ECLI:NL:RVS:2023:3595

ECLI:NL:RVS:2023:3595, Raad van State, 26-09-2023, 202207458/1/V1

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 26-09-2023
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 202207458/1/V1
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Hoger beroep
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 2 zaken
Aangehaald door 2 zaken
4 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537 BWBR0006358 CELEX:32003R0343 EU:32003R0343

Samenvatting

Op 29 augustus 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de termijn voor de overdracht van de vreemdeling aan Italië met achttien maanden verlengd.

Uitspraak

202207458/1/V1.

Datum uitspraak: 26 september 2023

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) op het hoger beroep van:

[de vreemdeling],

appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Arnhem, van 6 december 2022 in zaak nr. NL22.17826 in het geding tussen:

de vreemdeling

en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.

Procesverloop

Op 29 augustus 2022 heeft de staatssecretaris de termijn voor de overdracht van de vreemdeling aan Italië met achttien maanden verlengd.

Bij uitspraak van 6 december 2022 heeft de rechtbank zich onbevoegd verklaard van het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep kennis te nemen.

Tegen deze uitspraak heeft de vreemdeling, vertegenwoordigd door mr. M.J.A. Rinkes, advocaat te Arnhem, hoger beroep ingesteld.

Overwegingen

1. De in de enige grief opgeworpen rechtsvraag heeft de Afdeling beantwoord in de uitspraak van 14 december 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3630, onder 4 tot en met 4.4. Hieruit volgt dat de vreemdeling terecht aanvoert dat de verlenging van de termijn voor de overdracht van de vreemdeling aan Italië een besluit is in de zin van artikel 1:3, eerste lid, van de Awb. Dit betekent dat de rechtbank bevoegd is om van het beroep tegen de verlenging kennis te nemen.

De grief slaagt.

2. Het hoger beroep is gegrond. De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank en wijst de zaak naar de rechtbank terug om door haar te worden behandeld, waarbij zij het oordeel van de Afdeling in deze uitspraak in acht neemt (artikel 8:115, eerste lid, aanhef en onder a, van de Awb). De staatssecretaris moet de proceskosten vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I. verklaart het hoger beroep gegrond;

II. vernietigt de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Arnhem, van 6 december 2022 in zaak nr. NL22.17826;

III. wijst de zaak naar de rechtbank terug;

IV. veroordeelt de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid tot vergoeding van bij de vreemdeling in verband met de behandeling van het hoger beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 837,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.

Aldus vastgesteld door mr. J.C.A. de Poorter, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. A.K. de Keizer, griffier.

w.g. De Poorter

lid van de enkelvoudige kamer

w.g. De Keizer

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 26 september 2023

716-977

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. A.K. de Keizer

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?