ECLI:NL:RBZWB:2026:8754

ECLI:NL:RBZWB:2026:8754

Instantie Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak 10-09-2026
Datum publicatie 10-09-2026
Zaaknummer 23/12543 WIA
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Middelburg

Samenvatting

Weigering IVA. Na raadpleging deskundige beroep ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Zittingsplaats: Middelburg

Bestuursrecht

zaaknummer: BRE 23/12543 WIA

uitspraak van 10 september 2026 van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiseres] , te [plaats] , eiseres,

gemachtigde: mr. V.M.C. Verhaegen,

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV; kantoor Breda), verweerder,

gemachtigde: mr. M.B.A. van Grinsven.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de weigering aan haar een IVA-uitkering (Inkomensverzekering voor volledig en duurzaam arbeidsongeschikten) op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA) toe te kennen.

Het UWV heeft met het besluit van 17 april 2023 (primair besluit) aan eiseres met ingang van 13 april 2023 een loongerelateerde uitkering toegekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%.

Met het bestreden besluit van 21 november 2023 is het bezwaar van eiseres tegen dit besluit ongegrond verklaard.

Het UWV heeft op het beroep gereageerd met verweerschriften.

De rechtbank heeft het beroep op 8 april 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van het UWV. Ter zitting heeft de rechtbank het onderzoek gesloten.

Op 16 mei 2025 heeft de rechtbank het onderzoek heropend om een deskundige te raadplegen.

Verzekeringsarts Lok heeft op 10 december 2025 gerapporteerd.

Beide partijen hebben op deze rapportage gereageerd.

De rechtbank heeft het onderzoek op 8 juli 2026 gesloten, nadat partijen is gevraagd of een tweede zitting gewenst is en zij daarop niet hebben gereageerd. De rechtbank heeft de termijn voor het doen van uitspraak op 10 augustus 2026verlengd.

Beoordeling door de rechtbank

2. Aan het bestreden besluit heeft het UWV ten grondslag gelegd dat eiseres niet duurzaam arbeidsongeschikt is. De rechtbank zal beoordelen of dit juist is.

Zij doet dit aan de hand van de argumenten die eiseres heeft aangevoerd, de beroepsgronden.

Oordeel van de rechtbank

3. De rechtbank is van oordeel dat het UWV terecht heeft geweigerd aan eiseres met ingang van 13 april 2023 een IVA-uitkering toe te kennen.

Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Juridisch kader

De voor de beoordeling van het beroep belangrijke wetgeving is te vinden in de bijlage bij deze uitspraak.

Totstandkoming van het bestreden besluit

Sinds 1 april 2021 was eiseres werkzaam bij [werkgever 1] als begeleider. Daarvoor is zij werkzaam geweest als verpleegkundige/begeleider bij [werkgever 2] . Op 15 april 2021 meldde eiseres zich ziek.

Met het primaire besluit van 17 april 2023 heeft het UWV aan eiseres met ingang van

13 april 2023 een loongerelateerde WIA-uitkering toegekend naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%.

Eiseres heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt en gesteld dat zij in aanmerking dient te worden gebracht voor een IVA-uitkering.

Met het bestreden besluit van 21 november 2023 heeft het UWV dit bezwaar ongegrond verklaard. Het UWV stelt dat eiseres niet duurzaam arbeidsongeschikt is.

Verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen

4. Het UWV heeft die conclusie gebaseerd op de bevindingen van een verzekeringsarts, een sarts bezwaar en beroep (arts b&b), een arbeidsdeskundige en een arbeidsdeskundige b&b.

De verzekeringsarts heeft eiseres gezien en psychisch onderzocht. Hij heeft gerapporteerd dat eiseres bekend is met colitis ulcerosa, rugklachten, coxartrose, een prolaps van de baarmoeder, astma, problemen met de visus en psychische klachten na het verlies van haar zoon en werk. Volgens de verzekeringsarts is er een redelijke of goede verwachting dat verbetering van de belastbaarheid zal optreden in het komende jaar of het daarop volgende jaar, zeker op persoonlijk en sociaal functioneren alsmede werktijden. De beperkingen op dynamische handelingen en statische houdingen worden mogelijkerwijs negatief beïnvloed door de psychische klachten, maar gezien de aard van de pathologie is de verwachting dat de gestelde beperkingen op deze rubrieken in grote lijnen blijven bestaan. De beperkingen op persoonlijk en sociaal functioneren alsmede werktijden kunnen middels adequate therapie verbeteren in de komende periode. De verzekeringsarts heeft beperkingen en de belastbaarheid van eiseres neergelegd in de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) van 14 april 2023.

Op basis van deze FML heeft de arbeidsdeskundige geconcludeerd dat eiseres 100% arbeidsongeschikt is.

De arts b&b heeft ook gesteld dat duurzaamheid nog niet aan de orde is. De sarts b&b erkent dat er een complex is van klachten, maar stelt dat daarmee nog niet is gezegd dat alle klachten/beperkingen duurzaam zijn. De collitis ulcerosa is bekend sinds 2009, maar daarmee heeft eiseres sinds 2012 kunnen functioneren. De collitis is ook niet de enige causale factor voor de arbeidsongeschiktheid. Zoals reeds opgemerkt is het een complex, ook met een psychische component na het verlies van de zoon van eiseres. Eiseres heeft weliswaar een rouwtraject gevolgd, maar de behandeling zou wellicht nog kunnen worden geïntensiveerd met EMDR of cognitieve gedragstherapie om het verlies adequater te kunnen verwerken. Voor de coxartrosis is een heupprothese een optie en voor de prolaps is een uterusextirpatie een dikwijls geïndiceerde behandeling. Voor zowel de fysieke als psychische klachten zijn er volgens de arts b&b behandelmogelijkheden, waarbij na de start van de behandeling bij adequaat volgen en optimaal resultaat binnen een jaar verbetering mogelijk is. De arts b&b heeft op 25 september 2023 een zogenaamde fictieve FML opgesteld met alleen de duurzame beperkingen van eiseres.

De arbeidsdeskundige b&b stelt de mate van arbeidsongeschiktheid op datum in geding ongewijzigd vast op 100%, omdat er, gelet op de beperkingen, geen functies kunnen worden geduid.. Dit is volgens de arbeidsdeskundige b&b niet duurzaam, omdat op basis van de fictieve FML van 25 september 2023 nog wel passende functies te duiden zijn: baliemedewerker (Sbc-code 315150), medewerker bloedafname (Sbc-code 493020) en administratief ondersteunend medewerker (Sbc-code 315100). Dat leidt tot een theoretisch arbeidsongeschiktheidspercentage van 37,36%.

Beroep

5. Eiseres heeft aangevoerd dat haar ten onrechte een IVA-uitkering is geweigerd. Zij is volledig en duurzaam arbeidsongeschikt.

Eiseres heeft colitis ulcerosa, rug- en elleboogklachten als gevolg van artrose, coxartrose, uterusprolaps, migraine, depressieve klachten met paniekaanvallen, cysten in lever en nier, osteoporose, een luchtwegaandoening, zij slaapt slecht, heeft visusklachten en concentratieproblemen. De darmklachten zijn in 2023 aanmerkelijk toegenomen.

Volgens eiseres heeft de arts b&b in de fictieve FML ongemotiveerd bepaalde beperkingen laten vervallen. De bedrijfsarts heeft daarnaast meer beperkingen gesteld.

Verder stelt eiseres dat de arts b&b de stappen van de ‘Beoordeling van de duurzaamheid van arbeidsbeperkingen’ niet (inzichtelijk) heeft gevolgd en daarmee dat zijn onderzoek niet zorgvuldig is en het bestreden besluit onvoldoende gemotiveerd.

Ook is niet juist dat wel onvoldoende gemotiveerd dat eiseres een uterusextirpatie kan ondergaan. Uit het patiëntendossier blijkt dat artsen een uterusextirpatie ontraden, omdat het risico op verdere verzakkingen ontstaat door het ontstaan van een lege ruimte in de buik en de bestaande incontinentieklachten.

Met betrekking tot haar psychische klachten stelt eiseres dat zij deze sinds 2009 heeft. Zij is daarvoor behandeld, maar dat gaf geen resultaat.

Met betrekking tot de pijnklachten aan rug en heupen geeft eiseres aan dat pijnmedicatie lastig is in verband met de inflammatoire darmziekte en voor een heupoperatie acht de orthopeed eiseres nog veel te jong.

Tot slot acht eiseres zich vanwege haar psychische klachten/depressie met paniekaanvallen en visuele beperking niet geschikt voor de geduide functies.

Ter onderbouwing van haar standpunt heeft eiseres informatie van verzekeringsarts [verzekeringsarts] overgelegd. [verzekeringsarts] stelt daarin dat de verzekeringsarts b&b bij de beoordeling van de duurzaamheid niet het Beoordelingskader gehanteerd heeft. Daarnaast wordt gewezen op algemene behandelmogelijkheden, maar niet wordt aangegeven hoe die in het specifieke geval van eiseres tot herstel zouden kunnen leiden. Er kan niet worden uitgegaan van een algemeen vermoeden dat behandeling zou kunnen leiden tot verbetering van de belastbaarheid.

Daarnaast heeft eiseres informatie van psychotherapeut [psychotherapeut] van 26 september 2024 overgelegd. [psychotherapeut] geeft daarin aan dat eiseres sinds 20 augustus 2024 (weer) in behandeling is en dat zij eerder van 2009 tot 2011 en in 2022 in behandeling was. Er is sprake van een recidiverende depressieve stoornis, ernstig met vitale kenmerken. Het (eerder) psychisch decompenseren illustreert volgens [psychotherapeut] een grote psychische kwetsbaarheid en geringe draagkracht. Door het progressieve verloop van de klachten zullen die kwetsbaarheid en geringe draagkracht blijven bestaan.

De verzekeringsarts b&b Koek heeft in de rapportages van 8 mei 2024, 3 juli 2024 en 17 oktober 2024 gereageerd op het (aanvullend) beroepschrift en de stukken van [verzekeringsarts] en [psychotherapeut] .

Deskundige

6. De rechtbank heeft aanleiding gezien om in deze zaak een deskundige te raadplegen.

De deskundige heeft op 10 december 2025 gerapporteerd en geconstateerd dat de verzekeringsarts b&b in de fictieve FML van 25 september 2023 geen beperkingen voor de psychische klachten, de verzakkingsklachten met urineverlies en slijtage van de heupen heeft opgenomen, omdat hij daarvoor nog behandeling en verbetering mogelijk achtte. De deskundige heeft ten aanzien van de psychische klachten van eiseres gesteld dat die kunnen worden geduid als een aanpassingsstoornis (acceptatie- en verwerkingsproblematiek) met depressieve stemmingsklachten en een angstcomponent. Eiseres is behandeld met psychotherapie, heeft rouwzorg gehad en is behandeld met antidepressiva. Zij heeft echter geen behandeling gehad die gericht is op angst/traumaklachten, zoals bijvoorbeeld EMDR of exposure. Er zijn daarnaast volgens de deskundige nog diverse medicamenteuze opties die kunnen worden ingezet om de angstklachten te verminderen. Een andere onbenutte behandelmogelijkheid is het volgen van een multidisciplinaire of specialistische behandeling gericht op de gecompliceerde (langdurige, intense, belemmerende) rouw. Er zijn vanuit medisch oogpunt geen contra-indicaties om genoemde onbenutte behandelingen te volgen. Volgens de deskundige zou van deze behandelingen binnen een jaar verbetering van de belastbaarheid mogen worden verwacht en zijn diverse beperkingen in persoonlijk en sociaal functioneren terecht niet opgenomen in de fictieve FML. Met betrekking tot de verzakking stelt de deskundige dat ook daarvoor, ook in het specifieke geval van eiseres, (operatieve) behandeling mogelijk is. Dat vereist wel een multidisciplinaire afweging met aandacht voor ziekteactiviteit, medicijngebruik, operatiebenadering en infectiepreventie. Van deze behandeling verwacht de deskundige – ondanks dat eiseres vanwege de blijvende aanwezige colitis ulcerosa op een aanzienlijk deel van de dynamische en statische houdingen beperkt zal blijven – binnen een jaar enige verbetering op buigen, torderen en staan zodat de beperkingen van deze problematiek terecht niet zijn opgenomen in de fictieve FML. Ten aanzien van de slijtage van de heup stelt de deskundige dat in het beoordelingskader ‘Beoordeling van de duurzaamheid van arbeidsbeperkingen’ is opgenomen dat de verzekeringsarts tot het oordeel dient te komen dat er geen sprake is van duurzame arbeidsbeperkingen als er sprake is van gewrichtsaandoeningen waarbij betrokkene in aanmerking kan komen voor een gewrichtsprothese. Dat is bij eiseres het geval. Bij de gewrichtsvervangende operatie moeten wel multidisciplinaire afwegingen worden gemaakt. Na de ingreep mag verbetering op heupbelastende dynamische handelingen en statische houdingen worden verwacht. Gelet op de overlap met de beperkingen als gevolg van de afwijking van de tussenwervelschijven en de colitis ulcerosa verwacht de deskundige een relatief geringe verbetering met een lichte verbetering op staan. De deskundige is het daarmee eens dat de verzekeringsarts b&b in de fictieve FML geen beperkingen heeft opgenomen in verband met de psychische problematiek, verzakking met incontinentie en heupslijtage. De deskundige merkt ten slotte op dat eiseres bij haar onderzoek meer visusklachten aangaf, maar dat zij van de belastbaarheid op visueel gebied geen betrouwbare inschatting kan maken door het ontbreken van objectieve gegevens daarover. De deskundige geeft de rechtbank in overweging oogheelkundige expertise te laten verrichten.

Eiseres heeft op de rapportage van de deskundige gereageerd en onder meer gesteld dat zij geen EMDR of exposure heeft gevolgd, omdat de POH-GGZ heeft aangegeven dat dat te zwaar is. Verder vertrouwt zij op het advies van haar gynaecoloog dat een operatie voor de verzakking te veel risico’s met zich meebrengt. Volgens eiseres is het niet juist dat er te weinig informatie over haar visus beschikbaar is. Zij verwijst daarvoor naar haar optometrist. Overigens is eiseres bereid om mee te werken aan een onderzoek naar haar visusproblematiek. Tot slot meldt eiseres dat zij onder meer door deze procedure veel stress, angst en onzekerheid ervaart en daardoor ernstige slaapproblemen heeft, emotioneel is en angst- en paniekaanvallen heeft.

De verzekeringsarts b&b Vegt-de Jong heeft ook gereageerd op de rapportage van de deskundige en stelt vast dat de deskundige het eens is met de fictieve FML. Over de visusklachten stelt de verzekeringsarts b&b dat de datum in geding 13 april 2023 is en de deskundige eiseres 2,5 jaar later pas heeft gezien. Volgens de verzekeringsarts b&b is er geen aanleiding om te veronderstellen dat op datum in geding de oogproblematiek van eiseres zodanig verstorend was dat zij daardoor meer beperkingen had. Eiseres heeft bij de primaire arts maar min of meer terloops aangegeven dat zij een slechte visus heeft en slecht verkeersborden in de verte kan zien. Op basis van deze anamnese zijn enkele beperkingen toegekend. Eiseres heeft niet aangegeven dat zij vanwege een slechte visus de administratie van haar werkzaamheden niet kon doen. Ze geeft ook niet aan dat zij hulpmiddelen daarvoor gebruikt. Evenmin wordt in de huisartsenbrief van 16 november 2022 vermeld dat eiseres de huisarts heeft bezocht met visusklachten. Er is volgens de verzekeringsarts b&b dan ook geen aanleiding om te stellen dat eiseres op datum in geding zodanig moeite had met lezen dat zij haar werk niet kon doen en er meer beperkingen gesteld hadden moeten worden. Wel lijken deze problemen in ieder geval vanaf één jaar na datum in geding zodanig verergerd dat eiseres daarvan hinder begon te ondervinden. De deskundige geeft ook aan dat eiseres geleidelijk meer moeite kreeg met dichtbij zien en inmiddels een vergrootglas gebruikt bij het lezen en een groot televisiescherm heeft. De verzekeringsarts b&b overweegt dat niet verklaard kan worden dat zij voor het vergrootglas niet ook een bril kan gebruiken. Eiseres heeft vermeld dat zij anderhalf jaar geleden naar een oogarts is geweest. Dat is ruim een jaar na datum in geding. Blijkbaar werden de klachten toen dusdanig dat eiseres er iets aan wilde laten doen. Tot slot is volgens de verzekeringsarts b&b opmerkelijk dat de huisarts in zijn reactie van 23 oktober 2025 aangeeft dat in het huisartsendossier geen informatie over visusproblematiek bekend was, noch een verwijsbrief noch een brief met bevindingen van de oogarts.

Als uitgangspunt geldt dat de bestuursrechter het oordeel van een onafhankelijke, door hem ingeschakelde deskundige volgt als de motivering van deze deskundige hem overtuigend voorkomt. Naar het oordeel van de rechtbank doet deze situatie zich hier voor. Het uitgebrachte rapport geeft blijk van een zorgvuldig onderzoek en is inzichtelijk en consistent. En de rechtbank vindt de motivering van de deskundige over het niet opnemen van beperkingen in de fictieve FML in verband met de psychische problematiek, verzakking met incontinentie en heupslijtage, overtuigend. De door eiseres tegen dit rapport aangevoerde bezwaren vormen geen aanleiding om deze motivering van de deskundige niet te volgen.

De rechtbank ziet echter geen aanleiding om het advies van de deskundige te volgen om nader onderzoek te laten doen naar de visus van eiseres. De rechtbank vindt de motivering van de verzekeringsarts b&b hierover afdoende. Het is de rechtbank op basis van het dossier evenmin gebleken dat de visusklachten van eiseres op datum in geding zodanig ernstig waren dat dat tot het stellen van meer (duurzame) beperkingen had moeten leiden. Zij betrekt hierbij dat uit het huisartsenjournaal niet blijkt dat eiseres zich op of rond datum in geding 13 april 2023 bij de huisarts heeft gemeld met visusklachten noch dat zij daarvoor onder behandeling was bij de oogarts.

De beroepsgronden van eiseres geven de rechtbank voorts geen aanleiding om te twijfelen aan de medische geschiktheid van de door de arbeidsdeskundige b&b op basis van de fictieve FML geselecteerde functies. Het standpunt van eiseres dat zij niet in staat is die functies te verrichten, vloeit voort uit de opvatting dat haar medische beperkingen zijn onderschat. Zoals de rechtbank heeft geconcludeerd is die opvatting niet juist.

Conclusie en gevolgen

7. De rechtbank komt tot de slotsom dat het besluit van het UWV, waarbij is geweigerd aan eiseres met ingang van 13 april 2023 een IVA-uitkering toe te kennen, standhoudt. Dat betekent dat het beroep ongegrond is.

Als gevolg hiervan heeft eiseres geen recht op vergoeding van het griffierecht of de proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.H. van der Linden, rechter, in aanwezigheid van

mr. H.D. Sebel, griffier, op 10 september 2026 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.

Bijlage: Juridisch kader

In artikel 4, eerste lid, van de Wet WIA is bepaald dat volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is degene die als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolg van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling duurzaam slechts in staat is om met arbeid ten hoogste 20% te verdienen van het maatmaninkomen per uur.

In het tweede lid is bepaald dat in het eerste lid onder duurzaam wordt verstaan een medisch stabiele of verslechterende situatie.

In het derde lid is bepaald dat onder duurzaam mede wordt verstaan een medische situatie waarbij op lange termijn een geringe kans op herstel bestaat.

Volgens artikel 5 van de Wet WIA is gedeeltelijk arbeidsgeschikt degene die als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolg van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling slechts in staat is met arbeid ten hoogste 65% te verdienen van het maatmaninkomen per uur, maar die niet volledig en duurzaam arbeidsongeschikt is. Dit betekent dat pas recht op uitkering bestaat bij een mate van arbeidsongeschiktheid van 35% of meer.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand