RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/447008 / FA RK 26-1853
Datum uitspraak: 28 april 2026
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedag] 1989 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats] ,
advocaat mr. B.G.M. Frencken uit 's-Hertogenbosch.
1. Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 13 april 2026.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 28 april 2026. Daarbij zijn gehoord:
De advocaat van betrokkene;
Mw. [persoon 1] , psychiater;
Tevens was bij de mondelinge behandeling aanwezig, maar is niet gehoord:
- Mw. [persoon 2] , begeleider.
Bij aanvang van de zitting meldt de advocaat dat betrokkene niet bij de zitting aanwezig wil zijn. De advocaat verklaart met betrokkene te hebben gesproken en namens hem het woord te mogen voeren. De rechtbank besluit daarop de zitting voort te zetten in afwezigheid van betrokkene. De advocaat, psychiater en begeleider hebben hiertegen geen bezwaar.
2. Wat vaststaat
De rechtbank heeft een machtiging verleend tot en met 20 juni 2026.
Betrokkene is onder curatele gesteld.
3. Het verzoek
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.
4. De standpunten
De psychiater heeft naar voren gebracht dat er in de situatie van betrokkene nauwelijks verbetering is. Wanneer er sprake is van vooruitgang gaat het om kleine stappen. Op dit moment wordt gekeken naar passende dagbesteding. Desgevraagd geeft de psychiater aan dat alle verzochte verplichte zorg noodzakelijk is, met dien verstande dat het toedienen van vocht en voeding en het verrichten medische controles en van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening niet nodig is. Middels een bewegingsmelder wordt toezicht uitgeoefend op betrokkene.
De advocaat van betrokkene heeft aangevoerd dat standpunt van betrokkene over de zorgmachtiging niet duidelijk is. Betrokkene wilde niet met de rechtbank spreken, maar daarmee is niet gezegd dat hij het eens is met de zorgmachtiging. Aan de wettelijke vereisten voor het verlenen van een zorgmachtiging is voldaan. Betrokkene heeft verplichte zorg nodig. Het verzoek ligt voor toewijzing gereed.
5. De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
De rechtbank is van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, andere problemen die een reden voor zorg kunnen zijn.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- levensgevaar;
- ernstig lichamelijk letsel;
- ernstige psychische schade;
- ernstige materiële schade;
- ernstige verwaarlozing;
- maatschappelijke teloorgang;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag.
De rechtbank neemt hierbij in aanmerking dat met langdurige intensieve zorg zeer minimale verbeteringen worden bereikt, maar zodra dit losser wordt gelaten, vervalt betrokkene in agressief en zelfverwaarlozend gedrag. Vanuit zijn belevingen is betrokkene zeer dreigend agressief, waarbij hij gilt en schreeuwt tegen de stemmen die hij hoort. In het verleden was hij bekend met geweld jegens hulpverleners, vernielingen en brandstichting.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Betrokkene heeft geen ziektebesef en -inzicht. Hij verzet zich regelmatig tegen de strakke begeleiding en structuur die hem geboden wordt en tegen de nodig geachte medicatie. Daarom is verplichte zorg nodig.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
Gebleken is dat er voor andere dan voornoemde vormen van verplichte zorg geen noodzaak is en deze zullen daarom worden afgewezen.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
6. De beslissing
De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1989 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.7. staan kunnen worden toegepast;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 28 april 2027.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 28 april 2026 door mr Willemsen, rechter, in aanwezigheid van mr. van Noort, griffier en op schrift gesteld op 1 mei 2026
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.