ECLI:NL:RBZWB:2026:8437

ECLI:NL:RBZWB:2026:8437

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 02-09-2026
Datum publicatie 02-09-2026
Zaaknummer 02-810689-17
Rechtsgebied Strafrecht; Materieel strafrecht
Procedure Op tegenspraak
Zittingsplaats Breda

Samenvatting

Verlenging tbs met twee jaar

Uitspraak

Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT

Strafrecht

Zittingsplaats: Breda

Parketnummer: 02-810689-17

Beslissing van de meervoudige kamer van 2 september 2026 met betrekking tot de verlenging van de terbeschikkingstelling van:

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedag] 1978 in [geboorteplaats] ,

nu verblijvende bij [tbs-instelling] in [plaats] (hierna: de tbs-instelling),

hierna: betrokkene.

Raadsman mr. F.J. Koningsveld, advocaat in Breda.

1. Inleiding

Betrokkene is op 27 maart 2018 door de rechtbank Zeeland-West-Brabant veroordeeld tot een gevangenisstraf van negen maanden met aftrek van het voorarrest en terbeschikkingstelling (hierna: tbs) met verpleging van overheidswege. De tbs met verpleging van overheidswege is opgelegd wegens een poging tot doodslag.

De rechtbank constateert dat het hier gaat om een misdrijf als bedoeld in artikel 38e, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.

De tbs met verpleging van overheidswege is aangevangen op 28 augustus 2018 en op

23 augustus 2024 voor het laatst verlengd met een termijn van twee jaar.

2. Procesverloop

De rechtbank heeft op 10 juli 2026 van het openbaar ministerie een vordering ontvangen tot verlenging van de tbs met verpleging van overheidswege. De vereiste stukken zijn bijgevoegd dan wel toegezonden.

De vordering is op de openbare terechtzitting van 19 augustus 2026 behandeld. De officier van justitie, mr. I.M.H. Masselink, is gehoord. Ook is betrokkene gehoord, bijgestaan door zijn raadsman. Daarnaast is [de deskundige] (gz-psycholoog en regiebehandelaar bij [tbs-instelling] ) gehoord.

3. Adviezen

Advies tbs-instelling

De tbs-instelling heeft in het rapport van 25 juni 2026 geadviseerd de tbs met verpleging van overheidswege te verlengen met twee jaar. Bij betrokkene is sprake van schizofrenie, een licht verstandelijke beperking en verslavingsproblematiek. Zijn sociale vaardigheden en copingvaardigheden zijn daardoor beperkt.

Betrokkene verblijft sinds januari 2025 op [de besloten afdeling] , waar hij zijn vrijheden verder heeft opgebouwd naar onbegeleid terreinverlof, alsmede begeleid regio- en landelijk verlof. Nadat hij op die afdeling psychotisch ontregeld raakte, is hij tijdelijk op de [crisisafdeling] geplaatst. Zo kon zijn medicatie beter worden afgestemd op de onrust die hij liet zien. Ook werd hiermee voorkomen dat de situatie verder escaleerde en dat er fysiek agressieve incidenten zouden plaatsvinden. In januari 2026 is betrokkene weer teruggeplaatst naar [de besloten afdeling] . Sinds die terugplaatsing wordt er weer meer stabiliteit in het functioneren van betrokkene gezien. In de periode dat de medicatie aangepast werd, is er zes keer sprake geweest van verbale agressie, één keer van discriminatie en twee keer van medicatieweigering. Daarnaast is in mei 2026 tijdens een reguliere kamercontrole, op aanwijzing van betrokkene, een zelfgemaakt steekwapen aangetroffen, een tandenborstel, waaraan betrokkene een korte punt had gemaakt.

Betrokkene zal vanwege zijn complexe problematiek blijvend afhankelijk zijn van externe begeleiding, ondersteuning en controle. Hij heeft weinig probleembesef en -inzicht. Hij kan geen risicofactoren benoemen en is nog ambivalent over drugsgebruik. Hoewel betrokkene adequaat is ingesteld op medicatie, hoort hij continue een meisjesstem en regelmatig andere geluiden (zoals een pieptoon) en geeft hij aan visioenen te hebben. Sinds 2022 is de achterdocht ook weer sterker aanwezig. Dit lijkt te maken te hebben met geheugenproblemen. Indien de tbs nu zou worden opgeheven, zal hij vrijwel zeker terugvallen in middelengebruik en psychotisch ontregeld raken. Hierdoor wordt de kans op herhaling als hoog ingeschat.

Het verloop van het behandeltraject zal moeten uitwijzen welke mate van vrijheid in de toekomst voor betrokkene haalbaar zal zijn en welke mate van begeleiding, controle en toezicht hij hierbij nodig zal hebben. Indien het functioneren van betrokkene stabiel blijft, zal hij doorstromen naar een woonvorm met 24-uurs begeleiding, waarbij de intensiteit van de begeleiding en bejegening vergelijkbaar moet zijn met die op [de besloten afdeling] . De komende periode zal verder worden gewerkt aan behandeling en het vergroten van de copingvaardigheden en zal het verlof verder worden uitgebreid. Alles bij elkaar genomen zal dit traject naar verwachting langer duren dan één jaar. Daarom wordt een verlenging met twee jaar geadviseerd.

Ter zitting heeft [de deskundige] daaraan toegevoegd dat er opnieuw cognitief onderzoek heeft plaatsgevonden, waarbij een verdere achteruitgang is geconstateerd. Dit vormt op dit moment echter geen beletsel om op de huidige voet verder te gaan. Er zijn geen signalen dat de koers drastisch gewijzigd dient te worden.

Adviezen (externe) gedragsdeskundigen

Advies psychiater

Uit het rapport van [psychiater] van 15 april 2026 blijkt dat bij betrokkene sprake is van schizofrenie, een licht verstandelijke beperking en een stoornis in het gebruik van stimulantia (met name amfetamine) en cannabis, beide in remissie binnen een gereguleerde omgeving. Daarnaast is er sprake van een ongespecificeerde neurocognitieve stoornis, gelet op de achteruitgang van het cognitief functioneren van betrokkene in de afgelopen jaren. Indien de tbs nu zou worden opgeheven en betrokkene niet kan terugvallen op professionele behandeling en begeleiding met voldoende forensische scherpte, wordt het risico op recidive als hoog ingeschat. Betrokkene heeft weinig probleembesef en -inzicht en kan niet adequaat met stress, spanning en onduidelijkheid omgaan. Ook is hij beïnvloedbaar. De psychiater onderschrijft de door de tbs-instelling ingezette koers, waarbij wordt toegewerkt naar begeleid wonen. Gelet op de hoeveelheid stappen die nog moeten worden gezet, heeft de psychiater geadviseerd de tbs met verpleging van overheidswege met twee jaar te verlengen.

Advies psycholoog

Het rapport van [GZ-psycholoog] van 10 april 2026 is vrijwel gelijkluidend aan het rapport van de psychiater voor wat betreft de omschreven problematiek, het advies en de argumenten waarop dit is gebaseerd. Bij een hypothetisch ontslag nemen de risico’s vrijwel direct toe tot hoog. De psycholoog acht het van belang dat de vrijheden van betrokkene stapsgewijs worden uitgebreid en dat er wordt gezocht naar een passende woonplek, zodat getoetst kan worden welke structuur en begeleiding betrokkene nodig heeft om stabiel te kunnen blijven functioneren en het recidiverisico zo laag mogelijk te houden. Gelet op de nog te nemen stappen is niet de verwachting dat de tbs-maatregel al over één jaar voorwaardelijk kan worden beëindigd. Geadviseerd wordt de tbs met verpleging van overheidswege met twee jaar te verlengen.

4. Standpunt van partijen

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie is op de zitting gebleven bij de vordering om de tbs met verpleging van overheidswege met twee jaar te verlengen. Aan de wettelijke vereisten daarvoor is voldaan. Er is nog steeds sprake van een stoornis en een recidiverisico als de tbs-maatregel zou worden beëindigd. Betrokkene heeft de afgelopen jaren wisselend gefunctioneerd en er zijn recent nog incidenten geweest. Kijkend naar de stappen die nog genomen moeten worden, is het niet realistisch dat dit binnen één jaar zal lukken.

Het standpunt van de verdediging

Betrokkene heeft op de zitting verklaard dat hij hoopt dat de tbs met één jaar wordt verlengd. Hij is al negen jaar clean en is niet van plan om weer drugs te gaan gebruiken, hoewel hij onlangs wel een keer een jointje heeft gerookt. Hij wil graag meer autonomie en vrijheden en zou graag zien dat de tbs-maatregel voorwaardelijk wordt beëindigd, ook omdat dit kader hem ruimere financiële mogelijkheden biedt. Hij is van mening dat hij prima zonder begeleiding kan functioneren.

De verdediging heeft op de zitting verzocht de tbs met verpleging van overheidswege te verlengen met één jaar, zodat volgend jaar getoetst kan worden of het tot de mogelijkheden behoort om de tbs voorwaardelijk te beëindigen. Nu het plafond van de behandeling in zicht is, dient te worden gekeken naar alternatieven.

5. Beoordeling

De tbs van betrokkene kan slechts worden verlengd indien de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen dat eist. Het recidivegevaar moet nog aanwezig zijn en dient voort te vloeien uit een ziekelijke stoornis en/of een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Gelet op de adviezen van de tbs-instelling en de externe gedragsdeskundigen wordt nog steeds voldaan aan dit wettelijke criterium. De rechtbank is dan ook van oordeel dat de tbs moet worden verlengd.

De vraag die vervolgens voorligt, is of de tbs met één of twee jaar moet worden verlengd. Uitgangspunt is dat wanneer aannemelijk is geworden dat de behandeling meer tijd in beslag zal nemen dan de tijd die resteert bij een verlenging van de tbs met één jaar, de tbs verlengd dient te worden met twee jaar, tenzij er sprake is van bijzondere omstandigheden.

Hoewel het op dit moment beter gaat met betrokkene dan voorheen, zijn er in de afgelopen periode nog wel incidenten geweest. Betrokkene heeft inmiddels stappen gezet in de goede richting, maar er zijn nog belangrijke stappen te zetten in zijn verdere behandel- en resocialisatietraject. Zo moet het verlof van betrokkene nog verder worden uitgebreid, zodat getoetst kan worden hoe hij omgaat met meer vrijheid en verantwoordelijkheid. Het is daarbij van belang om dit in een rustig en gefaseerd tempo te laten verlopen. Gelet op de stappen die betrokkene nog te zetten heeft, is de verwachting dat dit zeker niet binnen één jaar gerealiseerd kan worden. Van bijzondere omstandigheden die maken dat van het uitgangspunt moet worden afgeweken, is niet gebleken. De rechtbank zal de tbs met verpleging van overheidswege van betrokkene daarom verlengen met een termijn van twee jaar.

6. Beslissing

De rechtbank:

verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met twee jaar.

Deze beslissing is genomen door mr. D. Fontein, voorzitter, en

mr. C.H.M. Pastoors en mr. M.H.M. Collombon, rechters, in tegenwoordigheid van

mr. S.D.M. Bos, griffier en is uitgesproken ter openbare zitting op 2 september 2026.

De voorzitter en de oudste rechter zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. D. Fontein
  • mr. C.H.M. Pastoors
  • mr. M.H.M. Collombon

Griffier

  • mr. S.D.M. Bos

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand