ECLI:NL:RBZWB:2026:6928

ECLI:NL:RBZWB:2026:6928

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 26-06-2026
Datum publicatie 27-07-2026
Zaaknummer C/02/447011 / KG ZA 26-190
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Kort geding
Zittingsplaats Middelburg

Samenvatting

Verwijzing naar hulpverlening door tussenkomst van het CJG in de vorm van begeleide omgang, opvoedondersteuning en ouderschapsbemiddeling. Afspraken over de afname van drugs- en alcoholtesten door de man.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

vonnis

Team Familie- en Jeugdrecht

Middelburg

zaaknummer / rolnummer: C/02/447011 / KG ZA 26-190

Vonnis in kort geding van 26 juni 2026

in de zaak van

[de man] ,

wonende te [woonplaats] ,

eiser in conventie,

verweerder in reconventie,

advocaat: mr. M. Kalle te Middelburg,

tegen

[de vrouw] ,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

gedaagde in conventie,

eiseres in reconventie,

advocaat: mr. M.V. de Nooijer te Middelburg.

Partijen zullen hierna de man en de vrouw genoemd worden.

Op grond van het bepaalde in artikel 810 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering is in de procedure gekend:

- de Raad voor de Kinderbescherming, Zeeland-West-Brabant, locatie Middelburg,

hierna te noemen: de Raad, om de rechtbank over de vorderingen te adviseren.

1. De procedure

De voorzieningenrechter heeft kennis genomen van de volgende stukken:

- de dagvaarding met producties;

- de conclusie van antwoord, tevens eis in reconventie, met producties;

- de op 12 juni 2026 door mr. Kalle ingediende stukken.

Op 16 juni 2026 heeft een zitting met gesloten deuren plaatsgevonden. Daarbij waren aanwezig partijen, bijgestaan door hun advocaten. Daarnaast zijn verschenen twee vertegenwoordigsters van de Raad.

Na de zitting heeft de voorzieningenrechter nog kennis genomen van de volgende stukken:

- de brief van 19 juni 2026 van mr. De Nooijer, met bijlage;

- de reactie van 19 juni 2026 van mr. Kalle.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

Partijen hebben een affectieve relatie gehad, uit welke relatie het navolgende thans nog minderjarige kind is geboren:

- [minderjarige], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 2023, hierna: [minderjarige] .

De man heeft [minderjarige] erkend.

Bij beschikking van deze rechtbank van 27 februari 2024 zijn partijen gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige] .

Bij beschikking van deze rechtbank van 28 november 2023 is bepaald dat de regelingen uit het aangehechte ouderschapsplan deel uitmaken van de beschikking. In dit ouderschapsplan zijn partijen overeengekomen dat [minderjarige] haar hoofdverblijf heeft bij de vrouw. Daarnaast hebben partijen afgesproken dat de man de eerste zes maanden na de geboorte van [minderjarige] zo vaak als hij dat wenst bij de vrouw langskomt om [minderjarige] te zien. Vanaf november 2023 heeft de man in ieder geval drie avonden per week de zorg voor [minderjarige] bij de vrouw thuis wanneer zij gaat sporten. Partijen zouden hierna in overleg treden om te bezien of de contacten tussen de man en [minderjarige] kunnen worden uitgebreid.

Partijen hebben op 5 juni 2024 een extra bijlage voor het ouderschapsplan opgesteld, waarin zij de volgende zorgregeling zijn overeengekomen:

Partijen wensen nadere afspraken te maken over de zorgregeling tussen vader en [minderjarige] . Zij spreken af dat vader in de oneven weekenden van vrijdagavond 18:00 uur tot zondagavond 18:00 uur de zorg voor [minderjarige] heeft. Vader haalt [minderjarige] vrijdagavond op bij de moeder en moeder haalt [minderjarige] zondagavond bij de vader op.

Partijen spreken af dat de voornoemde zorgregeling enkel geldt in het geval dat vader niet op zaterdag werkt. Indien vader wel werkt op zaterdag, heeft vader in de oneven weekenden van zaterdag na zijn werk tot zondagavond 18:00 uur de zorg voor [minderjarige] . Vader haalt [minderjarige] na zijn werk bij moeder op en moeder haalt [minderjarige] op zondagavond bij vader op.

Partijen spreken voor de woensdagmiddag af dat vader na zijn werk naar moeder gaat. Zij eten ’s avonds samen waarna vader [minderjarige] klaarmaakt voor bed en haar naar bed brengt.

3. Het geschil in conventie en reconventie

De man vordert in conventie bij vonnis in kort geding, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

de vrouw te veroordelen om binnen 24 uur na het wijzen van het vonnis de overeengekomen zorgregeling van een weekend per veertien dagen van vrijdagavond 18.00 uur tot zondagavond 18.00 uur waarbij vader op vrijdag en moeder op zondag dochter haalt, te hervatten die is vastgelegd in de bijlage bij het ouderschapsplan en te bepalen dat de vrouw voor iedere dag dat zij niet meewerkt een dwangsom is verschuldigd van € 500,- per dag dat zij niet meewerkt aan deze regeling, met een maximum van € 50.000, -;

dan wel een beslissing te nemen die de rechtbank in deze in het belang van de minderjarige acht, waaronder het vaststellen van een andere voorlopige zorgregeling.

Door en namens de man is daartoe in de stukken en tijdens de mondelinge behandeling, kort samengevat, het navolgende aangevoerd.

Tussen partijen liep er een zorgregeling waarbij de man in de oneven weekenden van vrijdagavond 18.00 uur tot zondagavond 18.00 uur de zorg voor [minderjarige] had. De man haalde [minderjarige] bij de vrouw op vrijdag op en de vrouw haalde [minderjarige] op zondag bij de man op. De man heeft [minderjarige] sinds het laatste weekend voor Kerst 2025 niet meer gezien. De vrouw is niet langer bereid om de contacten tussen de man en [minderjarige] toe te staan. De man ziet in dat hij de vrouw geen goede dienst heeft bewezen en dat zij minder vertrouwen in de man heeft. De man ontkent echter de verwijten die de vrouw ten aanzien van de man maakt. De man houdt van [minderjarige] , mishandelt haar niet en wil haar graag zien. De man is bereid om overal aan mee te werken. De man staat open voor een kortdurende tussenstap in de vorm van een opbouwregeling, begeleide omgang en afname van drugstesten. De man wil er alles aan doen om te laten zien dat [minderjarige] veilig bij hem is. Hij hoopt dat er een stip op de horizon komt dat hij [minderjarige] weer kan zien. De man erkent ook dat er iets moet gebeuren in de communicatie en het vertrouwen tussen de ouders. Het vertrouwen tussen partijen is kapot gemaakt nadat de vrouw, zonder overleg en zonder dat de man de gelegenheid heeft gekregen om afscheid te nemen, de hond van partijen heeft laten inslapen. Ook zijn er tussen partijen over en weer dingen gezegd en geschreven.

De vrouw voert verweer tegen de vorderingen van de man in conventie en concludeert tot afwijzing van die vorderingen.

In reconventie vordert de vrouw bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, te bepalen dat, gedurende de periode waarin een onderzoek van de Raad voor de

Kinderbescherming plaatsvindt, uitsluitend begeleide omgang tussen man en de

minderjarige zal plaatsvinden onder begeleiding van een professionele instantie.

Ter onderbouwing van haar verweer en vordering voert de vrouw, kort samengevat, het navolgende aan.

De omgang tussen de man en [minderjarige] verloopt al langere tijd problematisch. De vrouw benadrukt dat zij haar beslissing om [minderjarige] niet langer naar de man te laten gaan niet

lichtvaardig heeft genomen. Het is nooit haar bedoeling geweest om het contact tussen

de man en [minderjarige] te frustreren. De beslissing die zij in december 2025 heeft genomen, heeft

zij enkel genomen omdat zij zich ernstig zorgen maakt over de veiligheid van [minderjarige]

