RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/448111 / JE RK 26-827
Datum uitspraak: 30 juni 2026
Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling
in de zaak van
de gecertificeerde instelling
STICHTING JEUGDBESCHERMING BRABANT,
locatie Tilburg, hierna te noemen de GI,
over
[minderjarige 1] ,
geboren op [geboortedag 1] 2009 in [geboorteplaats],
hierna te noemen [minderjarige 1],
[minderjarige 2] ,
geboren op [geboortedag 2] 2013 in [geboorteplaats],
hierna te noemen [minderjarige 2].
De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:
[de moeder] ,
hierna te noemen de moeder,
wonende in [woonplaats],
advocaat mr. J.C. Hissink uit Tilburg,
[de vader] ,
hierna te noemen de vader,
wonende in [woonplaats].
1. Het verloop van de procedure
De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 8 mei 2026.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 30 juni 2026. Daarbij waren aanwezig:
- de moeder met haar advocaat;
- een vertegenwoordiger van de GI.
De vader is niet ter zitting verschenen. De kinderrechter stelt vast dat de vader wel juist is opgeroepen.
De kinderrechter heeft [minderjarige 1] en [minderjarige 2] naar hun mening gevraagd. [minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben geen mening gegeven.
2. De feiten
De ouders zijn belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige 1] en [minderjarige 2].
[minderjarige 1] en [minderjarige 2] wonen bij hun moeder.
De kinderrechter in deze rechtbank heeft bij beschikking van 16 december 2025 de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] verlengd tot 2 juli 2026.
3. Het verzoek
De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] te verlengen voor de duur van drie maanden en de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.
4. De beoordeling
De GI heeft ter zitting haar verzoek ingetrokken.
Nu de GI het verzoek heeft ingetrokken, hoeft dit verzoek niet meer inhoudelijk te worden beoordeeld. De kinderrechter zal daarom het verzoek afwijzen.
5. De beslissing
De kinderrechter:
wijst het verzoek van de GI af.
Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 30 juni 2026 door mr. Toekoen, kinderrechter, in aanwezigheid van Van Diepen als griffier, en op schrift gesteld op 15 juli 2026.
Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:
degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.