Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
Strafrecht
Zittingsplaats: Breda
Parketnummer: 02.258421.21
Beslissing van de meervoudige kamer d.d. 5 oktober 2026 met betrekking tot de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de terbeschikkingstelling van::
[betrokkene] ,
geboren te [geboorteplaats] , Turkije, op [geboortedag] 1985,
verblijvende in Forensisch Psychiatrisch Centrum (FPC) [kliniek] ,
[adres] ,
hierna: betrokkene,
raadsman mr. Z. Yeral, advocaat te Roosendaal.
1. Inleiding
Bij vonnis van deze rechtbank van 5 juli 2022 is de terbeschikkingstelling (hierna: tbs) van betrokkene gelast en is zijn verpleging van overheidswege (hierna: dwangverpleging) bevolen. De tbs is gelast ter zake van een poging doodslag (artikel 45 en 287 van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr)). De rechtbank constateert dat het hier gaat om een misdrijf als bedoeld in artikel 38e, eerste lid, Sr.
De tbs is aangevangen op 25 september 2022.
Bij beslissing van deze rechtbank van 4 oktober 2024 is de tbs laatstelijk verlengd voor een termijn van twee jaren.
2. Procesverloop
De rechtbank heeft op 4 augustus 2026 van het openbaar ministerie een vordering ontvangen tot verlenging van de tbs voor de duur van twee (2) jaar.. De vereiste stukken zijn bijgevoegd dan wel toegezonden.
De vordering is op de openbare terechtzitting van 21 september 2026 behandeld. De officier van justitie, mr. K. Simpelaar, is gehoord. Tevens is betrokkene gehoord, bijgestaan door zijn raadsman. Voorts is als deskundige gehoord mevrouw [deskundige] , verpleegkundig specialist..
3. Adviezen
Advies instelling
De tbs-instelling heeft in het rapport van 17 juli 2026 geadviseerd de tbs te verlengen met twee (2) jaren. De tbs-instelling heeft daartoe aangevoerd dat er bij betrokkene sprake is van schizofrenie, een lichte verstandelijke beperking, een stoornis in cannabisgebruik, een stoornis in alcoholgebruik en een stoornis in het gebruik van cocaïne. Vanaf juni 2025 heeft hij een adequate Clozapinespiegel en functioneert hij psychiatrisch stabiel. Hij verblijft op de afdeling [afdeling], een afdeling voor patiënten met een lichte verstandelijke beperking in combinatie met een andere psychiatrische stoornis en vaak een verslavingsachtergrond. Het afdelingsmilieu is passend bij zijn (behandel)behoeften en hij gedijt goed op de afdeling. Hij is aanwezig bij verplichte groepsmomenten en hij volgt trouw zijn rooster met arbeidsblokken en therapieën. Inmiddels is de kliniek gemachtigd hem begeleid verlof te verlenen. Het is belangrijk dat hij zijn Clozapine blijft gebruiken, dat hij abstinent blijft van alcohol en drugs, dat hij de ondersteuning en begeleiding krijgt die hij nodig heeft en dat er toezicht blijft op signalen van ontregeling. Het uitstroomdoel is nog niet geconcretiseerd. De kliniek denkt aan een uitstroomkoers via een Forensisch Psychiatrische Afdeling (FPA) naar een begeleide/beschermde woonvorm. De te nemen verlofstappen zullen naar verwachting meer inzicht geven in de mogelijkheden voor uitstroom. De stoornissen van de heer [betrokkene] houden verband met zijn indexdelict en zijn nog altijd actueel. Er is beperkt sprake van probleeminzicht en hij beschikt beperkt over enkele agressieregulatie- en copingvaardigheden. Hierdoor is het risico op delictgedrag nog aanwezig. Daarbij ontstaat bij verval van zorg en toezicht een hoog recidiverisico ten aanzien van gewelddadig gedrag door het wegvallen van externe beschermende factoren. Een sterk ingericht extern risicomanagement is derhalve noodzakelijk om recidive te voorkomen. De huidige behandeling richt zich onder meer op het vergroten van het probleeminzicht, het verbeteren van de copingvaardigheden, het behouden van een passende dagstructuur en het medicatietrouw blijven. De verwachting is dat het voorgestelde traject meer dan twee jaar in beslag neemt.
De deskundige heeft ter zitting aangegeven dat betrokkene inmiddels begeleid verlof heeft genoten en dat hij dat goed doet. De stappen die betrokkene moet zetten, zullen nog zeker meer dan een jaar duren. Daarom staat de deskundige nog achter het advies de tbs met twee (2) jaren te verlengen.
Adviezen (externe) gedragsdeskundigen
Advies psychiater
Uit het rapport van [psychiater] van 14 juni 2026 blijkt dat er sprake is van schizofrenie, een stoornis in het gebruik van cannabis, alcohol en cocaïne die alle in remissie zijn in gereguleerde omstandigheden en een licht verstandelijke beperking. Tevens is betrokkene bekend met een lange voorgeschiedenis met recidiverend antisociaal gedrag. De risico inschatting wordt in de huidige omstandigheden als laag-matig ingeschat. Als de tbs-maatregel wordt beëindigd zal het recidiverisico oplopen naar hoog. De psychiater adviseert, gelet op de lange weg die betrokkenen nog moet gaan in zijn behandeltraject, de tbs met twee jaren te verlengen. Het valt niet in te zien dat binnen een jaar het bevel tot verpleging voorwaardelijk beëindigd kan worden omdat hij nog geen verlof heeft kunnen opbouwen, er nog geen start is gemaakt met resocialisatie en de uitstroomdoelmogelijkheden nog verkend moeten worden.
Advies psycholoog
Uit het rapport van [psycholoog] van 25 juni 2026 blijkt dat er bij betrokkene sprake is van schizofrenie, een licht verstandelijke beperking en een stoornis in het gebruik van cannabis en alcohol. Ook de psycholoog is van mening dat bij een hypothetische beëindiging van de tbs-maatregel de kans op recidive (geweld zoals het indexdelict) oploopt tot hoog. Ook is de psycholoog van mening dat het niet de verwachting is dat de maatregel binnen een jaar beëindigd kan worden. De psycholoog adviseert de tbs met twee jaren te verlengen.
4. Standpunt van partijen
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie is ter zitting bij de vordering de tbs met twee jaren te verlengen gebleven.
Het standpunt van de verdediging
Namens betrokkene is betoogd dat betrokkene weg wil uit de tbs kliniek. Om die reden vraagt de verdediging primair om de vordering af te wijzen. Subsidiair is bepleit de tbs met één jaar te verlengen.
5. Beoordeling
De tbs kan slechts worden verlengd indien de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen de verlenging van de tbs eist. Het recidivegevaar moet nog aanwezig zijn en dient voort te vloeien uit een ziekelijke stoornis en/of een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens. Gelet op de adviezen van de tbs-instelling en de externe gedragsdeskundigen wordt nog steeds voldaan aan dit wettelijke criterium.
De rechtbank gaat bij haar beoordeling uit van de door de kliniek gestelde stoornissen, namelijk schizofrenie, een licht verstandelijke beperking, een stoornis in cannabisgebruik, een stoornis in alcoholgebruik en een stoornis in het gebruik van cocaïne. Er is een discrepantie tussen de kliniek en de deskundigen over de stoornis in het gebruik cocaïne, maar dit maakt voor de beoordeling van het recidiverisico en de verlenging van de tbs-maatregel niet uit.
Met de instelling en de gedragsdeskundigen is de rechtbank van oordeel dat sprake is van een hoog recidiverisico bij verval van de huidige maatregel. Er is beperkt sprake van probleeminzicht en betrokkene beschikt beperkt over enkele agressieregulatie- en copingvaardigheden. Hierdoor is het risico op gewelddadig gedrag nog aanwezig.
De rechtbank acht de positieve ontwikkeling van betrokkene bewonderenswaardig. Hij heeft zijn dubbel begeleid verlof gehad, werkt goed mee met zijn behandeling en begeleiding en slikt trouw zijn medicatie. Deze ontwikkeling is een compliment waard. Uitgangspunt is echter, dat wanneer aannemelijk is dat de behandeling van betrokkene meer tijd in beslag zal nemen dan de tijd die resteert bij een verlenging met een termijn van één jaar, de tbs - behoudens bijzondere omstandigheden - dient te worden verlengd met een termijn van twee (2) jaren. De rechtbank stelt op basis van de rapporten van de kliniek en van de psycholoog en psychiater vast dat er nog stappen gezet moeten worden in zijn traject. Dit zal meer dan een (1) jaar gaan duren. De rechtbank ziet derhalve geen reden om tot afwijzing van de vordering over te gaan zoals door de verdediging namens betrokkene is verzocht.De rechtbank overweegt dat een verlenging van de tbs met een termijn van één jaar bij dezestand van zaken eveneens niet passend is.
Gelet op hetgeen hierboven is overwogen, is de rechtbank van oordeel dat de tbs met verpleging van overheidswege van betrokkene wordt verlengd met twee (2) jaren.
6. Beslissing
De rechtbank:
verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling met 2 (twee) jaren;
Deze beslissing is genomen door mr. C.H.W.M. Sterk, voorzitter,
en mr. J.F.C. Janssen en mr. K.H.P. Bovend’Eerdt, rechters,
in tegenwoordigheid van G.T.A. Knoop, griffier en is uitgesproken ter openbare zitting op
5 oktober 2026.
Mr. Jansen en mr. Bovend’Eerdt zijn niet in de gelegenheid deze beslissing mede te ondertekenen.