ECLI:NL:RVS:2025:2418

ECLI:NL:RVS:2025:2418, Raad van State, 27-05-2025, 202501809/1/V3

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 27-05-2025
Datum publicatie 04-06-2025
Zaaknummer 202501809/1/V3
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Hoger beroep
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:RBDHA:2025:4900
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 7 zaken
Aangehaald door 3 zaken
20 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537 BWBR0011823 BWBR0011825 BWBR0041050 BWBR0046622 BWBR0050686 BWBR0050875 BWBR0050877 BWBR0050882 BWBR0050885 CELEX:32003R0343 CELEX:32004R0852 CELEX:32008L0115 CELEX:32013R0604 CELEX:32023R1185 EU:32003R0343 EU:32004R0852 EU:32008L0115 EU:32013R0604 EU:32023R1185

Samenvatting

Bij besluit van 3 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

Uitspraak

202501809/1/V3.

Datum uitspraak: 27 mei 2025

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van:

[appellant],

appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Middelburg, van 25 maart 2025 in zaak nr. NL25.10824 in het geding tussen:

appellant

en

de minister van Asiel en Migratie.

Procesverloop

Bij besluit van 3 maart 2025 heeft de minister appellant in bewaring gesteld.

Bij uitspraak van 25 maart 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. R.W. Koevoets, advocaat in Hoek, hoger beroep ingesteld.

Overwegingen

1. Het hoger beroep leidt niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. Dit oordeel hoeft niet verder te worden gemotiveerd. De reden daarvoor is dat het hogerberoepschrift geen vragen bevat die in het belang van de rechtseenheid, de rechtsontwikkeling of de rechtsbescherming in algemene zin beantwoord moeten worden (artikel 91, tweede lid, van de Vw 2000).

1.1. Het hoger beroep gaat namelijk over een rechtsvraag die eerder door de Afdeling is beantwoord (uitspraak van 20 september 2022, ECLI:NL:RVS:2022:2707, over het zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn naar Nigeria). Het hoger beroep biedt geen reden hierover in dit geval anders te oordelen.

2. De Afdeling ziet ook ambtshalve geen reden om de bewaring onrechtmatig te achten. Het hoger beroep is ongegrond. De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. N. Verheij, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. T.W.A. Weber, griffier.

w.g. Verheij

lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Weber

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 27 mei 2025

846-1149

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. T.W.A. Weber

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand