RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/449982 / FA RK 26-3445
Datum uitspraak: 20 juli 2026
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedag] 1978 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats 1] ,
advocaat mr. P. Doorakkers uit Oosterhout.
1. Het verloop van de procedure
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 3 juli 2026.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 20 juli 2026. Daarbij zijn gehoord:
betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
mevrouw [persoon 1] , trajectregisseur forensische zorg;
mevrouw [persoon 2] , casemanager.
2. Wat vaststaat
De rechtbank heeft een zorgmachtiging verleend tot en met 29 augustus 2026.
3. Het verzoek
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.
4. De standpunten
Betrokkene geeft aan dat de medicatiewissel inmiddels heeft plaatsgevonden en dat hij het eens is met de verlenging van de zorgmachtiging als vangnet. Verder geeft betrokkene aan dat hij aan het reageren is op woningen in drie plaatsen en de reclassering bezig is om hem van de zwarte lijst af te halen. Betrokkene merkt door de medicatieswitch dat hij geen bijwerkingen meer ervaart aan zijn benen, maar hij heeft nog wel last van onvrijwillige kaakbewegingen.
De trajectregisseur brengt, samengevat, naar voren dat betrokkene is aangemeld in [plaats 2] om met voorrang een woning te kunnen krijgen. Er is met de reclassering gesproken dat de zorgmachtiging veiligheid kan bieden richting een woningbouwvereniging. De trajectregisseur geeft aan dat ze ermee bezig zijn en hopen eind dit jaar/begin volgend jaar een uitstroom te kunnen realiseren.
De casemanager geeft aan dat betrokkene tijdens een opname is ingesteld op medicatie en ze inmiddels op het derde middel zitten vanwege de bijwerkingen die betrokkene ervaart. Tijdens een medicatieswitch blijft er een risico op ontregeling. Volgens de casemanager is er op dit moment sprake van een goede samenwerking. Een grote wens van betrokkene is verhuizen en er is bekend dat een wisseling op levensgebied wellicht betrokkene uit balans kan brengen. De casemanager geeft aan dat het in zo’n periode fijn is om een zorgmachtiging achter de hand te hebben.
De advocaat verklaart dat betrokkene de afgelopen jaren veel heeft meegemaakt en alles is verloren. Betrokkene is het niet overal mee eens maar wil toch meewerken omdat zijn drang zo groot is om weer zelfstandig te worden. Betrokkene is nu heel hard aan het werk.
5. De beoordeling
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene lijdt aan schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen en andere problemen die een reden voor zorg kunnen zijn.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit ernstige psychische schade, ernstige materiële schade, ernstige immateriële schade, ernstige verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang, het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag en gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen. De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat betrokkene ten tijde van een psychotische ontregeling agressief en intimiderend gedrag heeft vertoond. Sinds 2024 is betrokkene meermalen met politie en justitie in aanraking gekomen in verband met geweldsdelicten. Als gevolg hiervan is betrokkene onder meer zijn woning kwijtgeraakt en dakloos geworden waarna hij bij [accommodatie] is gaan verblijven. Tevens is betrokkene in deze periode zijn sociale netwerk, familiebanden en hond verloren. Betrokkene heeft zichzelf verwaarloosd en er heeft een verdere maatschappelijke achteruitgang plaatsgevonden.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Hoewel het ziektebesef bij betrokkene over het algemeen aanwezig is, ontbreekt het ziekte-inzicht. Betrokkene erkent weliswaar dat hij psychotisch is geweest, maar overziet de (langetermijn)gevolgen hiervan en de daaraan verbonden risico’s onvoldoende. Bij een eventuele decompensatie bestaat het risico dat betrokkene niet meer instemt met de medicamenteuze behandeling. Daarom is verplichte zorg nodig.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- het verrichten van medische controles;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de verzochte duur van twaalf maanden.
6. De beslissing
De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1978 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in rechtsoverweging 5.6 staan kunnen worden toegepast;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 20 juli 2027.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 20 juli 2026 door mr. Donders, rechter, in aanwezigheid van Vermare, griffier en op schrift gesteld op 24 juli 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.