[belanghebbende] B.V., uit [woonplaats] , belanghebbende
(gemachtigde: [gemachtigde] ),
en
de heffingsambtenaar van de Samenwerking Belastingen Walcheren en Schouwen-Duiveland, de heffingsambtenaar.
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het verzoek van belanghebbende om een veroordeling van de heffingsambtenaar in de proceskosten. Belanghebbende heeft dit verzoek gedaan bij de intrekking van haar beroep tegen het besluit van de heffingsambtenaar van 1 december 2023. Hij heeft het beroep ingetrokken, omdat de heffingsambtenaar de naheffingsaanslag parkeerbelasting met aanslagnummer [aanslagnummer] heeft vernietigd.
Belanghebbende heeft verzocht om proceskosten van € 15,00 voor het uittreksel uit de Kamer van Koophandel en postzegels.
De rechtbank heeft de heffingsambtenaar in de gelegenheid gesteld te reageren op het verzoek om veroordeling in de proceskosten. De heffingsambtenaar heeft de rechtbank meegedeeld dat er een bedrag van € 60,00 aan proceskostenvergoeding aan belanghebbende is overgemaakt, bestaande uit € 51,00 aan griffierecht en € 9,00 voor het uittreksel uit de Kamer van Koophandel. De kosten van € 6,00 voor de postzegel heeft de heffingsambtenaar niet uitbetaald, omdat deze kosten niet onder de proceskosten vallen.
De rechtbank doet zonder zitting uitspraak op het verzoek om proceskostenveroordeling.
Beoordeling door de rechtbank
Krijgt belanghebbende een vergoeding van haar proceskosten?
2. De rechtbank wijst het verzoek om proceskostenveroordeling gedeeltelijk toe. Zij legt hierna uit hoe zij tot dit oordeel komt.
De rechtbank overweegt dat een proceskostenveroordeling alleen mogelijk is voor kosten zoals bedoeld in artikel 1 van het Besluit proceskosten bestuursrecht. Portokosten vallen hier niet onder, terwijl de kosten van het uittreksel uit het Kamer van Koophandel hier wel onder valt. De rechtbank wijst het verzoek daarom alleen toe wat betreft de € 9,00 aan het uittreksel uit het Kamer van Koophandel. Voor de overige kosten wijst de rechtbank het verzoek af. De heffingsambtenaar heeft dus terecht alleen het bedrag van € 9,00 vergoed.
Krijgt belanghebbende een vergoeding van het griffierecht?
3. De rechtbank wijst erop dat de heffingsambtenaar verplicht is het door belanghebbende betaalde griffierecht van € 51,- te vergoeden. Omdat het griffierecht niet valt onder proceskosten, heeft de rechtbank niet de bevoegdheid om deze kosten me te nemen in de uitspraak. Belanghebbende moet zich hiervoor dan ook tot de heffingsambtenaar wenden in het geval de heffingsambtenaar dit nog niet heeft betaald.
Beslissing
De rechtbank veroordeelt de heffingsambtenaar in de proceskosten van belanghebbende tot een bedrag van € 9,00,-.
Deze uitspraak is gedaan door mr. drs. S.J. Willems-Ruesink, rechter, in aanwezigheid van mr. W. Dekkers, griffier op 12 januari 2026 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De griffier, De rechter,
De uitspraak is aan partijen bekendgemaakt op de datum vermeld in de brief waarmee deze uitspraak aan partijen ter beschikking is gesteld.
Informatie over verzet
Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.