ECLI:NL:RBZWB:2026:7466

ECLI:NL:RBZWB:2026:7466

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 10-07-2026
Datum publicatie 10-08-2026
Zaaknummer C/02/449483 / FA RK 26-3190
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Rekestprocedure
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

Afwijzing verzoek zorgmachtiging. Gebleken is dat betrokkene op vrijwilllige basis bereid is om mee te werken aan de noodzakelijke zorg. Er is geen reden om te twijfelen aan de bestendigheid hiervan.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Breda

Zaaknummer: C/02/449483 / FA RK 26-3190

Datum uitspraak: 10 juli 2026

Beschikking zorgmachtiging

op het verzoek van de officier van justitie voor

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedag] 1988 in [geboorteplaats],

hierna te noemen betrokkene,

wonend in [plaats],

advocaat mr. Z. Yeral uit Roosendaal.

1. Het verloop van de procedure

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 19 juni 2026.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 10 juli 2026. Daarbij zijn gehoord:

betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;

de heer [naam 1], partner van betrokkene;

de heer [naam 2], casemanager;

mevrouw [naam 3], casemanager.

2. Het verzoek

De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van zes maanden.

3. De standpunten

Betrokkene zegt dat het stap voor stap beter met haar gaat. Ze is steeds stabieler en kan haar werk weer gaan opbouwen. Betrokkene wil geen zorgmachtiging. Ze heeft vorige week een gesprek gehad met de psycholoog over haar verleden en kwam tot de conclusie dat ze zich mogelijk niet goed heeft kunnen ontwikkelen vanwege de bemoeizucht van haar moeder. Dat zou aanleiding kunnen zijn geweest voor de psychose. Betrokkene voelde zich echt gehoord. Afgelopen opname had betrokkene naar eigen zeggen geen last van wanen. Ze heeft geleerd beter haar grenzen aan te geven. Daardoor heeft ze mogelijk ander gedrag laten zien dan haar omgeving van haar gewend was. Betrokkene merkt dat haar omgeving op scherp staat sinds haar eerdere opname en snel onrust en spanning voelen, waardoor betrokkene eerder ook niet alles met haar omgeving deelde.

De partner zegt dat het beter gaat met betrokkene dan eerder. Hij merkt dat betrokkene en hij elkaar niet goed begrijpen. Dit kan botsen. Hij vindt het soms lastig in te schatten of betrokkene in haar gedrag gewoon wat is veranderd of dat het manische toestandsbeeld er nog is. De partner zou nog graag de zorgmachtiging als vangnet hebben omdat hij nog niet het volle vertrouwen heeft dat het goed komt op deze manier. De partner voegt toe dat de tweede opname van betrokkene niet geheel vrijwillig is gegaan.

De casemanagers zeggen dat betrokkene begin dit jaar is opgenomen op de HIC vanwege een manische ontregeling. Dat toestandsbeeld werd gezien in weinig slaap, gejaagd denken en veel poetsen. Kort na het ontslag is betrokkene opnieuw opgenomen vanwege een suïcidepoging. Betrokkene heeft geen ziekte-inzicht. De casemanagers zeggen dat er voor de laatste opname net voldoende bereidheid was om op vrijwillige basis mee te werken. De casemanagers vinden de zorgmachtiging noodzakelijk om sneller in te kunnen grijpen, zodat ze niet hoeven wachten totdat het volledig escaleert. Dat willen ze, mede vanwege de grote impact op het gezin, voorkomen. Volgens de casemanagers zijn de stressvolle factoren in het leven van betrokkene nog niet weg en dat zorgt voor incidenten en mogelijk een ontregeling. Onderdeel van het behandelplan is het in kaart brengen van hoe de stress oploopt bij betrokkene.

De advocaat pleit voor afwijzing van het verzoek. Wat de advocaat betreft is een zorgmachtiging enkel als vangnet niet voldoende. Dat is een te grote inbreuk. Betrokkene heeft daarnaast twee keer op vrijwillige basis meegewerkt aan een opname. De advocaat zegt te hebben begrepen dat er toen tijdig is ingegrepen en betrokkene opgenomen is. Daarnaast zijn er ook altijd mogelijkheden voor een crisismaatregel. De advocaat vindt dat er geen sprake is van verzet. Daarnaast zegt de advocaat de indruk te krijgen dat de relationele problemen tussen betrokkene en haar partner worden gebruikt om de stoornis van betrokkene kracht bij te zetten. Er zijn dus meer problemen dan enkel de stoornis van betrokkene. Subsidiair pleit de advocaat voor een veel kortere duur van de zorgmachtiging; zes maanden vindt hij te lang.

4. De beoordeling

Ingevolge artikel 6:4 lid 1 Wvggz verleent de rechter een zorgmachtiging, indien naar zijn oordeel is voldaan aan de criteria voor verplichte zorg als bedoeld in artikel 3:3 Wvggz en het doel van verplichte zorg als bedoeld in artikel 3:4 sub b tot en met e Wvggz.

Ingevolge artikel 3:3 Wvggz kan als uiterste middel verplichte zorg als bedoeld in artikel 3:1 Wvggz worden verleend, indien het gedrag van een persoon als gevolg van zijn psychische stoornis, niet zijnde een psychogeriatrische aandoening of een verstandelijke handicap, leidt tot ernstig nadeel en indien er geen mogelijkheden voor zorg op basis van vrijwilligheid zijn, er voor betrokkene geen minder bezwarende alternatieven met het beoogde effect zijn, het verlenen van verplichte zorg, gelet op het beoogde doel van verplichte zorg, evenredig is en redelijkerwijs te verwachten is dat het verlenen van verplichte zorg effectief is.

Hoewel de rechtbank geen reden heeft om te twijfelen aan de in de medische verklaring gestelde psychische stoornis, die ook niet wordt betwist en deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, is de noodzaak van het toewijzen van een zorgmachtiging naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende onderbouwd. Het gaat beter met betrokkene. Ze accepteert medicatie, ondanks de bijwerkingen. Gelet op de verklaringen van de casemanagers is er daarnaast geen blijk van verzet van betrokkene tegen de noodzakelijke zorg. Er is twee keer eerder tijdig ingegrepen toen het niet goed ging met betrokkene. Betrokkene heeft toen vrijwillig meegewerkt aan de opname. Door de casemanagers is niet opgemerkt dat nog wordt getwijfeld aan de vrijwilligheid of de bestendigheid daarvan, noch is daarvan enige feitelijke onderbouwing gegeven.

De rechtbank is van oordeel dat een zorgmachtiging een uiterst middel moet zijn en dat in dit kader onvoldoende is aangevoerd om te stellen dat de verplichte zorg niet in een vrijwillig kader kan geschieden. De rechtbank volgt hierin hetgeen de advocaat heeft aangevoerd.

Gelet op al het voorgaande wordt naar het oordeel van de rechtbank aldus niet voldaan aan de criteria die de wet stelt. Immers, er is sprake van vrijwilligheid bij betrokkene en daarmee is er een minder bezwarend alternatief die hetzelfde beoogde effect heeft. Dit betekent dat het verzoek zal worden afgewezen.

De rechtbank vertrouwt er op dat betrokkene de positief ingezette lijn voort zal zetten, wat betekent dat zij zich aan afspraken houdt en haar medicatie blijft gebruiken.

5. De beslissing

De rechtbank:

wijst het verzoek af.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 10 juli 2026 door mr. Van Ginneken, rechter, in aanwezigheid van Van Ginneken, griffier en op schrift gesteld op 17 juli 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. Van Ginneken

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand