ECLI:NL:RBZWB:2026:4993

ECLI:NL:RBZWB:2026:4993

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 08-05-2026
Datum publicatie 08-06-2026
Zaaknummer C/02/441567 / FA RK 25-5683
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Rekestprocedure
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

verstek; beoordeling rechtsgeldigheid en erkenning Turks kindhuwelijk. Wet conflictenrecht huwelijk. Verdeling naar Turks recht. Chelouche/Van Leer arrest van toepassing

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Breda

Zaaknummer: C/02/441567 / FA RK 25-5683

Datum uitspraak: 8 mei 2026

Beschikking echtscheiding

in de zaak van

[vrouw] ,

voorafgaand aan het huwelijk: [naam vrouw] ,

hierna te noemen de vrouw,

wonend in [woonplaats] ,

advocaat mr. J.M. Molkenboer uit Tilburg,

en

[de man] ,

hierna te noemen de man,

wonend in [woonplaats] , [adres 1] .

1. Het verloop van de procedure

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

het verzoekschrift van de vrouw met bijlage(n), ontvangen op 4 november 2025;

het betekeningsexploot;

de brieven van mr. Molkenboer met bijlage(n) van 2 januari 2026 en 5 januari 2026;

de brief van de griffier van de rechtbank van 9 maart 2026 aan mr. Molkenboer;

de brieven van mr. Molkenboer van 9 maart 2026, 24 maart 2026 met bijlagen en 15 april 2026 met bijlage.

De man heeft geen verweerschrift ingediend binnen de termijn die daarvoor staat.

Een zitting heeft niet plaatsgevonden.

2. De feiten

In de Basisregistratie Personen (BRP) staat de vrouw als gehuwd geregistreerd met de man op [datum] 1980 in [plaats] , Turkije.

De vrouw heeft zich op 15 juni 1982 in Nederland gevestigd en de man op

19 september 1978.

Partijen hebben op 17 juni 1996 de Nederlandse nationaliteit verkregen.

Partijen hebben tijdens het huwelijk drie kinderen gekregen.

3. Het verzoek

De vrouw verzoekt, samengevat:

- echtscheiding;

- gelasten van de wijze van verdeling van de tot de huwelijksgemeenschap behorende echtelijke woning.

4. De beoordeling

Echtscheiding

Rechtsmacht en toepasselijk recht

De Nederlandse rechter komt rechtsmacht toe met betrekking tot het verzoek tot echtscheiding, omdat ten tijde van de indiening van het verzoek partijen hun gewone verblijfplaats hadden in Nederland.

De rechtbank zal op het verzoek tot echtscheiding Nederlands recht toepassen ingevolge artikel 10:56, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek (BW).

Rechtsgeldigheid en erkenning huwelijk

De vrouw stelt dat partijen op [datum] 1980 in [plaats] , Turkije met elkaar zijn gehuwd. Als bewijs heeft zij de originele huwelijksakte ingediend en een recent afschrift daarvan. Tijdens het sluiten van het huwelijk was zij 15 jaar oud en de man 21 jaar oud.

Omdat het huwelijk in het buitenland is gesloten, zal de rechtbank de rechtsgeldigheid van het huwelijk moeten toetsen.

Het huwelijk is voor 1 januari 1990 voltrokken. Artikel 10:34 BW bepaalt dat artikel 10:31 BW over de erkenning van buiten Nederland gesloten huwelijken dan niet van toepassing is. Gelet op de datum van het huwelijk was op dat moment het Haags Huwelijksverdrag 1902 niet meer van toepassing. Dit verdrag was namelijk geldig tot 1 juni 1979 voor Nederland. Dat brengt mee dat dan het commune (ongeschreven) Nederlandse recht geldt. Volgens de rechtspraak is op deze gevallen de erkenningsregel van artikel 5 Wet conflictenrecht huwelijk van toepassing.

Artikel 5 lid 1 van de Wet conflictenrecht huwelijk bepaalt dat een buiten Nederland gesloten huwelijk dat ingevolge het recht van de Staat waar de huwelijksvoltrekking plaatsvond rechtsgeldig is als zodanig wordt erkend. Lid 4 bepaalt dat een huwelijk wordt vermoed rechtsgeldig te zijn als een huwelijksverklaring is afgegeven door een bevoegde autoriteit.

Voor de vraag wanneer sprake is van een rechtsgeldig huwelijk in Turkije heeft de rechtbank de landeninformatie van Burgerzaken/OpMaat geraadpleegd. Hieruit volgt dat men in Turkije alleen een burgerlijk huwelijk kent. De minimumleeftijd om te kunnen trouwen was voorheen voor de vrouw 15 jaar en voor de man 17 jaar.

Het huwelijk wordt ingeschreven in het register van de burgerlijke stand waar de man en de vrouw staan geregistreerd. Gelet op deze informatie, waaronder de informatie over de minimumleeftijd om te kunnen trouwen, en het ingediende afschrift van de huwelijksakte afgegeven door de burgerlijke stand van [plaats] in Turkije, is de rechtbank van oordeel dat het huwelijk in Turkije rechtsgeldig is gesloten en als zodanig wordt erkend.

Artikel 6 van de wet Conflictenrecht huwelijk bepaalt dat ongeacht artikel 5 aan een buiten Nederland gesloten huwelijk erkenning wordt onthouden, als deze erkenning onverenigbaar zou zijn met de openbare orde. Naar het oordeel van de rechtbank is dat niet het geval. De rechtbank weegt daarin mee dat het Nederlandse recht tot 2015 de leeftijd van 15 jaar hanteerde als ondergrens om te mogen trouwen, als de echtgenoten uit een land kwamen waarin dat was toegestaan (artikel 10:29 lid 1 sub a BW, geldend tot 5 december 2015). Daarbij zijn partijen 45 jaar gehuwd, hebben zij al die tijd samengeleefd en drie kinderen gekregen.

Echtscheiding

De rechtbank spreekt de echtscheiding tussen partijen uit. De vrouw verzoekt dit en stelt dat het huwelijk duurzaam is ontwricht. Dat betekent dat partijen niet samen verder kunnen als echtgenoten. De man voert geen verweer.

Verdeling huwelijksgemeenschap

De vrouw verzoekt de verdeling van de tot de huwelijksgemeenschap van partijen behorende echtelijke woning als volgt vast te stellen:

- dat de woning aan haar wordt toegedeeld, samen met de verplichting van haar om de aan de woning verbonden hypotheekschuld als eigen schuld te voldoen;

- en te bepalen dat bij de notariële overdracht van de woning aan haar, zij aan de man de helft van de overwaarde, zijnde € 32.000,=, moet uitbetalen en de man moet ontslaan uit zijn hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypotheekschuld.

Rechtsmacht en toepasselijk recht

Omdat de Nederlandse rechter op grond van de Brussel II-ter Verordening rechtsmacht heeft met betrekking tot het verzoek tot echtscheiding heeft hij ook rechtsmacht ten aanzien van het verzochte met betrekking tot het huwelijksvermogensstelsel van partijen (artikel 5, eerste lid, Verordening huwelijksvermogensstelsels).

Omdat het huwelijk van partijen is gesloten voor 1 september 1992 geldt voor de bepaling van het toepasselijk recht op het huwelijksvermogensregime van partijen de verwijzingsregels die zijn uitgewerkt in het Chelouche/van Leer arrest

(HR 10 december 1976, NJ 1977, 25).

De aanknopingsladder is als volgt:

- de door de echtgenoten gemaakte voorhuwelijkse rechtskeuze, en anders:

- het recht van de gemeenschappelijke nationaliteit van echtgenoten bij of kort na de huwelijkssluiting;

- bij gebrek aan een rechtskeuze en een gemeenschappelijke nationaliteit wordt aangeknoopt bij het recht van de eerste huwelijksdomicilie.

Voor de rechtbank is niet gebleken van een rechtskeuze. De rechtbank stelt vast dat partijen tijdens de huwelijkssluiting allebei de Turkse nationaliteit hadden. Dit betekent dat Turks recht van toepassing is op het huwelijksvermogensregime. Deze regeling kent geen automatische verandering na een aantal jaren.

Turks recht

Naar Turks recht is er een verwervingsdeelneming ontstaan. In de verwervingsdeelneming bestaat het vermogen van iedere echtgenoot uit twee vermogens: het persoonlijk vermogen en de verwervingen (artikel 218 Turks Burgerlijk Wetboek). Bij de ontbinding van het huwelijk wordt onderscheid gemaakt tussen de verwervingen en het persoonlijk vermogen van de echtgenoten op het tijdstip waarop het verzoekschrift tot echtscheiding bij de rechtbank is ingediend (artikel 225 en 228 TBW). Bij de echtscheiding vindt dus een financiële afrekening plaats voor het vermogen dat tijdens het bestaan van de verwervingsdeelneming is verworven. Iedere echtgenoot is rechthebbende op de helft van de aan de andere echtgenoot toebehorende nettowaarde van zijn of haar verwervingen (artikel 236 TBW).

Echtelijke woning

Uit de stukken blijkt dat partijen op 15 december 2003, tijdens het huwelijk, samen eigenaar zijn geworden van de woning aan [adres 2] in [woonplaats] . De vrouw heeft onweersproken gesteld dat partijen ook samen de woning hebben gekocht. De rechtbank gaat er daarom vanuit dat de woning tot de verwervingen behoort van beide partijen en ieder van partijen recht heeft op de helft van de waarde daarvan. Het verzoek van de vrouw sluit hierop aan. Zij verzoekt toedeling van de woning aan haar, onder de verplichting om de helft van de overwaarde uit te betalen aan de man.

De man voert geen verweer, zodat de rechtbank het verzoek toewijst.

Uitvoerbaar bij voorraad

De vrouw verzoekt de rechtbank de beschikking voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. Dat betekent dat deze blijft gelden, ook als iemand het er niet mee eens is en in hoger beroep gaat. De rechtbank wijst dit verzoek toe, behalve voor de echtscheiding. De echtscheiding kan de rechtbank niet uitvoerbaar bij voorraad verklaren, omdat het huwelijk pas eindigt op het moment dat deze beschikking wordt ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.

Proceskosten

De vrouw verzoekt een beslissing te nemen over de proceskosten. De rechtbank bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt zoals dit gebruikelijk is in familiezaken.

5. De beslissing

De rechtbank:

spreekt de echtscheiding uit tussen partijen, gehuwd op [datum] 1980 in [plaats] , Turkije;

bepaalt dat de echtelijke woning aan [adres 2] in [woonplaats] aan de vrouw wordt toegedeeld, samen met de verplichting van de vrouw om de aan de woning verbonden hypotheekschuld als eigen schuld te voldoen, en dat bij de notariële overdracht van de woning aan de vrouw, de vrouw aan de man de helft van de overwaarde, te weten

€ 32.000,= moet uitbetalen en de man moet ontslaan uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypotheekschuld;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad, behalve de beslissing onder

5.1.;

bepaalt dat elke partij de eigen kosten van deze procedure draagt;

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mr Benjaddi, rechter en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van Schröder, griffier op 8 mei 2026.

Tegen de eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

- de verschenen partij(en), binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

- de niet verschenen partij(en), binnen drie maanden na de betekening van de beschikking aan hem/haar in persoon of binnen drie maanden nadat deze op een andere manier is betekend en openbaar is gemaakt door het plaatsen van een uittreksel van de beschikking in de Staatscourant.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand