ECLI:NL:RBZWB:2026:7335

ECLI:NL:RBZWB:2026:7335

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 07-07-2026
Datum publicatie 07-08-2026
Zaaknummer C/02/446153 / JE RK 26-458
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Rekestprocedure
Zittingsplaats Middelburg

Samenvatting

Verzoek verlenen vervangende toesteming Nederlands reisdocument. Niet ontvankelijk verklaard en afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Middelburg

Zaaknummer: C/02/446153 / JE RK 26-458

Datum uitspraak: 7 juli 2026

Nadere beschikking betreffende vervangende toestemming verkrijging Nederlands reisdocument

in de zaak van

STICHTING JEUGDBESCHERMING WEST ZEELAND,

gevestigd te Middelburg,

hierna te noemen: de Gecertificeerde Instelling (GI),

betreffende de minderjarigen:

[minderjarige 1] ,

geboren op [geboortedag 1] 2018 te [geboorteplaats] ,

hierna te noemen: [minderjarige 1] .

[minderjarige 2] ,

geboren op [geboortedag 2] 2021 te [geboorteplaats] ,

hierna te noemen: [minderjarige 2] .

De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:

[de moeder] ,

hierna te noemen: de moeder,

wonende te [woonplaats] .

1. Het nadere verloop van de procedure

De kinderrechter neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- de tussenbeschikking van 2 april 2026 en alle daarin genoemde en vermelde stukken;

- het briefrapport van de GI van 21 mei 2026;

- het proces-verbaal van de zitting van 4 juni 2026;

- het briefrapport van de GI van 30 juni 2026.

Op 7 juli 2026 heeft de kinderrechter de zitting met gesloten deuren voortgezet. Daarbij waren aanwezig:

- de moeder;

- de vader, als toehoorder;

- een vertegenwoordigster van de GI.

2. De feiten

De moeder is belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige 1] en [minderjarige 2] . [minderjarige 1] is door de

vader erkend.

Bij beschikking van 26 juni 2025 zijn [minderjarige 1] en [minderjarige 2] voorlopig onder toezicht gesteld

van de GI voor de duur van twee weken, met ingang van 26 juni 2025 en tot 10 juli 2025, onder aanhouding van het resterende deel van het verzoek. Ook is een machtiging tot

uithuisplaatsing van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] in een voorziening voor pleegzorg verleend voor de duur

van twee weken, met ingang van 26 juni 2025 en tot 10 juli 2025, onder aanhouding van het resterende deel van het verzoek.

Bij beschikking van 9 juli 2025 zijn de voorlopige ondertoezichtstelling van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] en de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] in een voorziening voor pleegzorg verlengd met ingang van 10 juli 2025 en tot 26 september 2025.

Bij beschikking van 25 september 2025 zijn [minderjarige 1] en [minderjarige 2] onder toezicht gesteld

van de GI met ingang van 25 september 2025 en tot 25 september 2026. Bij deze beschikking is tevens een machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] in een voorziening voor pleegzorg verleend met ingang van 25 september 2025 en tot 25 januari 2026. Deze machtiging is hierna steeds verlengd, voor het laatst bij beschikking van 19 maart 2026, met ingang van 25 maart 2026 en tot 25 september 2026.

Op basis van voornoemde machtiging verblijven [minderjarige 1] en [minderjarige 2] in een pleeggezin.

De moeder en [minderjarige 2] hebben de Belgische nationaliteit. [minderjarige 1] heeft de Nederlandse nationaliteit.

3. Het verzoek

De GI verzoekt op grond van artikel 36 lid 1 van de Paspoortwet vervangende

toestemming te verlenen voor het verkrijgen van een Nederlands reisdocument ten behoeve

van de minderjarigen [minderjarige 1] en [minderjarige 2] en de beschikking uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

4. De standpunten

De GI handhaaft het verzoek. Recent is gebleken dat [minderjarige 2] de Belgische nationaliteit heeft. Daarom is het niet mogelijk om voor hem een Nederlands reisdocument aan te vragen. In plaats daarvan dient er voor hem een Belgisch reisdocument te worden aangevraagd. De GI heeft daarvoor contact opgenomen met het Belgisch consulaat in Den Haag. Daarbij is gebleken dat er eerst een aanvraag moet worden gedaan tot inschrijving van [minderjarige 2] in de consulaire bevolkingsregisters van de Belgische ambassade. Voor deze inschrijving zijn diverse documenten vereist. Aangezien de moeder het lastig vindt om de daarvoor benodigde administratieve handelingen zelfstandig en binnen redelijke termijn te verrichten, vreest de GI dat de aanvraag van een passend reisdocument voor [minderjarige 2] (nog meer) vertraging op zal lopen. Daarom verzoekt de GI de kinderrechter om hiervoor vervangende toestemming te verlenen.

De moeder benoemt tijdens de zitting dat zij graag wil dat er ook voor [minderjarige 2] een passend reisdocument wordt verkregen. Dit heeft hij immers nodig. De moeder weet nu wat er nodig is om een Belgisch reisdocument voor [minderjarige 2] aan te vragen. Zij gaat daar op korte termijn voor zorgen.

5. De beoordeling

Rechtsmacht en toepasselijk recht

De kinderrechter constateert dat de minderjarige [minderjarige 2] en de moeder de Belgische

nationaliteit hebben en dat de minderjarige [minderjarige 1] de Nederlandse nationaliteit heeft. Dit brengt mee dat deze zaak een internationaal karakter heeft, waardoor de kinderrechter (ambtshalve) dient te beoordelen of haar in deze zaak rechtsmacht toekomt. Indien dit het geval is, dient de kinderrechter het toepasselijk recht te bepalen.

Op grond van het bepaalde in artikel 8 lid 1 van de verordening Brussel II-ter zijn

ter zake van de ouderlijke verantwoordelijkheid bevoegd de gerechten van de lidstaat op het

grondgebied waarvan de minderjarigen hun gewone verblijfplaats hebben op het tijdstip dat

de zaak bij het gerecht aanhangig wordt gemaakt. Nu [minderjarige 1] en [minderjarige 2] hun gewone verblijfplaats

in Nederland hebben, komt de Nederlandse rechter rechtsmacht toe.

Nu de Nederlandse rechter bevoegd is op het verzoek te beslissen, zal op grond

van het bepaalde in artikel 15 van het Haags Kinderbeschermingsverdrag 1996 Nederlands

recht op het verzoek worden toegepast.

Het juridisch kader

Op grond van artikel 36, eerste lid, van de Paspoortwet kan bij de aanvraag ten behoeve van een minderjarige die onder toezicht is gesteld en jonger is dan zestien jaar, indien één of beide personen die het gezag over de minderjarige uitoefenen, weigeren een verklaring van toestemming als bedoeld in artikel 34, eerste lid, Paspoortwet, af te geven, in plaats van die verklaring een verklaring van toestemming van de bevoegde rechter worden overgelegd. Volgens het tweede lid van artikel 36 kan een verklaring van toestemming worden afgegeven op verzoek van een gecertificeerde instelling, als bedoeld in artikel 1.1 Jeugdwet. De rechter geeft een zodanige beslissing als hem in het belang van het kind wenselijk voorkomt.

De inhoudelijke beoordeling

De kinderrechter overweegt als volgt.

Ten aanzien van de minderjarige [minderjarige 2]

Op basis van de overgelegde stukken en het gesprek tijdens de zitting is het de kinderrechter gebleken dat de minderjarige [minderjarige 2] (enkel) in het bezit is van de Belgische nationaliteit. Dat betekent dat er voor [minderjarige 2] geen Nederlands reisdocument kan worden aangevraagd. In plaats daarvan dient er een Belgisch reisdocument te worden aangevraagd voor [minderjarige 2] . Daarbij overweegt de kinderrechter dat de Paspoortwet uitsluitend ziet op Nederlandse reisdocumenten en dus niet van toepassing is op de aanvraag van een Belgisch reisdocument. Op grond van de Paspoortwet kan er dus geen vervangende toestemming worden verleend voor de aanvraag van een Belgisch reisdocument. Buiten de expliciete bevoegdheid die de Paspoortwet biedt, ziet de kinderrechter geen wettelijke basis voor de GI om een verzoek tot vervangende toestemming voor een reisdocument voor [minderjarige 2] aan de kinderrechter te vragen. De kinderrechter zal de GI daarom niet-ontvankelijk verklaren in het verzoek om vervangende toestemming te verlenen voor het verkrijgen van een Nederlands (dan wel Belgisch) reisdocument ten behoeve van [minderjarige 2] . De kinderrechter gaat ervan uit dat de moeder, zoals zij tijdens de zitting heeft toegezegd, spoedig de benodigde administratieve handelingen zal verrichten voor de aanvraag van een Belgisch reisdocument voor [minderjarige 2] . De GI heeft tijdens de zitting toegezegd de moeder daar waar nodig bij te zullen helpen.

Ten aanzien van de minderjarige [minderjarige 1]

Tijdens de zitting op 2 april 2026 is gebleken dat de vader in het bezit was van een Nederlandse identiteitskaart van [minderjarige 1] dat geldig is tot 29 december 2027. De moeder heeft tijdens deze zitting toestemming verleend om dit identiteitsbewijs te overhandigen aan de GI, waarna het identiteitsbewijs door de vader aan de GI is overhandigd.

Nu [minderjarige 1] dus reeds beschikt over een geldig Nederlands reisdocument, bestaat er geen belang (meer) bij het verzoek van de GI tot het verlenen van vervangende toestemming voor het verkrijgen van een Nederlands reisdocument ten aanzien van [minderjarige 1] . De kinderrechter zal dit verzoek daarom afwijzen.

6. De beslissing

De kinderrechter:

verklaart de GI niet-ontvankelijk in het verzoek tot het verlenen van vervangende toestemming voor het verkrijgen van een Nederlands reisdocument ten behoeve van [minderjarige 2] ;

wijst het verzoek tot het verlenen van vervangende toestemming voor het verkrijgen van een Nederlands reisdocument ten behoeve van [minderjarige 1] af.

Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 7 juli 2026 door mr. Zuijdweg, kinderrechter, in aanwezigheid van mr. De Haas als griffier, en op schrift gesteld op 7 augustus 2026.

Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:

degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;

andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. De Haas als

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand