ECLI:NL:RVS:2001:AS1927

ECLI:NL:RVS:2001:AS1927, Raad van State, 15-08-2001, 199903280/1

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 15-08-2001
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 199903280/1
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 4 zaken

Aangehaald door

Samenvatting

Op 16 december 1996 heeft de gemeenteraad van Oostzaan het bestemmingsplan "Roemersloot" vastgesteld. Gedeputeerde staten van Noord-Holland hebben dit bestemmingsplan grotendeels goedgekeurd. De Afdeling heeft dit goedkeuringsbesluit bij uitspraak van 29 januari 1999, no. E01.97.0579, vernietigd. Het voorliggende plan voorziet in een herziening van de begrenzing van het plangebied van het bestemmingsplan "Roemersloot" en bevat daarnaast een aantal aanpassingen van de voorschriften. Deze hebben met name betrekking op de gebruiksmogelijkheden van de ruimten, die bij enkele woningen op de derde woonlaag gerealiseerd zouden kunnen worden.

Uitspraak

199903280/1.

Datum uitspraak: 15 augustus 2001

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid "Meyn B.V.", "Meyn Beheer B.V." en "Meyn Food Processing Technology B.V.", alle gevestigd te Oostzaan,

appellanten,

en

gedeputeerde staten van Noord-Holland,

verweerders.

1. Procesverloop

Bij besluit van 3 mei 1999 heeft de gemeenteraad van Oostzaan vastgesteld het bestemmingsplan "Roemersloot - Partiële Herziening". Het besluit van de gemeenteraad is aan deze uitspraak gehecht.

Verweerders hebben bij hun besluit van 28 september 1999, nr. 99-593, beslist over de goedkeuring van het bestemmingsplan. Het besluit van verweerders is aangehecht.

Tegen dit besluit hebben appellanten bij brief van 16 november 1999, bij de Raad van State ingekomen op 17 november 1999, beroep ingesteld. Deze brief is aangehecht.

Bij brief van 28 november 2000 hebben verweerders een verweerschrift ingediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 5 juli 2001, waar appellanten, vertegenwoordigd door mr. E. Beele, advocaat te ‘s-Hertogenbosch, en [persoon], en verweerders, vertegenwoordigd door mr. F. Arents, ambtenaar van de provincie, zijn verschenen. Voorts zijn namens de gemeenteraad mr. M.E.J. de Bruijn, advocaat te Amsterdam, en F.B. Dull, ambtenaar van de gemeente, daar gehoord.

2. Overwegingen

2.1. Op 3 april 2000 zijn in werking getreden de Wet tot wijziging van de Wet op de Ruimtelijke Ordening van 1 juli 1999 (Stb. 302) en het Besluit tot wijziging van het Besluit op de ruimtelijke ordening 1985 van 15 oktober 1999 (Stb. 447).

Uit artikel VI, tweede lid, van genoemde wet volgt dat dit geschil, nu het ontwerp van het plan ter inzage is gelegd vóór 3 april 2000, moet worden beoordeeld aan de hand van het vóór die datum geldende recht.

2.2. Op 16 december 1996 heeft de gemeenteraad van Oostzaan het bestemmingsplan "Roemersloot" vastgesteld. Gedeputeerde staten van Noord-Holland hebben dit bestemmingsplan grotendeels goedgekeurd. De Afdeling heeft dit goedkeuringsbesluit bij uitspraak van 29 januari 1999, no. E01.97.0579, vernietigd.

Het voorliggende plan voorziet in een herziening van de begrenzing van het plangebied van het bestemmingsplan "Roemersloot" en bevat daarnaast een aantal aanpassingen van de voorschriften. Deze hebben met name betrekking op de gebruiksmogelijkheden van de ruimten, die bij enkele woningen op de derde woonlaag gerealiseerd zouden kunnen worden.

Bij het bestreden besluit hebben verweerders het plan goedgekeurd.

2.3. Aan de orde is een geschil inzake een besluit omtrent de goedkeuring van een bestemmingsplan. Ingevolge artikel 28, tweede lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening in samenhang met artikel 10:27 van de Algemene wet bestuursrecht rust op verweerders de taak om - in voorkomend geval mede op basis van de ingebrachte bedenkingen - te bezien of de gemeenteraad de bij het plan aangewezen bestemmingen en gegeven voorschriften uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening in redelijkheid nodig heeft kunnen achten. Daarnaast hebben zij er op toe te zien dat het plan en de totstandkoming daarvan niet in strijd zijn met het recht.

De Afdeling kan slechts tot vernietiging van het besluit omtrent goedkeuring van het plan overgaan, indien moet worden geoordeeld dat verweerders de aan hen toekomende beoordelingsmarges hebben overschreden, dan wel dat zij het recht anderszins onjuist hebben toegepast.

2.4. Appellanten zijn van mening dat het plan het plaatsen van een geluidsscherm van 6,8 m hoogte, voorzover al realiseerbaar, direct mogelijk moet maken, derhalve zonder toepassing van een vrijstellingsbevoegdheid.

Appellanten achten de bouw van woningen op minder dan 30 m afstand van de inrichting niet aanvaardbaar. De regeling dat bovengelegen ruimten in de woningen met een te grote geluidsbelasting niet als verblijfsruimten mogen worden gebruikt, is ontoereikend.

2.5. Aan de onderhavige partiële herziening heeft een in opdracht van het gemeentebestuur opgesteld rapport van Sight adviesbureau voor milieu en landschap (hierna te noemen: Sight), gedateerd 22 april 1999 en aangevuld op 3 mei 1999, over de akoestische en andere milieuhygiënische aspecten van de machinefabriek van appellanten, die op de woningen in het plangebied van invloed kunnen zijn, ten grondslag gelegen.

In verband met dit rapport is de volgende regeling in het plan opgenomen.

In de artikelen 3, 4, 5 en 7 van de planvoorschriften wordt het plaatsen van een geluidsscherm met een hoogte van maximaal 6,8 m mogelijk gemaakt. Door middel van een vrijstellingsbevoegdheid is een geluidsscherm van 8,5 m mogelijk.

Artikel 3, derde lid, aanhef en onder B, van de voorschriften bij het bestemmingsplan "Roemersloot" is met de planherziening in die zin gewijzigd dat niet gestapelde hoofdgebouwen binnen de bestemming "Woondoeleinden" uitsluitend op de gronden met de aanduiding "-W-" of "-W(gv)-" mogen worden gebouwd met dien verstande dat, voorzover van toepassing, op de grond met de aanduiding "-W(gv)-" uitsluitend tot een hoogte van zes meter ten opzichte van de gemiddelde hoogte van het aan het bouwwerk aansluitende afgewerkte terrein verblijfsruimten mogen worden gerealiseerd. Ingevolge artikel 3, zevende lid, van de planvoorschriften zijn burgemeester en wethouders bevoegd vrijstelling te verlenen van het vorenstaande voor het realiseren van verblijfsruimten boven een hoogte van zes meter ten opzichte van de gemiddelde hoogte van het aan het gebouw aansluitende terrein, mits in voldoende mate is aangetoond dat een verblijfsruimte uit akoestisch oogpunt aanvaardbaar is.

2.6. Wat betreft het beroep inzake de hoogte van het geluidsscherm stelt de Afdeling vast dat met het plan het plaatsen van een geluidsscherm met een hoogte van maximaal 6,8 m mogelijk wordt gemaakt. Een vrijstellingsmogelijkheid is opgenomen voor het verhogen van het geluidsscherm tot een hoogte van 8,5 m. Dit overziende mist het beroep in zoverre feitelijke grondslag. Overigens is de Afdeling niet gebleken dat een scherm met deze hoogte niet uitvoerbaar zou zijn.

1. De Afdeling stelt gelet op het verhandelde ter zitting vast dat de bestemming "-W(gv)-" in het bestemmingsplan is opgenomen om te garanderen dat appellanten niet in hun bedrijfsvoering zullen worden belemmerd door klachten van bewoners van woningen waarop deze aanduiding betrekking heeft. Het bestemmingsplan staat er immers aan in de weg dat die bewoners verblijfsruimten inrichten op een hoogte hoger dan zes meter. Daarmee zou ook bij die woningen een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kunnen worden gegarandeerd.

Voorzover tegen het inrichten en het gebruik van verblijfsruimten op de derde woonlaag van de woningen met de bestemming "-W(gv)-" met een beroep op het bestemmingsplan kan worden opgetreden, is de Afdeling ter zitting gebleken dat van gemeentewege in beginsel niet handhavend zal worden opgetreden.

De Afdeling acht het onjuist een bestemmingsregeling vast te stellen waarvan de handhaafbaarheid en het handhaven bij voorbaat reeds ernstig moeten worden betwijfeld.

2.7. Gezien het vorenstaande hebben verweerders zich niet in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat het plan niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Hieruit volgt dat verweerders, door het plan goed te keuren, hebben gehandeld in strijd met artikel 28, tweede lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening in samenhang met artikel 10:27 van de Algemene wet bestuursrecht. Het beroep is gegrond, zodat het bestreden besluit dient te worden vernietigd.

Nu rechtens maar één te nemen besluit mogelijk is, ziet de Afdeling aanleiding zelf in de zaak te voorzien door goedkeuring aan het bestemmingsplan te onthouden.

2.8. Verweerders dienen op de navolgende wijze in de proceskosten te worden veroordeeld.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

I. verklaart het beroep gegrond;

II. vernietigt het besluit van gedeputeerde staten van Noord-Holland van 28 september 1999, nr. 99-593, waarbij goedkeuring is verleend aan het door de raad van de gemeente Oostzaan op 3 mei 1999 vastgestelde bestemmingsplan "Roemersloot - Partiële Herziening";

III. onthoudt goedkeuring aan het onder II vermelde bestemmingsplan;

IV. bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit;

V. veroordeelt gedeputeerde staten van Noord-Holland in de door appellanten in verband met de behandeling van het beroep gemaakte proceskosten tot een bedrag van ƒ 1.420,00, welk bedrag geheel is toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand; het bedrag dient door de provincie Noord-Holland te worden betaald aan appellanten;

VI. gelast dat de provincie Noord-Holland aan appellanten het door hen voor de behandeling van het beroep betaalde griffierecht (ƒ 450,00) vergoedt.

Aldus vastgesteld door mr. R. Cleton, Voorzitter, en mr. J.J. Vis en mr. P.A. Offers, Leden, in tegenwoordigheid van mr. M.G.L. de Vette, ambtenaar van Staat.

w.g. Cleton

Voorzitter

w.g. De Vette

ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 15 augustus 2001

196-371.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?