onvoldoende worden weggenomen met hulpverlening binnen het vrijwillig kader, omdat de ouders onvoldoende bereidheid tonen om samen te werken en aan de slag te gaan met hun onderlinge dynamiek. Ook zijn de ouders onvoldoende in staat om naar hun eigen aandeel te kijken. De mogelijkheden in het vrijwillig kader zijn uitgeput en hebben niet tot een positief resultaat geleid. Regievoering van de GI is daarom noodzakelijk.

De ondertoezichtstelling is daarom in dit geval nodig. De kinderrechter stelt [minderjarige] onder toezicht voor de duur van een jaar.

De kinderrechter geeft aan de GI de opdracht mee om aan de volgende doelen uitvoering te geven:

[minderjarige] moet (zowel fysiek als emotioneel) veilig zijn;

Het (woon)perspectief van [minderjarige] moet duidelijk worden;

Er wordt ingezet op systemische hulp voor [minderjarige] én de ouders;

De ouders moeten worden meegenomen in de hulp die nodig wordt geacht voor [minderjarige] ;

Het netwerk van [minderjarige] en de ouders wordt in kaart gebracht;

Er komt zicht op mogelijk drugsgebruik van [minderjarige] ;

Er komt zicht op de opvoedomgeving van beide ouders;

[minderjarige] en de ouders hebben op een positieve, onbelaste en gestructureerde manier contact met elkaar.

De kinderrechter verklaart de beslissing om [minderjarige] onder toezicht te stellen uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.

Machtiging gesloten jeugdhulp

Zoals hiervoor is overwogen, zijn er veel zorgen over [minderjarige] . Gelet op deze zorgen is de kinderrechter ook van oordeel dat jeugdhulp noodzakelijk is in verband met ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van [minderjarige] naar volwassenheid ernstig belemmeren. Deze problemen maken dat het verblijf in een gesloten accommodatie noodzakelijk en geschikt is om te voorkomen dat [minderjarige] zich onttrekt aan de jeugdhulp die hij nodig heeft of daaraan door anderen wordt onttrokken. Een plaatsing bij de vader of de moeder is op dit moment geen optie. De vader legt de problemen bij [minderjarige] en wil zelf niet veranderen. De vader houdt zich structureel niet aan de afspraken en het lukt niet om hulp in te zetten om [minderjarige] een veilige opvoedomgeving te bieden. De moeder is niet opgewassen tegen [minderjarige] , waardoor de moeder [minderjarige] geen duidelijke kaders kan bieden. Daarnaast is er onduidelijkheid over de veiligheid in de opvoedomgeving van de moeder, gelet op haar mogelijke middelengebruik. Daarnaast is een plaatsing op een open groep op dit moment niet passend, omdat bij [minderjarige] sprake is van een patroon waarbij hij zich onttrekt aan de hulpverlening en wegloopt. Gelet op het voorgaande is niet gebleken dat er minder ingrijpende mogelijkheden zijn om deze problemen te behandelen. De structuur en duidelijke kaders van [accommodatie] bieden [minderjarige] de opvoedomgeving die hij op dit moment nodig heeft. Binnen [accommodatie] moet worden gewerkt aan duidelijkheid over welke hulpverlening [minderjarige] nodig heeft, aan contactherstel met de ouders en aan wat er verder nog blijkt voor een uitstroming naar de open groep.

De Raad heeft een machtiging van zes maanden verzocht. [minderjarige] laat echter zien een duidelijk doel voor ogen te hebben, namelijk een verblijf op de open groep. De kinderrechter oordeelt dat [minderjarige] in de komende drie maanden kan laten zien dat hij motivatie blijft houden voor hulpverlening en school, waardoor hij na deze drie maanden kan uitstromen naar de open groep. Daarom verleent de kinderrechter de uithuisplaatsing in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp voor de duur van drie maanden en houdt zij de resterende drie maanden aan. De GI wordt verzocht tijdig voorafgaand aan de hierna te noemen zitting informatie aan te leveren over het verloop van de ondertoezichtstelling en de gesloten plaatsing. De Raad wordt verzocht zijn standpunt te geven ten aanzien van het resterende deel van het verzoek gesloten jeugdhulp. Indien het verzoek wordt gehandhaafd is een nieuwe (instemmende) verklaring van de onafhankelijke gedragswetenschapper noodzakelijk.

6. De beslissing

De kinderrechter:

stelt [minderjarige] , uitvoerbaar bij voorraad, onder toezicht van Stichting Jeugdbescherming west Zeeland met ingang van 24 april 2026 en tot 24 april 2027;

verleent een machtiging om [minderjarige] uit huis te plaatsen in een gesloten accommodatie voor jeugdhulp met ingang van 24 april 2026 en tot 24 juli 2026;

houdt het resterende deel van het verzoek om een machtiging gesloten jeugdhulp voor [minderjarige] te verlenen aan tot de mondelinge behandeling op [datum] 2026 om [uur] , bij mr. Dijkman als kinderrechter, in het gerechtsgebouw van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, locatie Middelburg, aan de Kousteensedijk 2, 4331 JE, in afwachting van de nadere informatie van de GI en de Raad;

bepaalt dat deze beschikking geldt als oproep voor die nadere mondelinge behandeling voor de Raad, [minderjarige] (en zijn advocaat), de ouders en de GI.

Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 24 april 2026 door mr. Dijkman, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. De Haard, griffier, en op schrift gesteld op 13 mei 2026.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. De Haard

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand