ECLI:NL:RBZWB:2026:7801

ECLI:NL:RBZWB:2026:7801

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 17-07-2026
Datum publicatie 17-08-2026
Zaaknummer C/02/448702 / FA RK 26-2763
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Rekestprocedure
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

Artikel 1:253g BW - benoeming stiefvader tot voogd - brief aan minderjarige met uitleg over de beslissing is in de beschikking opgenomen.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Breda

Zaaknummer: C/02/448702 / FA RK 26-2763

Datum uitspraak: 17 juli 2026

beschikking van de rechtbank over voogdij

in de zaak van

RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING,

Regio Zeeland-West-Brabant, locatie Breda,

hierna te noemen: de Raad,

over de minderjarige:

[minderjarige] , geboren op [geboortedag 1] 2009 in [geboorteplaats 1] ,

hierna te noemen: [minderjarige] ,

De rechtbank merkt in deze zaak als belanghebbenden aan:

[de stiefvader] ,

hierna te noemen: de stiefvader,

wonende in [woonplaats 1] ,

[de vader] ,

hierna te noemen: de vader,

wonende in [woonplaats 2] .

1. Het procesverloop

Het procesverloop bestaat uit de volgende stukken:

- een kennisgeving van overlijden van de moeder, ingekomen bij de griffie op 24 maart 2026;

- het op 26 mei 2026 ontvangen verzoekschrift met bijlagen van de Raad, waaronder het raadsrapport van 22 mei 2026 en de bereidverklaring van de stiefvader van 5 mei 2026;

- het bericht met bijlage van de Raad van 2 juni 2026, betreffende een geboorteakte;

- de brief van de vader, overhandigd tijdens de zitting.

[minderjarige] is in de gelegenheid gesteld om zijn mening kenbaar te maken tijdens een zogenoemd ‘kindgesprek’. Hiervan heeft hij op 15 juli 2026, voorafgaand aan de zitting, gebruik gemaakt. [minderjarige] heeft de kinderrechter verteld dat hij zich kan vinden in het verzoek. Zijn stiefvader is al jaren zijn verzorger en kent hem het beste. Daarnaast blijft [minderjarige] bij zijn stiefvader wonen. Dat [minderjarige] op dit moment geen contact heeft met zijn vader, doet hem pijn. [minderjarige] begrijpt niet waarom de vader, met alles wat er is gebeurd, zich zo opstelt en geen contact meer wil hebben. Het is verdrietig dat hij na het behalen van zijn examens en diploma niets van de vader heeft gehoord en de vader [minderjarige] heeft geblokkeerd.

2. De feiten

De moeder van [minderjarige] is overleden op [datum] 2026. Zij was alleen belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige] .

De vader heeft [minderjarige] erkend.

[minderjarige] woont bij de stiefvader, met wie de moeder een relatie had.

[minderjarige] en de vader hebben geen contact met elkaar.

3. Het verzoek

De Raad verzoekt, uitvoerbaar bij voorraad, om de stiefvader te benoemen tot voogd over [minderjarige] .

4. Het standpunt van de Raad

Ter onderbouwing van het verzoek heeft de Raad in de stukken en tijdens de zitting, samengevat, het volgende aangevoerd. De moeder van [minderjarige] is plotseling overleden. [minderjarige] woonde samen met de moeder, de stiefvader en ieder weekend ook met [halfbroer] . De ouders van [minderjarige] zijn uit elkaar gegaan toen [minderjarige] ongeveer 1 jaar oud was. De stiefvader is sinds 2011 betrokken in het leven van [minderjarige] . Hij kreeg toen een relatie met moeder.

Toen [minderjarige] nog op de basisschool zat ging hij om het weekend naar zijn vader toe. Vijf jaar geleden is de vader naar [woonplaats 2] verhuisd. Er zijn een aantal keer voorvallen geweest tussen [minderjarige] en zijn vader waardoor het onderling contact stroef is gaan lopen. [minderjarige] heeft zijn vader nu enkele maanden niet gezien. Ook op andere wijze is er op dit moment geen contact.

Gebleken is dat [minderjarige] zou willen dat de stiefvader tot voogd over hem wordt benoemd. [minderjarige] wil bij de stiefvader blijven wonen. [minderjarige] ziet de stiefvader als een vaderfiguur. Ook de vader stemt in met het verzoek. De vader ziet dat de stiefvader altijd goed voor [minderjarige] heeft gezorgd. De stiefvader houdt de vader op de hoogte van zaken omtrent [minderjarige] . Het contact tussen de stiefvader en de vader wordt door de stiefvader beschreven als functioneel. De vader wil met name dat de (financiële) zaken voor [minderjarige] goed geregeld zijn. De stiefvader heeft aangegeven dat hij juridisch gezien op dit moment nog niet ergens tegenaan is gelopen, behalve bij het afwikkelen van het testament van de moeder. [minderjarige] heeft geen hulpverlening gekregen om het overlijden van zijn moeder te verwerken en heeft hier zelf ook geen behoefte aan. De Raad ziet op dit moment dan ook geen rol weggelegd voor een hulpverlener.

De Raad volhardt in het verzoek. De stiefvader biedt [minderjarige] de veiligheid en stabiliteit die hij nodig heeft. De grootste zorg die de Raad heeft is dat er op dit moment niet wordt voorzien in het gezag omtrent [minderjarige] , terwijl hij volgend jaar de meerderjarige leeftijd bereikt. Daarvoor moeten ook zaken geregeld gaan worden, zoals het regelen van eigen ziektekosten en het aanvragen van studiefinanciering. Tevens is het nog niet mogelijk geweest om het testament van moeder af te wikkelen omdat er nog niet bekend is wie het gezag danwel de voogdij over [minderjarige] heeft. De Raad acht het van belang dat er wel oog blijft voor de rol van de vader en dat hij, indien nodig, op de hoogte gehouden wordt van de ontwikkelingen omtrent [minderjarige] , zeker nu [minderjarige] nog minderjarig is.

5. Het standpunt van belanghebbenden

De vader heeft de gelegenheid gekregen om zijn standpunt naar voren te brengen. De vader heeft de rechtbank een brief overhandigd met het verzoek aan de rechtbank om die brief voor te lezen en in het dossier te voegen. Kort samengevat, schrijft de vader (voor zover dit betrekking heeft op het verzoek) dat hij de belangrijke rol die de stiefvader in het leven van [minderjarige] speelt erkent. Vanaf jonge leeftijd heeft de stiefvader deel uitgemaakt van het dagelijks leven van [minderjarige] . De stiefvader heeft veel voor [minderjarige] betekend. De vader vindt dat [minderjarige] in zijn vertrouwde omgeving moest kunnen blijven wonen.

Desgevraagd stemt de vader in met het verzoek. Hij merkt daarbij op dat er in het verslag van de Raad veel dingen zijn verdraaid of niet benoemd, zoals de rol van zijn vrouw. Daarom heeft hij niet meer op het rapport gereageerd.

Voor zover dit het contact met [minderjarige] betreft, schrijft de vader, kort samengevat, het volgende. Met pijn in zijn hart heeft de vader afstand genomen van het contact met [minderjarige] , omdat de situatie voor de vader te emotioneel en te zwaar was geworden. Dit besluit is de vader zwaar gevallen. De vader heeft steeds geprobeerd om het belang van [minderjarige] voorop te stellen. Dat de vader afstand heeft genomen van het contact, betekent volgens hem niet dat hij afstand neemt van zijn rol als vader. Voor [minderjarige] zal de deur altijd open staan, maar dit ligt bij [minderjarige] .

De stiefvader brengt, samengevat, naar voren dat hij instemt met het verzoek. De stiefvader staat achter het rapport van de Raad. De stiefvader heeft [minderjarige] altijd als zijn eigen kind opgevoed en dat zal ook zo blijven. De stiefvader zegt toe om de vader van belangrijke dingen over [minderjarige] op de te blijven houden. De stiefvader hoopt dat de rechtbank spoedig zal beslissen, zodat de stiefvader met [minderjarige] deze zomer naar het buitenland kan reizen.

6. De beoordeling

Als gevolg van het overlijden van de moeder wordt er sindsdien niet voorzien in het gezag over [minderjarige] . Dat betekent dat er sprake is van een gezagsvacuüm.

Wat zegt de wet?

Uit artikel 1:301, eerste lid, sub a van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) volgt dat de ambtenaar van de burgerlijke stand de rechtbank onverwijld in kennis stelt van het overlijden van ieder die minderjarige kinderen achterlaat.

Op grond van artikel 1:253g, eerste lid, BW bepaalt de rechter dat de overlevende ouder of een derde met het gezag over het kind wordt belast, indien van de ouders diegene overlijdt die het gezag over hun minderjarige kind alleen uitoefent. Het tweede lid van voornoemd artikel bepaalt dat de rechter dit doet op verzoek van de Raad, de overlevende ouder of ambtshalve. Volgens het derde lid wordt het verzoek om de overlevende ouder met het gezag te belasten slechts afgewezen, indien de rechter oordeelt dat het belang van de minderjarige zich tegen inwilliging verzet.

Inhoudelijke beoordeling

Naar aanleiding van de kennisgeving van de gemeente Breda heeft de rechtbank ambtshalve aan de Raad verzocht om een onderzoek te verrichten, te rapporteren en te adviseren over, kort samengevat, de voorziening in het gezag over [minderjarige] .

In het raadsrapport van 22 mei 2026 adviseert en verzoekt de Raad om de stiefvader tot voogd over [minderjarige] te benoemen.

De rechtbank overweegt, gezien de overgelegde stukken en hetgeen tijdens de zitting is besproken, als volgt. Sinds het overlijden van de moeder, die was belast met het eenhoofdig gezag over [minderjarige] , wordt er niet voorzien in het gezag over hem en is er dus sprake van een gezagsvacuüm. De rechtbank acht het in het belang van [minderjarige] om de stiefvader, bij wie [minderjarige] woont en blijft wonen, die [minderjarige] dagelijks verzorgt en die al jaren bij [minderjarige] betrokken is, tot voogd over hem te benoemen. [minderjarige] wil dit zelf ook. Van belang is dat de stiefvader belangrijke (gezags)zaken omtrent [minderjarige] kan regelen, eens te meer nu [minderjarige] binnen enkele maanden 18 jaar wordt en er verschillende zaken geregeld moeten worden.

Alhoewel de vader, zoals de wet zegt, een voorkeurspositie heeft om met het gezag over [minderjarige] te worden belast, acht de rechtbank dit gelet op al het voornoemde niet in het belang van [minderjarige] . Bovendien is gebleken dat de vader uit contact met [minderjarige] is getreden, terwijl [minderjarige] de betrokkenheid van zijn vader juist nu zo hard nodig heeft. De rechtbank roept de vader op om hierin zijn eigen trots opzij te zetten en – zoals hij zelf schrijft – het belang van [minderjarige] voorop te stellen.

Al het voorgaande leidt tot de beslissing dat het verzoek van de Raad zal worden toegewezen.

Uitvoerbaar bij voorraad

De rechtbank zal die beslissing, gelet op de aard daarvan en om een nieuw gezagsvacuüm te voorkomen, uitvoerbaar bij voorraad verklaren. Dat betekent dat die beslissing alvast moet worden gevolgd, ook als hiertegen hoger beroep wordt ingesteld. Dit betekent ook dat de stiefvader met deze beschikking bevoegd is om deze zomer met [minderjarige] naar het buitenland te reizen.

Brief aan [minderjarige]

Tijdens het gesprek met de kinderrechter heeft [minderjarige] gevraagd om via een brief op de hoogte te worden gesteld van de beslissing. In die brief leest [minderjarige] het volgende.

Beste [minderjarige] ,

De Raad voor de Kinderbescherming heeft verzocht om jouw stiefvader [de stiefvader] als voogd over jou te benoemen. Hierover hebben wij elkaar op 15 juli 2026 op de rechtbank gesproken. Jij hebt mij toen verteld dat jij akkoord bent met het verzoek. Jij wil dat [de stiefvader] als voogd over jou wordt benoemd en hij belangrijke beslissingen over jou kan nemen. Jij hebt verteld dat [de stiefvader] al jaren deel uit maakt van jouw leven. Jij ziet [de stiefvader] als jouw eigen vader. Jij blijft ook bij [de stiefvader] wonen.

Na ons gesprek was er een zitting waarbij je vader, [de stiefvader] en iemand van de Raad voor de Kinderbescherming aanwezig waren. Het verzoek is toen inhoudelijk besproken. Zowel jouw vader als [de stiefvader] hebben aangegeven dat zij het eens zijn met het verzoek.

Tot haar overlijden had jouw moeder alleen het ouderlijk gezag over jou. Dat betekent dat zij verantwoordelijk voor jou was en belangrijke beslissingen over jou kon nemen, zoals over school, medische zorg en waar je woont. Nu jouw moeder is overleden, is er niemand die over jou het ouderlijk gezag heeft. Met een moeilijk woord betekent dit dat er nu een gezagsvacuüm is. De wet zegt dat de rechter dan moet kijken wie vanaf dat moment belangrijke beslissingen over jou kan nemen tot jij 18 jaar bent. Meestal krijgt de andere ouder dan het ouderlijk gezag. Alleen als de rechter denkt dat dit niet goed is of niet in het belang is van het kind, kiest de rechter voor iemand anders.

Ik heb het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming goed gelezen. Ook heb ik geluisterd naar wat jij, je vader en [de stiefvader] van het verzoek vinden. Op basis daarvan heb ik de beslissing genomen om het verzoek toe te wijzen. Ik vind het belangrijk dat [de stiefvader] , die al lang goed voor jou gezorgd heeft samen met jouw moeder, belangrijke beslissingen over jou kan nemen en belangrijke zaken voor jou kan regelen. [de stiefvader] is al lang bij jou betrokken en weet wat jij nodig hebt. Ik volg daarmee de conclusies uit het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming.

Mijn beslissing geldt meteen. Hiervoor hoef jij niets te doen. Vanaf nu mag [de stiefvader] belangrijke beslissingen over jou nemen. Dit betekent ook dat jullie samen op vakantie kunnen gaan.

Tot slot

Ik wil jou bedanken voor het fijne gesprek dat wij hebben gehad. Jij hebt ontzettend goed uitgelegd hoe je de situatie ziet. Het is knap dat jij, ondanks alles wat is gebeurd, je diploma hebt gehaald. Dat verdient een groot compliment. Ik wens jou voor de toekomst alle goeds. Veel succes met je HBO-studie!

Verder hoop ik dat er in de toekomst ruimte komt voor contactherstel met je vader. Het is helaas niet mogelijk geweest om daar bij de zitting iets voor te regelen. Je vader heeft een eigen visie over wat er is gebeurd. Hij heeft aangegeven dat de situatie voor hem emotioneel te zwaar is geworden. Hij heeft daarbij ook gezegd dat zijn deur altijd voor jou open staat, maar ook dat hij die keuze bij jou legt.

Als jij vragen hebt over de zitting, dan kun je deze stellen aan [de stiefvader] .

Als jij vragen hebt over deze brief, dan kun je contact opnemen met de rechtbank. De contactgegevens van de rechtbank staan op de eerste pagina van deze brief.

Veel groeten, ook namens de griffier,

mr. Sumner,

Kinderrechter

7. De beslissing

De rechtbank:

benoemt de heer [de stiefvader] , geboren op [geboortedag 2] 1975 te [geboorteplaats 2] , tot voogd over de minderjarige [minderjarige] , geboren op [geboortedag 1] 2009 te [geboorteplaats 1] ;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. Sumner, kinderrechter, en in het openbaar uitgesproken op 17 juli 2026 in aanwezigheid van mr. Vos als griffier.

Indien hoger beroep tegen deze beschikking mogelijk is, kan dat worden ingesteld:

door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,

door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.

Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het

gerechtshof ’s-Hertogenbosch.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. Vos als

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand