ECLI:NL:RBZWB:2026:7285

ECLI:NL:RBZWB:2026:7285

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 05-08-2026
Datum publicatie 06-08-2026
Zaaknummer 12001458 \ CV EXPL 25-4013
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

Vordering terugbetaling geldleningsovereenkomst is verjaard. Verjaring is niet gestuit, nu stuitingsbrieven naar onjuist adres zijn verzonden.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Breda

Zaaknummer: 12001458 \ CV EXPL 25-4013

Vonnis van 5 augustus 2026

in de zaak van

[eisende partij] ,

te [plaats 1] ,

eisende partij,

hierna te noemen: ‘ [eisende partij] ’,

gemachtigde: mr. W. Kolmans,

tegen

[gedaagde partij] ,

te [plaats 2] ,

gedaagde partij,

hierna te noemen: ‘ [gedaagde partij] ’,

procederend in persoon.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

de dagvaarding, met productie 1 tot en met 3;

de aantekening mondeling verweer van [gedaagde partij] van 10 december 2025;

de akte van [eisende partij] ;

de aantekening mondeling verweer van [gedaagde partij] van 11 februari 2026.

Daarna heeft de kantonrechter bepaald dat er een vonnis zal komen.

2. De standpunten van partijen

[eisende partij] vordert veroordeling van [gedaagde partij] tot betaling van € 2.429,80, vermeerderd met rente en kosten. [eisende partij] legt aan zijn vordering ten grondslag dat tussen partijen een geldleningsovereenkomst uit 2016 bestaat, op grond waarvan [eisende partij] aan [gedaagde partij] een geldbedrag heeft geleend. [gedaagde partij] heeft dat geldbedrag en de overeengekomen rente niet volgens de afspraken uit de geldleningsovereenkomst aan [eisende partij] (terug)betaald. [eisende partij] vordert daarom terugbetaling van dit geldbedrag en van de verschuldigd geworden rente.

[gedaagde partij] voert verweer. [gedaagde partij] stelt dat het volgens hem te lang heeft geduurd voordat [eisende partij] deze procedure heeft gestart. De kantonrechter vat dit verweer op als een beroep op verjaring van de rechtsvordering.

3. De beoordeling

De vordering van [eisende partij] is verjaard

Op grond van de wet verjaart een rechtsvordering tot nakoming van een verbintenis uit overeenkomst door verloop van vijf jaren na de aanvang van de dag volgende op die waarop de vordering opeisbaar is geworden.

In de geldleningsovereenkomst is bepaald dat [gedaagde partij] vanaf 1 juni 2016 de lening maandelijks zou terugbetalen. Daarnaast is bepaald dat de volledige lening ineens en onmiddellijk opeisbaar wordt als [gedaagde partij] een betaling niet of niet tijdig verricht. [eisende partij] heeft onbetwist gesteld dat [gedaagde partij] geen enkele termijn heeft betaald. Dat betekent dat de gehele lening op 1 juni 2016 opeisbaar is geworden. De dagvaarding is uitgebracht op 17 november 2025. Dat is meer dan vijf jaar nadat de vordering opeisbaar is geworden.

[eisende partij] stelt daartegenover dat de verjaring tijdig is gestuit door jaarlijks aanmaningsbrieven aan [gedaagde partij] te sturen, op het [adres 1] . Uit de door [eisende partij] overgelegde aanmaningsbrieven blijkt inderdaad dat deze naar dit adres zijn verstuurd. [gedaagde partij] heeft echter betwist dat hij ooit op dat adres heeft gewoond. Hij stelt dat hij destijds woonde op het [adres 2] , dat daarop lijkt. Het is een feit van algemene bekendheid dat [adres 1] niet bestaat. Onder deze omstandigheden heeft [eisende partij] onvoldoende onderbouwd gesteld dat de stuitingsbrieven [gedaagde partij] hebben bereikt.

De kantonrechter komt daarom tot het oordeel dat niet is komen vast te staan dat de verjaring rechtsgeldig is gestuit. De rechtsvordering van [eisende partij] was ten tijde van het uitbrengen van de dagvaarding dus verjaard, zodat de vordering van [eisende partij] zal worden afgewezen.

Proceskosten

De proceskosten komen voor rekening van [eisende partij] , omdat hij ongelijk krijgt. Nu [gedaagde partij] in persoon procedeert en hij voor zijn verweer op zitting is verschenen, begroot de kantonrechter de kosten die [eisende partij] aan [gedaagde partij] moet betalen ambtshalve op € 50,00.

Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad

Dit vonnis wordt voor wat de proceskostenveroordeling betreft uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen in hoger beroep gaat.

4. De beslissing

De kantonrechter

wijst de vordering van [eisende partij] af,

veroordeelt [eisende partij] in de proceskosten, die aan de kant van [gedaagde partij] worden begroot op € 50,00;

verklaart dit vonnis wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. Hartman en in het openbaar uitgesproken op 5 augustus 2026.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand