ECLI:NL:RVS:2025:5690

ECLI:NL:RVS:2025:5690, Raad van State, 25-11-2025, 202407395/1/V2

Instantie Raad van State
Datum uitspraak 25-11-2025
Datum publicatie 03-12-2025
Zaaknummer 202407395/1/V2
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Hoger beroep
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537

Samenvatting

Bij besluit van 8 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om appellant een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

Uitspraak

202407395/1/V2.

Datum uitspraak: 25 november 2025

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van:

[de appellant],

appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Roermond, van 12 november 2024 in zaak nr. NL23.29837 in het geding tussen:

appellant

en

de minister van Asiel en Migratie.

Procesverloop

Bij besluit van 8 september 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om appellant een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

Bij besluit van 24 augustus 2023 heeft de staatssecretaris het daartegen door appellant gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 12 november 2024 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door [referent], hoger beroep ingesteld.

Overwegingen

1. Het hoger beroep leidt niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. De rechtbank heeft terecht overwogen dat zij bij de beoordeling van het besluit op bezwaar alleen stukken meeneemt die gaan over feiten die zich voordeden op het moment van het nemen van dat besluit. Dit is in overeenstemming met vaste rechtspraak, zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling van 9 februari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:379. Wat appellant aanvoert, is geen reden om hiervan af te wijken. De rechtbank heeft de inhoud van de stukken waarop zij in de uitspraak is ingegaan weergegeven en heeft die stukken meegenomen in haar oordeel. Uit het screenshot dat appellant met het hogerberoepschrift heeft meegestuurd kan niet worden afgeleid of er nog andere stukken zijn die de rechtbank niet in haar oordeel heeft meegenomen. Het staat appellant vrij om eventueel een nieuwe aanvraag in te dienen als hij nieuw bewijsmateriaal heeft en dit wil laten beoordelen.

1.1. Dit oordeel hoeft niet verder te worden gemotiveerd. De reden daarvoor is dat het hogerberoepschrift geen vragen bevat die in het belang van de rechtseenheid, de rechtsontwikkeling of de rechtsbescherming in algemene zin beantwoord moeten worden (artikel 91, tweede lid, van de Vw 2000).

2. Het hoger beroep is ongegrond. De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. H.G. Sevenster, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. J.W. Prins, griffier.

w.g. Sevenster

lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Prins

griffier

Uitgesproken in het openbaar op 25 november 2025

897-1143

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. J.W. Prins

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?