ECLI:NL:RBZWB:2026:7669

ECLI:NL:RBZWB:2026:7669

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 13-08-2026
Datum publicatie 13-08-2026
Zaaknummer 25/3139
Rechtsgebied Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

Naheffingsaanslag accijns. De sigaretten zijn aangetroffen in de oplegger waarvan belanghebbende de sleutels in zijn bezit had. Belanghebbende had de feitelijke beschikkingsmacht. Het beroep is ongegrond.

Uitspraak

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 13 augustus 2026 in de zaak tussen

[belanghebbende] , uit [plaats] (Polen), belanghebbende,

(gemachtigde: mr. R.F.M. Gerritsen),

en

de inspecteur van de Belastingdienst, de inspecteur.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur van 15 mei 2025.

De inspecteur heeft aan belanghebbende een naheffingsaanslag accijns van

€ 273.294 opgelegd.

De inspecteur heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard.

De rechtbank heeft het beroep op 2 juli 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben namens de inspecteur deelgenomen: mr. [inspecteur 1] en [inspecteur 2] .

De gemachtigde van belanghebbende heeft zich bij e-mailbericht van 1 juli 2026 afgemeld voor de zitting. Daaruit maakt de rechtbank op dat belanghebbende de uitnodiging voor de zitting in goede orde heeft ontvangen.

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank beoordeelt of de inspecteur de naheffingsaanslag accijns terecht en niet tot een te hoog bedrag heeft opgelegd. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van belanghebbende.

Naar het oordeel van de rechtbank is de naheffingsaanslag accijns terecht en niet tot een te hoog bedrag opgelegd. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Feiten

3. Op 10 april 2024 zijn tijdens een doorzoeking door de politie Oost-Brabant, district Helmond, gesealde dozen met nieuwe sigarettenverpakkingen aangetroffen in (onder meer) een oplegger op een parkeerplaats bij tankstation Esso Meelakkers aan de Rijksweg E34/A67 te Geldrop. Belanghebbende had op dat moment de sleutels van de vrachtwagen met oplegger in zijn bezit.

De politie heeft contact opgenomen met de meldkamer van de Douane omdat het vermoeden bestond dat in (onder meer) de oplegger illegale sigaretten aanwezig waren.

Door ambtenaren van de douane zijn 700.000 stuks sigaretten van het merk Marlboro Gold aangetroffen in de oplegger. Uit het proces-verbaal van de Douane volgt dat de sigaretten niet waren voorzien van Nederlandse accijnszegels. In het proces-verbaal staat – voor zover relevant – het volgende vermeld:

“Wij zagen in de laadruimte van de oplegger, boven op een lading, die volgens de opschriften op de verpakkingen, bestond uit mandarijnenpuree en abrikozenpuree, verschillende dozen liggen met de uiterlijke kenmerken van de voor ons ambtshalve bekende ‘mastercases'. De voor ons bekende mastercases hebben een inhoud van 50 sloffen sigaretten per mastercase. Wij zagen geen opdruk op de dozen.

Ik, [verbalisant 1] , haalde een doos uit de oplegger met koelinstallatie. Ik, [verbalisant 2] , opende deze doos. Wij zagen dat de inhoud van deze doos bestond uit sloffen sigaretten. Wij zagen en lazen op de sloffen sigaretten de teksten 'Marlboro Gold' en for duty free sale only’. Wij zagen dat de sloffen sigaretten in de doos niet voorzien waren van een accijnszegel.

(…) Wij zagen en telden:

70 dozen, inhoudende 50 verpakkingen per doos a 200 sigaretten per verpakking. Gemerkt Marlboro Gold (700.000 sigaretten).”

De voormalig gemachtigde heeft bij brief van 31 mei 2024 gereageerd op het voornemen van de inspecteur om de naheffingsaanslag op te leggen. In die brief staat – voor zover relevant – het volgende:

"Aan belanghebbende is door zijn opdrachtgever gevraagd om een aantal dozen van locatie A naar locatie B te vervoeren. Belanghebbende fungeerde slechts als chauffeur. De sigaretten bevonden zich in dozen.”

De inspecteur heeft met dagtekening 15 juni 2024 de naheffingsaanslag accijns aan belanghebbende opgelegd (zie 1.1).

Motivering

4. Belanghebbende stelt dat geen sprake is van het voorhanden hebben van de sigaretten. Volgens belanghebbende is hij ten onrechte aangemerkt als belastingplichtige inzake de Wet op de Accijns.

De rechtbank overweegt als volgt. Vast staat dat de in de oplegger aangetroffen sigaretten niet waren voorzien van accijnszegels en ook anderszins is niet aannemelijk gemaakt dat voor die sigaretten accijns was betaald. Daarom is accijns verschuldigd ter zake van de uitslag tot verbruik van die sigaretten. Onder uitslag tot verbruik wordt onder meer verstaan het voorhanden hebben van een accijnsgoed buiten een accijnsschorsingsregeling wanneer over dat goed geen accijns is geheven overeenkomstig de toepasselijke bepalingen van het Unierecht en de nationale wetgeving. Voor dat geval wordt de accijns geheven van de persoon die de accijnsgoederen voorhanden heeft en enig andere persoon die bij het voorhanden hebben ervan betrokken is.

De rechtbank stelt vast dat de sigaretten zijn aangetroffen in de oplegger waarvan belanghebbende de sleutels in zijn bezit had. Nu belanghebbende daarmee vrije toegang had tot de oplegger, is de rechtbank van oordeel dat hij de feitelijke beschikking had over de daarin aangetroffen sigaretten. Deze feitelijke beschikkingsmacht is voldoende om te kunnen oordelen dat belanghebbende de sigaretten voorhanden heeft gehad. Niet van belang is of hij een recht of belang kon doen gelden op de sigaretten, of dat hij wist of redelijkerwijs had behoren te weten dat het ging om onveraccijnsde sigaretten. Uit het voorgaande volgt dat terecht accijns van belanghebbende is nageheven.

Uit hetgeen hiervoor is overwogen volgt dat de naheffingsaanslag terecht aan belanghebbende is opgelegd.

Conclusie en gevolgen

5. Het beroep is ongegrond. Dit betekent dat de naheffingsaanslag in stand blijft. Belanghebbende krijgt daarom het griffierecht niet terug. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. V.A. Burgers, rechter, in aanwezigheid van

mr. D. Damen, griffier, op 13 augustus 2026. De uitspraak is openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op de datum vermeld in de brief waarmee deze uitspraak aan partijen ter beschikking is gesteld.

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.

Digitaal beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. V.A. Burgers

Griffier

  • mr. D. Damen

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl Viditax (FutD) 2026082605 V-N Vandaag 2026/1756
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand