ECLI:NL:RBZWB:2026:53

ECLI:NL:RBZWB:2026:53, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 09-01-2026, 24/6159, 24/6160 en 24/6161

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 09-01-2026
Datum publicatie 16-01-2026
Zaaknummer 24/6159
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

8:54; onbevoegd.

Uitspraak

[belanghebbende] , uit [woonplaats] , belanghebbende

en

de ontvanger van de Belastingdienst, de ontvanger.

Inleiding

1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over de beroepen van belanghebbende tegen de bestreden uitspraken op bezwaar van de ontvanger van 12 juli 2024. De beroepen zien op de loonvordering voor de aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) 2019, 2020 en 2021 met aanslagnummers [aanslagnummer] H.90.01, [aanslagnummer] H.00.01 en [aanslagnummer] H.10.01.

De rechtbank verklaart zich kennelijk onbevoegd. Daarom doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt.

Beoordeling door de rechtbank

2. De belastingrechter is als uitgangspunt niet bevoegd te oordelen over beslissingen van de ontvanger op grond van de IW. Voor bepaalde besluiten is in de regelgeving een uitzondering gemaakt. Het doen van een vordering door de ontvanger ten opzichte van een derde op wie een belastingschuldige een vordering heeft of uit een reeds bestaande rechtsverhouding rechtstreeks zal verkrijgen, geschiedt op grond van de IW. Het doen van deze vordering valt dus niet onder een van de uitzonderingen. Omdat geen beroep bij de belastingrechter kan worden ingesteld, is het evenmin mogelijk bezwaar te maken.

Conclusie en gevolgen

3. De belastingrechter is dus niet bevoegd om kennis te nemen van dit beroep. Dit betekent dat de rechtbank niet toekomt aan een inhoudelijke beoordeling.

Belanghebbende krijgt het griffierecht terug. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank:

verklaart zich onbevoegd;

draagt de griffier op het door belanghebbende betaalde griffierecht van € 51,- aan belanghebbende terug te betalen.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.H.W. Steijn, rechter, in aanwezigheid van D. Weijtens, griffier, op 9 januari 2026 en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffier

rechter

De uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op de datum vermeld in de brief waarmee deze uitspraak aan partijen ter beschikking is gesteld.

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is bekendgemaakt. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. A.H.W. Steijn

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?