RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Middelburg
Zaaknummer: C/02/450265 / FA RK 26-3590
Datum uitspraak: 17 juli 2026
Beschikking voortzetting crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedag] 1980 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen: betrokkene,
wonend in [woonplaats] ,
thans verblijvende in de accommodatie Stichting GGZ [locatie] ,
advocaat: mr. M. Janse te Halsteren.
1. Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 14 juli 2026;
de aanvullende medische verklaring, opgesteld en ondertekend door dhr. [psychiater 1] , (onafhankelijk) psychiater, ontvangen op 14 juli 2026.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 17 juli 2026. Daarbij zijn gehoord:
betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;
mw. [psychiater 2] , psychiater;
mw. [de zus] , de zus van betrokkene.
Daarnaast waren als toehoorders aanwezig, maar zijn niet gehoord:
dhr. [afdelingsarts] , afdelingsarts;
een co-assistent;
een begeleider;
de moeder van betrokkene.
De officier van justitie is, zoals reeds aangekondigd in het verzoekschrift, niet ter zitting verschenen en dus ook niet gehoord.
2. Wat vaststaat
Betrokkene verblijft met een crisismaatregel in de accommodatie Stichting GGZ [locatie] . De burgemeester van de gemeente Steenbergen heeft het besluit tot het verlenen van de crisismaatregel op 13 juli 2026 afgegeven.
3. Het verzoek
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken.
4. De standpunten
Betrokkene vertelt dat ze probeert te verwerken wat er de afgelopen week is gebeurd. Ze heeft zichzelf flink afgezonderd. Het is niet goed dat ze geen prikkels om zich heen heeft, want nu kan ze geen prikkels meer verdragen. Het klopt dat betrokkene overlast heeft veroorzaakt. Dit mag niet meer gebeuren. Tot slot vertelt betrokkene dat ze niks te klagen heeft over de verzorging.
De advocaat licht toe dat het lastig is om een juridisch standpunt in te nemen namens betrokkene. Betrokkene geeft wel duidelijk aan dat ze niet opgenomen wil zijn.
De psychiater licht toe dat het op dit moment iets beter gaat met betrokkene, aangezien er een gesprek met haar mogelijk is. Bij het begin van de opname was betrokkene (motorisch) erg onrustig. Ze heeft echter nog veel moeite met het hanteren van haar emoties en haar prikkelgevoeligheid is hoog. Vermoedelijk is er bij betrokkene sprake van een paranoïde psychose, hetgeen mede is veroorzaakt door middelengebruik. Ook bestaat er een vermoeden op persoonlijkheidsproblematiek en is ADHD gediagnosticeerd. De bedoeling is dat betrokkene wordt ingesteld op medicatie en dat de prikkels worden verminderd. Later kunnen de vrijheden worden opgestart en kan de nazorg worden geregeld. Betrokkene staat niet open voor medicatie. Tot slot is er bij betrokkene sprake van forse kritiek- en oordeelsstoornissen, is ze wilsonbekwaam en kan ze risico’s niet goed overzien en inschatten.
De zus van betrokkene vertelt dat betrokkene bekend is met zorgmijding. Ook heeft ze veel lichamelijke klachten waarvan ze denkt dat het ernstige zaken zijn. Het ging niet goed in de thuissituatie, wat maakt dat het goed is dat betrokkene maximaal drie weken opgenomen blijft. Betrokkene is wel bang dat ze niet meer van de afdeling af komt.
5. De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van drie weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade, ernstige materiële schade, ernstige financiële schade, ernstige verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang en het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag. Betrokkene is ontremd en psychomotorisch geagiteerd. Daarnaast is er sprake van een bewegingsdrang, wat maakt dat betrokkene zichzelf uitput. Ook is betrokkene onvoorspelbaar en heeft ze geen controle over haar gedrag en emoties. Tot slot is betrokkene niet in staat tot zelfzorg.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, te weten bipolaire-stemmingsstoornissen, middelgerelateerde en verslavingsstoornissen en schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen. Bij betrokkene is sprake van een manisch-psychotisch toestandsbeeld, mede geluxeerd door middelengebruik. Dit uit zich door ernstige psychomotore agitatie en bewegingsdrang. Ook is het denken versneld en associatief en is betrokkene verhoogd achterdochtig. Daarnaast is betrokkene bekend met een bipolaire stemmingsstoornis en ADHD.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- het beperken van de bewegingsvrijheid;
- opnemen in een accommodatie.
De rechtbank wijst af de overige verzochte vormen van verplichte zorg, te weten ‘toedienen van vocht en voeding’, ‘verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen’, ‘insluiten’, ‘uitoefenen van toezicht’, ‘onderzoek aan kleding of lichaam’, ‘onderzoek van de woon- of verblijfsruimte’, ‘controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen’ en ‘het aanbrengen van beperkingen de vrijheid het eigen leven in te richten’, aangezien deze zorgvormen volgens de psychiater niet noodzakelijk zijn om het ernstig nadeel af te wenden.
Betrokkene verzet zich tegen de zorg. Ter zitting blijkt immers dat betrokkene niet opgenomen wil blijven. Ook heeft betrokkene geen ziektebesef en -inzicht.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.
6. De beslissing
De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1980 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.5. staan kunnen worden toegepast;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 7 augustus 2026;
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 17 juli 2026 door mr. Van de Poll, rechter, in aanwezigheid van mr. Boomaars, griffier, en op schrift gesteld op 31 juli 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.