[verzoeker], uit [plaats], verzoeker
(gemachtigde: mr. S.G.H. Langeweg),
en
de burgemeester van de gemeente Kapelle, de burgemeester
(gemachtigde: [gemachtigde]).
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de voorzieningenrechter het verzoek van verzoeker om een veroordeling van de burgemeester in de proceskosten. Verzoeker heeft dit verzoek gedaan bij de intrekking van zijn verzoek om voorlopige voorziening tegen het besluit van de burgemeester van 3 september 2026.
Bij besluit van 3 september 2026 heeft de burgemeester aan verzoeker een gebiedsverbod van twaalf weken opgelegd voor een nader omschreven gebied rondom zijn woning. Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van 3 september 2026.
Verzoeker heeft het verzoek om voorlopige voorziening ingetrokken omdat de burgemeester op 10 september 2026 het opgelegde gebiedsverbod heeft gewijzigd totdat een beslissing op het bezwaar is genomen. De wijziging houdt in dat verzoeker zich gedurende de duur van het gebiedsverbod niet mag ophouden of begeven in een straal van 250 meter rondom zijn woning tussen 9.00 uur in de ochtend en 18.00 uur in de avond. Hij moet de woning verlaten of terugkeren in de woning via de kortste route.
De voorzieningenrechter heeft de burgemeester in de gelegenheid gesteld te reageren op het verzoek om veroordeling in de proceskosten. De burgemeester heeft de rechtbank meegedeeld dat hij vindt dat het verzoek om proceskostenveroordeling moet worden afgewezen.
De voorzieningenrechter doet zonder zitting uitspraak op het verzoek om proceskostenveroordeling.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
2. De voorzieningenrechter wijst het verzoek toe. Hij legt hierna uit hoe hij tot dit oordeel is gekomen.
Wanneer wordt een bestuursorgaan in de proceskosten veroordeeld?
3. Als een verzoek om voorlopige voorziening wordt ingetrokken omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het verzoekschrift is tegemoet gekomen, kan de voorzieningenrechter op verzoek van de indiener dat bestuursorgaan bij afzonderlijke uitspraak veroordelen in de proceskosten.
In een voorlopige-voorzieningenprocedure is het antwoord op de vraag of geheel of gedeeltelijk is tegemoetgekomen in de zin van artikel 8:75a, eerste lid, van de Awb afhankelijk van het specifieke doel van die procedure, namelijk het voorkomen van onevenredig nadeel hangende een bezwaar- of beroepsprocedure. Dit betekent dat geheel of gedeeltelijk wordt tegemoetgekomen als bedoeld in dit artikel, indien het bestuursorgaan de tenuitvoerlegging van het besluit voorlopig opschort, dan wel een maatregel neemt waartoe het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening strekt.
Is de burgemeester aan het verzoek tegemoetgekomen?
4. De burgemeester is aan verzoeker tegemoetgekomen. Het uitgangspunt is dat het enkele feit dat het bestuursorgaan aan verzoeker tegemoetkomt reden is om het verzoek om proceskostenveroordeling toe te wijzen. Verzoeker heeft een reden gehad om het verzoek om voorlopige voorziening in te dienen. Op dit uitgangspunt kan slechts een uitzondering worden gemaakt vanwege bijzondere omstandigheden.
De voorzieningenrechter is van oordeel dat de burgemeester door de wijziging van het gebiedsverbod aan verzoeker is tegemoetgekomen. Uit het besluit van 3 september 2026 blijkt dat de burgemeester een spoedeisend gebiedsverbod heeft opgelegd om te voorkomen dat verzoeker – bij vrijlating uit de penitentiaire inrichting op 4 september 2026 – naar zijn voormalig woonomgeving zou kunnen terugkeren.
Verzoeker had om terugkeer naar zijn voormalige woonomgeving te bewerkstelligen geen andere keuze dan via een voorlopige voorziening te vragen (gedeeltelijke) schorsing van het gebiedsverbod.
Verzoeker heeft de rechtbank heeft geïnformeerd over een vonnis van de kantonrechter, waarin bij wege van een voorlopige voorziening in verzoekers geschil met de verhuurder van zijn woning is bepaald dat verzoeker wel toegang houdt tot zijn woning onder de beperkingen die de burgemeester thans heeft overgenomen. De burgemeester heeft, desgevraagd door de griffier, aanleiding gezien om zijn gebiedsverbod gelijkluidend te laten zijn en is daarmee tegemoet gekomen aan het verzoek. Er is geen sprake van een bijzondere omstandigheid als hiervoor bedoeld. Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om de burgemeester in de proceskosten te veroordelen toe.
Welke kosten dient de burgemeester te vergoeden?
5. De proceskosten worden als volgt berekend. Verzoeker heeft zich laten bijstaan door zijn gemachtigde. Deze gemachtigde heeft een proceshandeling verricht: het indienen van een verzoekschrift. Deze proceshandeling levert één punt op met een waarde van € 934,-. Dat betekent dat de totale proceskosten die de burgemeester moet vergoeden € 934,- bedragen.
Conclusie en gevolgen
6. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een proceskostenveroordeling toe. Omdat de burgemeester heeft besloten het gebiedsverbod gewijzigd op te leggen totdat op een beslissing op bezwaar is genomen, betaalt de griffier het griffierecht aan verzoeker terug.
Beslissing
De voorzieningenrechter veroordeelt de burgemeester tot betaling van € 934,- aan verzoeker.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.P. Broeders, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van drs. A. Lemaire, griffier, op 18 september 2026 en wordt geanonimiseerd gepubliceerd op rechtspraak.nl.
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: