[verzoeker] , uit [woonplaats] , verzoeker
(gemachtigde: mr. R. el Bellaj),
en
de burgemeester van de gemeente Tilburg.
Inleiding
Beoordeling door de voorzieningenrechter
3. Op grond van de Awb moet bij het indienen van een verzoek om voorlopige voorziening griffierecht worden betaald. Als het griffierecht niet (op tijd) wordt betaald, is het verzoek niet-ontvankelijk. Dit is bepaald in artikel 8:82 van de Awb, in samenhang met artikel 8:41 van de Awb.
4. Aan verzoeker is bij aangetekende brief van 27 januari 2026 de nota voor het betalen van griffierecht verstuurd. Daarbij is meegedeeld dat het griffierecht uiterlijk twee weken na de datum van de nota moet zijn bijgeschreven op de rekening van het Ministerie van Justitie en Veiligheid. Verzoeker is er in deze brief ook op gewezen dat bij niet tijdige betaling het verzoek niet-ontvankelijk kan worden verklaard.
5. De voorzieningenrechter constateert dat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn is ontvangen. Het verzoek is dan ook kennelijk niet-ontvankelijk.
Beslissing
De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Breeman, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.J.M. van Hees, griffier op 11 februari 2026 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: