[belanghebbende] , uit [woonplaats] , belanghebbende
en
de inspecteur van de Belastingdienst, de inspecteur.
Inleiding
1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over de beroepen van belanghebbende tegen de bestreden uitspraken op bezwaar van de inspecteur van 21 oktober 2025. De beroepen zien op de aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen en inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet over het jaar 2021 met aanslagnummers [aanslagnummer] H.16.01 en [aanslagnummer] W.16.01.4.
De rechtbank had per abuis nog geen zaaknummer toegekend aan het beroep over de aanslag inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet over het jaar 2021. De rechtbank heeft daarom alsnog een extra zaaknummer (BRE 26/4162) aangemaakt. Een zaaksoverzicht is aan het digitale dossier toegevoegd.
De rechtbank heeft de beroepen op 23 juli 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: mr. [inspecteur 1] en mr. [inspecteur 2] , namens de inspecteur. Belanghebbende is zonder bericht van verhindering niet verschenen. De griffier heeft op 18 juni 2026 in het digitaal dossier een bericht geplaatst waarbij partijen zijn uitgenodigd om op de zitting te verschijnen. Van de plaatsing van dit bericht is op dezelfde datum een notificatie aan belanghebbende verzonden naar het door hem voor dit doel opgegeven e‑mailadres. Daarom neemt de rechtbank aan dat belanghebbende dit bericht op 18 juni 2026 heeft ontvangen. De rechtbank stelt daarmee vast dat belanghebbende correct en op de juiste wijze voor de zitting is uitgenodigd.
Beoordeling door de rechtbank
2. De rechtbank komt tot het oordeel dat de beroepen niet-ontvankelijk zijn, omdat de beroepen te laat zijn ingediend en het te laat indienen niet verschoonbaar is. De rechtbank legt hierna uit hoe zij tot dit oordeel komt.
Toetsingskader
3. Voor het indienen van een beroepschrift geldt een termijn van zes weken. Deze termijn begint op de dag na de dagtekening van de uitspraak op bezwaar. Maar als de dagtekening een datum is vóór de datum waarop de uitspraak op bezwaar is verzonden, begint deze termijn op de dag na de dag van verzending.
Een beroepschrift is op tijd ingediend wanneer het voor het einde van de termijn is ontvangen. De beroepstermijn kan niet worden verlengd. Als iemand een beroepschrift te laat indient, verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Dat is alleen anders als het niet tijdig indienen van het beroepschrift verontschuldigbaar is. Dan laat de rechtbank niet-ontvankelijkverklaring op grond van die te late indiening achterwege.
Zijn de beroepen te laat ingediend?
4. Vast staat dat de dagtekening van de uitspraken op bezwaar 21 oktober 2025 is. Er is geen aanleiding om aan te nemen dat de verzending ervan later dan die datum heeft plaatsgevonden. De termijn voor het instellen van beroep eindigde op 2 december 2025.
Belanghebbende heeft op 30 december 2025 een mail gestuurd aan de inspecteur, waarin het volgende staat:
“Op 2 december 2025 is de beroepstermijn van 6 weken verstreken. Omdat ik niet de benodigde administratie heb kunnen aanleveren, Is het niet gelukt om tijdig in beroep te gaan bij de Rechtbank, Zeeland-West-Brabant. Mijn verzoek aan u is om de beroepstermijn tot 13 januari 2026 te verlengen, reden is dat het veel tijd vergt om talrijke documenten te scannen en verzamelen, waaronder ook talrijke benodigde documenten voor mijn lopende beroep bij de Hoge Raad, zodat ze objectief kunnen worden aangeleverd.”
. Deze mail is aan te merken als beroepschrift en door de inspecteur aan de rechtbank doorgezonden. De rechtbank gaat dan ook uit van 30 december 2025 voor de ontvangst van het beroepschrift. Het beroepschrift is niet tijdig ingediend.
Is het te laat indienen verontschuldigbaar?
5. Belanghebbende geeft als reden dat het tijd heeft gevergd om talrijke documenten te scannen en verzamelen en later (tevens) dat hij door een burn-out vanaf 19 november 2025, gepaard met fysieke en mentale klachten, niet tijdig heeft kunnen reageren.
De rechtbank ziet in de gegeven redenen geen verontschuldiging voor het verzuim. Voor het instellen van beroep was het niet noodzakelijk om alle onderbouwende stukken bij te voegen. Belanghebbende kon volstaan met een (pro forma) beroepschrift. De rechtbank overweegt verder dat de persoonlijke omstandigheden in beginsel kunnen zorgen voor een verschoonbare termijnoverschrijding. Om de gestelde persoonlijke omstandigheden te beoordelen heeft de rechtbank gevraagd om met stukken nader te onderbouwen dat belanghebbende last had van een burn-out en om die reden niet in staat was tijdig beroep in te stellen. Belanghebbende heeft hier niet op gereageerd en is ook niet op de zitting verschenen.
De rechtbank is van oordeel dat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij niet in staat was tijdig beroep in te stellen. De rechtbank ziet geen bewijs van niet aan belanghebbende toe te rekenen omstandigheden of geringe verwijtbaarheid aan de zijde van belanghebbende.
Conclusie en gevolgen
6. De beroepen zijn daarom niet-ontvankelijk. Dat betekent dat de rechtbank de beroepen niet inhoudelijk beoordeelt en dat het bestreden besluit in stand blijft. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart de beroepen niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.J. Willems-Ruesink, rechter, in aanwezigheid van mr. W. Dekkers, griffier.
De uitspraak is openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op de datum vermeld in de brief waarmee deze uitspraak aan partijen ter beschikking is gesteld.
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is bekendgemaakt.
Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch (belastingkamer), Postbus 70583, 5201 CZ 's-Hertogenbosch.