bij de man. Zij heeft dit toegelicht aan de hand van de gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden sinds 2024. Het incident op 20 december 2025 in de situatie van de man met zijn huidige partner, heeft aanleiding voor de vrouw heeft gegeven om [minderjarige] niet meer naar de man toe te laten gaan. De vrouw vond dit niet langer verantwoord. Zij is het vertrouwen in de man kwijt. De man ontkent de zorgen die de vrouw heeft over de verschillende verblijfssituaties van de man, zijn gedrag richting [minderjarige] en zijn drugsgebruik, ook op de momenten dat hij de zorg heeft voor [minderjarige] . De vrouw kan er niet op vertrouwen dat de man vertelt hoe de situatie werkelijk is. De vrouw heeft meerdere malen Veilig Thuis benaderd, maar de hulpverlening doet niks. Daarnaast heeft zij zich in maart 2025 voor hulp gewend tot het CJG, maar deze hulpverlening is vanwege het ontbreken van medewerking van de man niet van de grond gekomen. Inmiddels heeft het CJG aangegeven dat een traject in het vrijwillige kader niet langer haalbaar zou zijn.

Sinds [minderjarige] niet meer naar de man toe gaat, gaat het beter met haar. De opvang waar [minderjarige] naar toe gaat ziet dit ook. [minderjarige] heeft veel last van de spanningen en onrust tussen de ouders. Gelet op de ernstige zorgen die de vrouw heeft ten aanzien van de veiligheid, stabiliteit en verzorgingssituatie van [minderjarige] tijdens de contactmomenten met de man, acht zij een onmiddellijke hervatting van onbegeleide omgang niet in het belang van [minderjarige] . De aard en omvang van de zorgen maken volgens haar dat er dringend hulpverlening moet worden ingezet en dat er een onderzoek komt. Er moet gekeken worden naar de opvoedsituatie van beide ouders en naar de manier waarop er verantwoord omgang tussen de man en [minderjarige] kan plaatsvinden. Tot die tijd dient er volgens de vrouw sprake te zijn van begeleide omgang en de afname van drugstesten bij de man.

Op de overige stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, ingegaan.

4. De beoordeling in conventie en in reconventie

Op grond van de gedingstukken en de toelichting door partijen tijdens de zitting van 16 juni 2026 staat naar het oordeel van de voorzieningenrechter het spoedeisend belang van partijen bij hun vorderingen vast. Gebleken is dat [minderjarige] haar vader sinds medio december 2025 niet meer heeft gezien of gesproken en dat er veel spanningen tussen partijen zijn ontstaan.

Vanwege de nauwe samenhang tussen de vorderingen in conventie en reconventie, zullen deze vorderingen gezamenlijk worden behandeld.

Het advies van de Raad

De Raad heeft tijdens de zitting van 16 juni 2026, samengevat, naar voren gebracht dat hij zich ernstige zorgen maakt over [minderjarige] . [minderjarige] is een nog een erg jong meisje, dat veel duidelijkheid, voorspelbaarheid en veiligheid nodig heeft. Daaraan ontbreekt het op dit moment allemaal. Er zijn veel spanningen tussen de ouders en [minderjarige] heeft in korte tijd veel wisselingen van verblijfplaats bij de man meegemaakt. Dit gaat niet ongemerkt aan [minderjarige] voorbij. Tegelijkertijd is het nog langer uitblijven van contact met haar vader niet in het belang van [minderjarige] . De hechtingsrelatie van [minderjarige] met haar vader is in volle ontwikkeling. De huidige situatie is heel schadelijk voor [minderjarige] . Ouders zullen samen aan de slag moeten en een nieuwe weg moeten vinden. Op dit moment is de situatie voor [minderjarige] bij de man niet veilig genoeg om onbegeleid contact met hem te hebben. Drugsgebruik en kinderen gaan niet samen. Daarnaast speelt mee dat [minderjarige] de man langere tijd niet heeft gezien, waardoor zij opnieuw zal moeten wennen aan haar vader. De Raad is daarom van mening dat gestart moet worden met begeleide omgang tussen de man en [minderjarige] . Daarnaast vindt de Raad de afname van drugstesten bij de man nodig. Het verrichten van een raadsonderzoek is volgens de Raad mogelijk, maar hij wijst erop dat een dergelijk onderzoek de nodige tijd zal kosten. De Raad vindt het daarom meer aangewezen dat via het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) van de gemeente van de woonplaats van de vrouw op hele korte termijn hulpverlening voor partijen en [minderjarige] wordt ingezet in de vorm van begeleide omgang, opvoedondersteuning en ouderschapsbemiddeling. Een casusregisseur kan regie voeren op deze hulpverlening. In eerste instantie zal de begeleiding vanuit de omgeving van [minderjarige] bij de vrouw moeten worden opgestart. Het is aan de gemeente van de woonplaats van de vrouw om vervolgens contact te leggen met de gemeente van de woonplaats van de man, zodat ook daar hulpverlening voor de man en uiteindelijk begeleiding voor de omgang tussen [minderjarige] en de man kan worden opgestart.

Overeenstemming inzet hulpverlening CJG

Ter zitting van 16 juni 2026 is gebleken dat iedereen het over eens is dat het belangrijk is dat het contact tussen [minderjarige] en haar vader zo snel mogelijk weer wordt hervat. [minderjarige] is nog heel jong en het is voor een goede hechting van groot belang dat er op regelmatige basis contact tussen [minderjarige] en haar vader is. Ook is het belangrijk dat het onderlinge vertrouwen tussen de ouders wordt hersteld. Tijdens de zitting hebben beide partijen ingestemd met het advies van de Raad om zo snel spoedig door tussenkomst van het CJG hulpverlening in te zetten, gericht op begeleide omgang tussen [minderjarige] en haar vader, opvoedondersteuning voor beide ouders en ouderschapsbemiddeling tussen beide ouders. De voorzieningenrechter heeft aan de advocaat van de moeder opdracht gegeven om na de zitting bij de gemeente van de vrouw na te gaan of het CJG aan deze opdracht kan voldoen en de voorzieningenrechter vervolgens over het antwoord van de gemeente te informeren.

De advocaat van de vrouw heeft op 19 juni 2026 laten weten dat de gemeente Reimerswaal, na ontvangst van de het vonnis van de voorzieningenrechter, omgangsbegeleiding, opvoedondersteuning en ouderschapsbemiddeling kan inzetten. Voor de inzet van casusregie is [minderjarige] op de wachtlijst geplaatst.

Nu de voorzieningenrechter de inzet van voornoemde hulp dringend noodzakelijk acht en beide partijen, zowel ter zitting als in de berichtgeving na de zitting, met de inzet van die hulpverlening hebben ingestemd, zal hij beide partijen veroordelen tot nakoming van de gemaakte afspraken over de inzet van genoemde hulpverlening. De voorzieningenrechter gaat ervan uit dat de hulp vanuit het CJG op hele korte termijn zal starten.

De voorzieningenrechter vindt het verder belangrijk dat de man laat zien dat hij voorafgaand en tijdens de (begeleide) omgangsmomenten met [minderjarige] niet onder invloed van verdovende middelen (drugs en/of alcohol) verkeert. Daartoe is ter zitting afgesproken dat voorafgaand aan de (begeleide) omgangsmomenten een drugstest bij de man, bij voorkeur in de vorm van een haartest, zal worden afgenomen. Voor zover dit te faciliteren is, kunnen deze testen bij de omgangsmomenten zelf worden afgenomen en anders kan dit bijvoorbeeld via de huisarts plaatsvinden. Ook dient er op de dag van de omgangsmomenten een blaastest bij de man te worden afgenomen. Naarmate partijen verdere afspraken zullen maken over de omgang tussen de man en [minderjarige] , kan de voorzieningenrechter zich voorstellen dat de contacten tussen minder begeleid hoeven te worden. Ook is het dan wellicht mogelijk dat de omgangsmomenten tussen [minderjarige] en de man plaats zullen gaan vinden in de omgeving van de man. Daarvoor is het wel belangrijk dat de man dan laat zien dat hij over langere periode helemaal geen drugs meer gebruikt.

De voorzieningenrechter zal partijen ook veroordelen tot nakoming van genoemde afspraken.

De vorderingen van partijen in conventie en reconventie zullen in het licht van de gemaakte afspraken worden afgewezen.

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

In conventie en reconventie

veroordeelt partijen tot nakoming van de gemaakte afspraken, zoals opgenomen in de rechtsoverwegingen 4.5 en 4.6. van dit vonnis;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af hetgeen meer of anders is gevorderd.

Dit vonnis is gewezen door mr. De Beer, voorzieningenrechter, en in het openbaar uitgesproken op 26 juni 2026 in tegenwoordigheid van mr. Lavrijssen, griffier.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. Lavrijssen

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand