ECLI:NL:RVS:2025:5047

ECLI:NL:RVS:2025:5047, Raad van State, 24-10-2025, 202203584/4/A3

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 24-10-2025
Datum publicatie 29-10-2025
Zaaknummer 202203584/4/A3
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Hoger beroep
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537

Samenvatting

[appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Midden­-Nederland van 3 mei 2022 in zaak nr. 21/4035. Daarin is de weigering van een verklaring van geen bezwaar aan de orde. De Afdeling heeft bij tussenuitspraak van 21 mei 2025 de minister opgedragen het gebrek in het besluit op bezwaar te herstellen. De minister heeft de Afdeling wegens het bestaan van gewichtige redenen verzocht te bepalen dat alleen de Afdeling van het stuk kennis zal nemen. Voor een effectieve taakuitvoering van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst is het volgens de minister van belang dat de informatie niet wordt gedeeld. Het stuk bevat informatie van bronnen van de AIVD. Verstrekking van de informatie zou daarnaast de nationale veiligheid kunnen schaden omdat inzicht wordt gegeven in de werkwijze en het actuele kennisniveau van de AIVD.

Uitspraak

202203584/4/A3.

Datum beslissing: 23 oktober 2025

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Beslissing op grond van artikel 8:29, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) in het hoger beroep van:

[appellant], wonend in [woonplaats],

appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Midden-­Nederland van 3 mei 2022 in zaak nr. 21/4035 in het geding tussen:

[appellant]

en

de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Procesverloop

[appellant] heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Midden-­Nederland van 3 mei 2022 in zaak nr. 21/4035. Daarin is de weigering van een verklaring van geen bezwaar aan de orde.

De Afdeling heeft bij tussenuitspraak van 21 mei 2025 de minister opgedragen het gebrek in het besluit op bezwaar te herstellen.

Bij besluit van 6 augustus 2025 heeft de minister dat gedaan.

De minister heeft de vertrouwelijke versie van één gedingstuk en met verwijzing naar artikel 8:29 van de Awb medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van dit stuk.

Het betreft een versie van de aanvullende motivering van het besluit op bezwaar met bijlagen.

Overwegingen

1. De minister heeft de Afdeling wegens het bestaan van gewichtige redenen verzocht te bepalen dat alleen de Afdeling van het stuk kennis zal nemen. Voor een effectieve taakuitvoering van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (hierna: de AIVD) is het volgens de minister van belang dat de informatie niet wordt gedeeld. Het stuk bevat informatie van bronnen van de AIVD. Verstrekking van de informatie zou daarnaast de nationale veiligheid kunnen schaden omdat inzicht wordt gegeven in de werkwijze en het actuele kennisniveau van de AIVD.

2. Gelet op artikel 8:29, derde lid, van de Awb beslist de Afdeling of de weigering dan wel beperking van de kennisneming van een stuk gerechtvaardigd is. Deze beslissing vergt een afweging van belangen. Enerzijds speelt hierbij het belang dat partijen gelijkelijk beschikken over de voor het hoger beroep relevante informatie en het belang dat de bestuursrechter beschikt over alle informatie die nodig is om de zaak op een juiste en zorgvuldige wijze af te doen. Daartegenover staat dat de kennisneming door partijen van bepaalde gegevens het algemeen belang, het belang van één of meer partijen en/of het belang van derden onevenredig kan schaden.

3. De Afdeling heeft kennis genomen van het stuk en de bijlagen. Zij bevatten informatie die de AIVD heeft verkregen van bronnen. Ook staat er informatie in over de werkwijze en het actuele kennisniveau van de AIVD. Naar het oordeel van de Afdeling wegen in dit geval de belangen van de bescherming van de bronnen en van de nationale veiligheid zwaarder dan het belang dat de partijen kennis nemen van het stuk. De belangen van de bescherming van de bronnen en van de nationale veiligheid zouden in gevaar kunnen worden gebracht als de gegevens uit het stuk bekend worden bij [appellant].

4. De Afdeling acht daarom het verzoek tot beperkte kennisneming gerechtvaardigd.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek toe.

Aldus vastgesteld door mr. E.J. Daalder, lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer, in tegenwoordigheid van mr. S.C. van Tuyll van Serooskerken, griffier.

w.g. Daalder

lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer

w.g. Van Tuyll van Serooskerken

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 23 oktober 2025

290

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. S.C. van Tuyll van Serooskerken

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand