ECLI:NL:RVS:2003:AO0934

ECLI:NL:RVS:2003:AO0934, Raad van State, 24-12-2003, 200302722/1

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 24-12-2003
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 200302722/1
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Hoger beroep
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 1 zaken
Aangehaald door 15 zaken
13 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Wettelijke verwijzingen

BWBR0002367 BWBR0003245 BWBR0005181 BWBR0005416 BWBR0005537 BWBR0007667 BWBR0009640 BWBR0013890 BWBR0032657 CELEX:32010R0995 CELEX:32012R0607 EU:32010R0995 EU:32012R0607

Samenvatting

Bij besluit van 14 januari 2002 heeft appellant [wederpartij] onder oplegging van een dwangsom gelast de stacaravan op het perceel [locatie] te [plaats] (hierna: het perceel) te verwijderen.

Uitspraak

200302722/1.

Datum uitspraak: 24 december 2003

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

het college van burgemeester en wethouders van Waalwijk,

appellant,

tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Breda van 24 maart 2003 in het geding tussen:

[wederpartij], wonend te [woonplaats]

en

appellant.

1. Procesverloop

Bij besluit van 14 januari 2002 heeft appellant [wederpartij] onder oplegging van een dwangsom gelast de stacaravan op het perceel [locatie] te [plaats] (hierna: het perceel) te verwijderen.

Bij besluit van 15 oktober 2002 heeft appellant het daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 24 maart 2003, verzonden op 25 maart 2003, heeft de voorzieningenrechter van de rechtbank Breda (hierna: de voorzieningenrechter) het daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, het besluit van 15 oktober 2002 vernietigd en het besluit van appellant van 14 januari 2002 herroepen. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft appellant bij brief van 9 april 2003, bij de Raad van State ingekomen op 29 april 2003, hoger beroep ingesteld. Deze brief is aangehecht.

Bij brief van 29 juli 2003 heeft [wederpartij] van antwoord gediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 4 november 2003, waar appellant, vertegenwoordigd door mr. H. van de Werken en mr. E. de Jong, beiden ambtenaar bij de gemeente, is verschenen. Tevens is daar gehoord [wederpartij], bijgestaan door mr. W.J.H. Wenselaar, werkzaam te Utrecht.

2. Overwegingen

2.1. Appellant komt met succes op tegen het oordeel van de voorzieningenrechter dat de handhaving van het primaire besluit onrechtmatig is geworden omdat de stacaravan voorafgaand aan de beslissing op bezwaar is verwijderd.

Vast staat dat appellant bij het primaire besluit terecht tot het opleggen van de last onder dwangsom is overgegaan. De omstandigheid dat voorafgaand aan de beslissing op bezwaar de illegale situatie was beëindigd, maakt het opleggen van de last onder dwangsom niet alsnog onrechtmatig. Aangezien de illegale situatie is beëindigd nadat het vastgestelde maximale bedrag aan dwangsommen was verbeurd, was er dan ook geen grond voor herroeping van de opgelegde last. Herroeping van het primaire besluit leidt er immers toe dat de grondslag komt te ontvallen aan deze dwangsommen. Daarmee zou het doel van de last onder dwangsom, die erop is gericht de overtreder ertoe te bewegen zelf een einde te maken aan de illegale situatie binnen een bepaalde termijn, teniet worden gedaan.

Anders dan de voorzieningenrechter heeft overwogen, kan, gelet op het voorgaande, handhaving van de last onder dwangsom na beëindiging van de illegale situatie nadat het maximale bedrag aan dwangsommen is verbeurd evenmin als een besluit met een punitief karakter worden aangemerkt.

2.2. Het hoger beroep is gegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden vernietigd. Doende hetgeen de rechtbank zou behoren te doen, zal de Afdeling het beroep tegen het besluit van appellant alsnog ongegrond verklaren.

2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

I. verklaart het hoger beroep gegrond;

II. vernietigt de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Breda van 24 maart 2003, 02/2337 GEMWT;

III. verklaart het bij de rechtbank ingestelde beroep ongegrond.

Aldus vastgesteld door mr. P. van Dijk, Voorzitter, en mr. F.P. Zwart en mr. B.J. van Ettekoven, Leden, in tegenwoordigheid van mr. L.E.M. Wilbers-Taselaar, ambtenaar van Staat.

w.g. Van Dijk w.g. Wilbers-Taselaar

Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 24 december 2003

71-455.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl AB 2004, 117 met annotatie van F.C.M.A. Michiels M en R 2004, 40K JB 2004/84 met annotatie van C.L.G.F.H. Albers
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?